H20 Vermogensstructuur, risico en
afdekking
20.1 Vermogensstructuur
Financiële structuur: samenstelling van kapitaalstructuur en vermogensstructuur
Kapitaalstructuur
Financiële
structuur
Vermogenstructuur
Stappenplan financiële structuur vaststellen:
1. Samenstelling van de activa (kapitaalstructuur)
2. Totale vermogensbehoefte
3. Soorten beschikbare vermogen
Dit stappenplan leidt tot de financieringsbegroting en ook tot een bepaalde samenstelling van het
vermogen (vermogensstructuur)
Bij de vraag hoe in de vermogensbehoeften moet worden voorzien, is het uitgangspunt van een
onderneming vaak dat de looptijd van het aan te trekken vermogen zo goed mogelijk moet
aansluiten van het in de activa te investeren vermogen.
Het streven naar een juiste afstemming van de levensduur van de activa en de looptijd van de
financiering daarvoor vloeit voort uit het gegeven dat de onderneming wil vorkomen dat
betalingsmoeilijkheden optreden.
Dat uitgangspunt leidt tot de volgende regels:
- In permanente vermogensbehoeften moet worden voorzien met permanent vermogen;
- In langdurig tijdelijke behoeften moet worden voorzien met langdurig tijdelijk vermogen;
- In kortstondig tijdelijke behoeften moet worden voorzien met kortstondig tijdelijk vermogen.
Betalingsproblemen kan ook voorkomen worden door:
- Langdurig tijdelijke vermogensbehoefte te financieren met permanent vermogen;
- Kortstondig tijdelijk vermogensbehoefte te financieren met langdurig tijdelijk of permanent
vermogen.
Lang vermogen is vaak voordeliger dan kort vermogen, door interestkosten.
Hefboomeffect door de verhouding vreemd vermogen en eigen vermogen
Als een onderneming met haar activiteiten een rendement behaalt dat hoger is dan het
rentepercentage dat ze voor vreemd vermogen moet betalen, verdient ze niet alleen aan haar
bedrijfsactiviteiten, maar ook nog op het geleende bedrag.
afdekking
20.1 Vermogensstructuur
Financiële structuur: samenstelling van kapitaalstructuur en vermogensstructuur
Kapitaalstructuur
Financiële
structuur
Vermogenstructuur
Stappenplan financiële structuur vaststellen:
1. Samenstelling van de activa (kapitaalstructuur)
2. Totale vermogensbehoefte
3. Soorten beschikbare vermogen
Dit stappenplan leidt tot de financieringsbegroting en ook tot een bepaalde samenstelling van het
vermogen (vermogensstructuur)
Bij de vraag hoe in de vermogensbehoeften moet worden voorzien, is het uitgangspunt van een
onderneming vaak dat de looptijd van het aan te trekken vermogen zo goed mogelijk moet
aansluiten van het in de activa te investeren vermogen.
Het streven naar een juiste afstemming van de levensduur van de activa en de looptijd van de
financiering daarvoor vloeit voort uit het gegeven dat de onderneming wil vorkomen dat
betalingsmoeilijkheden optreden.
Dat uitgangspunt leidt tot de volgende regels:
- In permanente vermogensbehoeften moet worden voorzien met permanent vermogen;
- In langdurig tijdelijke behoeften moet worden voorzien met langdurig tijdelijk vermogen;
- In kortstondig tijdelijke behoeften moet worden voorzien met kortstondig tijdelijk vermogen.
Betalingsproblemen kan ook voorkomen worden door:
- Langdurig tijdelijke vermogensbehoefte te financieren met permanent vermogen;
- Kortstondig tijdelijk vermogensbehoefte te financieren met langdurig tijdelijk of permanent
vermogen.
Lang vermogen is vaak voordeliger dan kort vermogen, door interestkosten.
Hefboomeffect door de verhouding vreemd vermogen en eigen vermogen
Als een onderneming met haar activiteiten een rendement behaalt dat hoger is dan het
rentepercentage dat ze voor vreemd vermogen moet betalen, verdient ze niet alleen aan haar
bedrijfsactiviteiten, maar ook nog op het geleende bedrag.