Samenvatting tentamenstof: meten en meetkunde
Hoofdstuk 1
Bij meten gaat het om het getalsmatig greep krijgen op eigenschappen van de wereld, bijvoorbeeld
lengte, oppervlakte, inhoud, gewicht en tijd. Bij meetkunde draait het om het verklaren en
beschrijven van de ons omringende ruimte, bijvoorbeeld plattegronden, routes en eigenschappen
van vormen en figuren.
Kwantificeren betekend ergens een getal aan toekennen.
In de stelling van Pythagoras komen meten en meetkunde samen. Deze stelling beschrijft de vaste
relatie tussen de lengtes van de drie zijden van een rechthoekige driehoek: a² + b² = c².
Construeren is bouwen, representeren is afbeelden van de werkelijkheid, zoals op een
bouwtekening.
Hoofdstuk 2
Een voorbeeld van een maatreferentie is bijvoorbeeld 50 kilometer per uur is de maximale snelheid
binnen de bebouwde kom.
De afstand waarbinnen het meetresultaat ligt, noem je het meetinterval.
Eenheden:
1 liter = 1 dm³
1 are = 1 dam²
1 bunder = 1 hm² of 1 hectare
1 ons = 100 gram
1 pond = 500 gram
1 cc staat voor 1 kubieke centimeter.
Al deze eenheden staan vast in het SI-stelsel, het Internationaal Stelsel van Eenheden.
In Amerika wordt gebruik gemaakt van het imperiale stelsel:
1 inch = 2,53 cm.
1 foot = 30,48 cm.
1 yard = 91,44 cm.
1 mile = 1609,344 m.
AE staat voor de astronomische eenheden. 1 AE staat gelijk aan de afstand van de aarde tot de zon,
ongeveer 150 miljoen kilometer.
Omtrek: lengte + breedte + lengte + breedte.
Omtrek cirkel: π x diameter of 2 x π x r (straal).
Oppervlakte: lengte x breedte.
Oppervlakte cirkel: r2 x π
Inhoud: lengte x breedte x hoogte. Inhoud wordt ook wel volume genoemd.
Inhoud bol: π x r2 x hoogte.
Graden Celsius omrekenen naar graden Fahrenheit:
Graden Celsius = 5/9 x (graden Fahrenheit – 32).
Graden Fahrenheit = 9/5 x graden Celsius + 32.
Als je van meter per seconde naar kilometer per uur gaat, vermenigvuldig je met 3,6.
1
, Hoeken hebben als eenheid graden. Als een hoed 90 graden is, is er sprake van een loodrechte hoek
en met 360 graden draai je helemaal rond.
8 bits vormen samen 1 byte.
Hoofdstuk 3
Leerlijn meten:
2
Hoofdstuk 1
Bij meten gaat het om het getalsmatig greep krijgen op eigenschappen van de wereld, bijvoorbeeld
lengte, oppervlakte, inhoud, gewicht en tijd. Bij meetkunde draait het om het verklaren en
beschrijven van de ons omringende ruimte, bijvoorbeeld plattegronden, routes en eigenschappen
van vormen en figuren.
Kwantificeren betekend ergens een getal aan toekennen.
In de stelling van Pythagoras komen meten en meetkunde samen. Deze stelling beschrijft de vaste
relatie tussen de lengtes van de drie zijden van een rechthoekige driehoek: a² + b² = c².
Construeren is bouwen, representeren is afbeelden van de werkelijkheid, zoals op een
bouwtekening.
Hoofdstuk 2
Een voorbeeld van een maatreferentie is bijvoorbeeld 50 kilometer per uur is de maximale snelheid
binnen de bebouwde kom.
De afstand waarbinnen het meetresultaat ligt, noem je het meetinterval.
Eenheden:
1 liter = 1 dm³
1 are = 1 dam²
1 bunder = 1 hm² of 1 hectare
1 ons = 100 gram
1 pond = 500 gram
1 cc staat voor 1 kubieke centimeter.
Al deze eenheden staan vast in het SI-stelsel, het Internationaal Stelsel van Eenheden.
In Amerika wordt gebruik gemaakt van het imperiale stelsel:
1 inch = 2,53 cm.
1 foot = 30,48 cm.
1 yard = 91,44 cm.
1 mile = 1609,344 m.
AE staat voor de astronomische eenheden. 1 AE staat gelijk aan de afstand van de aarde tot de zon,
ongeveer 150 miljoen kilometer.
Omtrek: lengte + breedte + lengte + breedte.
Omtrek cirkel: π x diameter of 2 x π x r (straal).
Oppervlakte: lengte x breedte.
Oppervlakte cirkel: r2 x π
Inhoud: lengte x breedte x hoogte. Inhoud wordt ook wel volume genoemd.
Inhoud bol: π x r2 x hoogte.
Graden Celsius omrekenen naar graden Fahrenheit:
Graden Celsius = 5/9 x (graden Fahrenheit – 32).
Graden Fahrenheit = 9/5 x graden Celsius + 32.
Als je van meter per seconde naar kilometer per uur gaat, vermenigvuldig je met 3,6.
1
, Hoeken hebben als eenheid graden. Als een hoed 90 graden is, is er sprake van een loodrechte hoek
en met 360 graden draai je helemaal rond.
8 bits vormen samen 1 byte.
Hoofdstuk 3
Leerlijn meten:
2