Gezondheid
Inhoudsopgave
Gezondheid & Ziekte...................................................................................................... 2
Gedrag & Determinanten................................................................................................ 3
Bewegen, Voeding & Leefomgeving................................................................................4
Preventie & Beleid.......................................................................................................... 5
Ethiek & Sociaal.............................................................................................................. 6
Middelengebruik............................................................................................................. 7
Zelfmanagement en Zelfredzaamheid............................................................................8
Health Literacy en eHealth............................................................................................. 8
Positieve psychologie en welzijn.....................................................................................8
Motivatie en verandering................................................................................................ 9
Zorg en preventie........................................................................................................... 9
Stress en veerkracht..................................................................................................... 10
1
, Gezondheid & Ziekte
Salutogenese = Benadering die zich richt op factoren die gezondheid
bevorderen i.p.v. oorzaken van ziekte (sense of coherence:
begrijpelijkheid, hanteerbaarheid, betekenisgeving).
Pathogenese = Benadering die ziekte verklaart vanuit oorzaken,
risicofactoren en ziekteprocessen.
Health literacy (gezondheidsvaardigheden) = Vermogen om
gezondheidsinformatie te vinden, begrijpen, beoordelen en toepassen.
Prevalentie = Aantal bestaande gevallen van een ziekte in een populatie
op een bepaald moment.
Incidentie = Aantal nieuwe gevallen van een ziekte in een bepaalde
periode.
Morbiditeit = Mate waarin ziekte en aandoeningen voorkomen in een
populatie.
Mortaliteit = Sterfte in een populatie, vaak uitgedrukt per periode.
Critical life events (normatief/niet-normatief) = Ingrijpende
levensgebeurtenissen; normatief (verwacht, bv. pensioen) en
niet-normatief (onverwacht, bv. ongeluk).
2