Voeding
Inhoudsopgave
Voeding ..............................................................................................................................1
Hoorcolleges ......................................................................................................................2
Hoorcollege 1 ......................................................................................................................2
Hoorcollege 2 ......................................................................................................................7
Hoorcollege 3 .................................................................................................................... 13
Hoorcollege 4 .................................................................................................................... 20
Hoorcollege 5 .................................................................................................................... 28
Zelfstudies ....................................................................................................................... 35
E-module: de Weende Analyse ........................................................................................... 35
E-module: koolhydraten 1 .................................................................................................. 38
E-module: eiwitten............................................................................................................. 41
E-module: vet .................................................................................................................... 44
E-module: koolhydraten 2 .................................................................................................. 47
,Hoorcolleges
Hoorcollege 1
Voeding speelt een belangrijke rol in dierenwelzijn, dierengezondheid en productie.
Body compositie (% van het gewicht)
- Blauw = water
- Geel = eiwitten
- Rood = vet
- Groen = mineralen
De lichaamssamenstelling van dieren is best wel constant. Alleen het vetpercentage verscheelt
heel erg tussen de diersoorten.
Het dierenlichaam heeft voeding nodig voor de bouwstenen. In de voeding zitten nutriënten:
- Eiwitten → 23,8 KJ/g
o Bouwstenen en energie
- Vet 39,0 KJ/g
o Energie en bouwstenen
- Koolhydraten 17 KJ/g
o Energie
- Water
- Mineralen
- Vitaminen
,Er is ook energie nodig en die haalt het dier uit de koolhydraten, vetten en eiwitten. Je ziet dat vet
het meeste energie heeft.
De energie komt uit de planten.
Planten krijgen hun energie via de
fotosynthese. Koolstofdioxide en
water worden omgezet tot
koolhydraten en zuurstof.
- Primaire consument – plantaardig materiaal eten
- Secundaire consument
- Tertiaire consument – is de mens
Nutriënten zijn nodig voor de groei van jonge dieren. Toename van het bodygewicht wordt
veroorzaakt door water, eiwitten, vetten en mineralen (de laatste 3 komen uit de voeding). Ook
zijn nutriënten nodig voor de productie van onder andere melk, maar ook dracht. Dwaaarnaast
zijn er ook nutriënten nodig voor de onderhoud van het lichaam.
Nutriëntenbalans
Een positieve nutriëntenbalans: nutriënten inname > nutriënten excretie.
De nutriëntenbalans voor onderhoud van het lichaam is 0. Dus de inname en excretie is gelijk
aan elkaar. Een groot deel van nutriënten gaat verloren via de feces en urine en een heel klein
deel verlies je via de huid. Dit is het endogeen verlies. Het endogeen verlies via de feces bestaat
uit: epitheelcellen van MDK, mucus en enzymen. Het endogeen verlies via de urine bestaat uit
mineralen en eiwitten. Dit moet dus gecompenseerd worden met de onderhoudsbehoefte.
Een kat die melk produceert heeft ook een nutriëntenbalans van 0, want melk is ook een manier
van excretie.
, Dit komt doordat de
koe drachtig is,
daarom is die in een
positieve
nutriëntenbalans. Dit
kan ook voorkomen
bij groei. Andere
redenen zijn
pathologisch, zoals
diabetes type II,
hyperlipoproteïnemia,
meer koper inname
dan excretie,
kopervergiftiging.
Een negatieve nutriëntenbalans kan komen door: inname < excretie
- Te weinig voedselinname
- Nutriëntenabsorptie is te weinig
o Te weinig nutriënten in de voeding
o Aanwezigheid van remmende factoren voor opname
Verschijnselen: cachexie, hepatische lipidosis, secundaire hyper(para)thyroidism, vitamine D
deficiency, hypocalciemie.
Conceptuele relatie tussen de nutriëntenvoorziening uit voer en de gezondheid en
productie van het dier
Bij een groot vlak zit je tussen de juiste marge
van nutriëntenopname. Als je te weinig
nutriënten opneemt heb je te maken met een
deficiency en bij te veel heb je te maken met
toxiciteit.
Inhoudsopgave
Voeding ..............................................................................................................................1
Hoorcolleges ......................................................................................................................2
Hoorcollege 1 ......................................................................................................................2
Hoorcollege 2 ......................................................................................................................7
Hoorcollege 3 .................................................................................................................... 13
Hoorcollege 4 .................................................................................................................... 20
Hoorcollege 5 .................................................................................................................... 28
Zelfstudies ....................................................................................................................... 35
E-module: de Weende Analyse ........................................................................................... 35
E-module: koolhydraten 1 .................................................................................................. 38
E-module: eiwitten............................................................................................................. 41
E-module: vet .................................................................................................................... 44
E-module: koolhydraten 2 .................................................................................................. 47
,Hoorcolleges
Hoorcollege 1
Voeding speelt een belangrijke rol in dierenwelzijn, dierengezondheid en productie.
Body compositie (% van het gewicht)
- Blauw = water
- Geel = eiwitten
- Rood = vet
- Groen = mineralen
De lichaamssamenstelling van dieren is best wel constant. Alleen het vetpercentage verscheelt
heel erg tussen de diersoorten.
Het dierenlichaam heeft voeding nodig voor de bouwstenen. In de voeding zitten nutriënten:
- Eiwitten → 23,8 KJ/g
o Bouwstenen en energie
- Vet 39,0 KJ/g
o Energie en bouwstenen
- Koolhydraten 17 KJ/g
o Energie
- Water
- Mineralen
- Vitaminen
,Er is ook energie nodig en die haalt het dier uit de koolhydraten, vetten en eiwitten. Je ziet dat vet
het meeste energie heeft.
De energie komt uit de planten.
Planten krijgen hun energie via de
fotosynthese. Koolstofdioxide en
water worden omgezet tot
koolhydraten en zuurstof.
- Primaire consument – plantaardig materiaal eten
- Secundaire consument
- Tertiaire consument – is de mens
Nutriënten zijn nodig voor de groei van jonge dieren. Toename van het bodygewicht wordt
veroorzaakt door water, eiwitten, vetten en mineralen (de laatste 3 komen uit de voeding). Ook
zijn nutriënten nodig voor de productie van onder andere melk, maar ook dracht. Dwaaarnaast
zijn er ook nutriënten nodig voor de onderhoud van het lichaam.
Nutriëntenbalans
Een positieve nutriëntenbalans: nutriënten inname > nutriënten excretie.
De nutriëntenbalans voor onderhoud van het lichaam is 0. Dus de inname en excretie is gelijk
aan elkaar. Een groot deel van nutriënten gaat verloren via de feces en urine en een heel klein
deel verlies je via de huid. Dit is het endogeen verlies. Het endogeen verlies via de feces bestaat
uit: epitheelcellen van MDK, mucus en enzymen. Het endogeen verlies via de urine bestaat uit
mineralen en eiwitten. Dit moet dus gecompenseerd worden met de onderhoudsbehoefte.
Een kat die melk produceert heeft ook een nutriëntenbalans van 0, want melk is ook een manier
van excretie.
, Dit komt doordat de
koe drachtig is,
daarom is die in een
positieve
nutriëntenbalans. Dit
kan ook voorkomen
bij groei. Andere
redenen zijn
pathologisch, zoals
diabetes type II,
hyperlipoproteïnemia,
meer koper inname
dan excretie,
kopervergiftiging.
Een negatieve nutriëntenbalans kan komen door: inname < excretie
- Te weinig voedselinname
- Nutriëntenabsorptie is te weinig
o Te weinig nutriënten in de voeding
o Aanwezigheid van remmende factoren voor opname
Verschijnselen: cachexie, hepatische lipidosis, secundaire hyper(para)thyroidism, vitamine D
deficiency, hypocalciemie.
Conceptuele relatie tussen de nutriëntenvoorziening uit voer en de gezondheid en
productie van het dier
Bij een groot vlak zit je tussen de juiste marge
van nutriëntenopname. Als je te weinig
nutriënten opneemt heb je te maken met een
deficiency en bij te veel heb je te maken met
toxiciteit.