Week 1 verbintenissenrecht begrepen Hoofdstuk 1, 2 & 4
Wat is een verbintenis? Een verbintenis kun je omschrijven als iets wat je volgens het recht verplicht
bent om te doen of te laten. Deze verplichting tot een doen of laten noemen we een prestatie. We spreken
alleen van verbintenissen als het gaat om een verplichting tot prestaties die ‘geld waard zijn’. Dit noemen
we prestatie die op geld waardeerbaar moet zijn.
Bij een verbintenis zijn altijd minimaal twee partijen betrokken. De ene partij heeft recht op iets,
waartoe de andere partij verplicht is. Verbintenissen moeten dus worden nagekomen. Dat wil zeggen dat
je volgens het recht niet vrij bent om te bepalen of je wel of niet aan je verbintenis zult voldoen. Kom je de
verbintenis niet na? Dan ben je aansprakelijk voor de gevolgen.
Definitie verbintenis: een verbintenis is een juridische relatie tussen twee of meerdere partijen. Waarbij
de ene partij verplicht is tot een op geld waardeerbare prestatie waarop de andere partij recht heeft.
Ontstaan van een verbintenis: verbintenissen kunnen op twee manieren ontstaan: uit de wet of uit een
overeenkomst.
Een overeenkomst is een afspraak tussen partijen die tot stand komt door aanbod en aanvaarding, de
wilsovereenstemming is hier dus van belang.
Voorbeeld: overeenkomst tot geldleen bij de bank ontstaat dus door aanbod en aanvaarding. Je bent
verplicht het geleende geld terug te betalen aan de bank inclusief de overeengekomen rente.
Bij de meeste overeenkomsten ontstaan er twee verbintenissen. 1e verbintenis zal tenietgaan nadat de
bank jou het volledige leenbedrag ter beschikking heeft gesteld. En de 2 e verbintenis zal pas tenietgaan
nadat je betalingsverplichting hebt voldaan.
De prestatie is het object van een verbintenis. Jij en de wederpartij zijn rechtssubjecten ‘dragers van
rechten en plichten’. Diegene die recht heeft op een prestatie wordt een schuldeiser genoemd ofwel
crediteur. Schuldenaar daarentegen wordt een debiteur genoemd dit betekent dat jij de prestatie zelf moet
gaan verrichten. Door het sluiten van een overeenkomst kan je dus zowel crediteur als debiteur zijn.
Wanprestatie: is een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis. Dus bijv. het niet tijdig betalen
van een telefoonabonnement. Het verbintenisrecht regelt wie er aansprakelijk is voor de schade die jij, of
het telefoonbedrijf lijdt door een tekortkoming in de nakoming.
Soorten verbintenissen
- arbeidsovereenkomst: werkgever is verplicht je te betalen, werknemer is verplicht arbeid te verrichten
- koopovereenkomst: consument betaald koffie aanvaarding, koffiebedrijf is verplicht aanbod te leveren.
- huurovereenkomst: huurder is verplicht huur te betalen, verhuurder is verplicht gehuurde object ter
beschikking te stellen van de huurder. Hier tegenover staat recht op huurpenning en recht op het gebruik
van een woning.
,Voorbeeld: bij de reparatie van een fiets zal de fietsenmaker arbeid verrichten (een dienst), maar zal ook
het wiel vervangen dat noemt men het leveren van een zaak.
Een verbintenis kan ook een verplichting inhouden om iets niet te doen. De prestatie bestaat dan niet uit
een doen, maar uit een nalaten. Bijv. een concurrentiebeding bij een arbeidsovereenkomst. Na je
beëindiging van dienstverband ben je verplicht om iets na te laten -> er ontstaat een verbintenis om niet in
dienst te treden bij de concurrent.
Kortom bestaan overeenkomsten door aanbod en aanvaarding.
De onrechtmatige daad is de belangrijkste bron van verbintenissen – na overeenkomsten -.
Voorbeeld: je laat een dure vaas vallen bij je moeder thuis, je moeder zegt laat maar ik was toch al
uitgekeken op die vaas. Je moeder doet juridisch gezien afstand van haar recht op een schadevergoeding.
Jij bent diegene die wel wettelijk aanspraak wordt gesteld omdat je de onrechtmatige daad hebt gepleegd.
Voor aansprakelijkheid uit een onrechtmatige daad kun je een WA-verzekering sluiten; een verzekering
tegen wettelijke aansprakelijkheid. Dit is een overeenkomst tussen jou en de verzekeraar. Voor de
verzekerde ontstaat de verbintenis tot het betalen van een maandelijkse premie terwijl voor de
verzekeraar de verbintenis ontstaat tot het vergoeden van de geleden schade.
Bij een onrechtmatige daad ontstaat de aansprakelijkheid onafhankelijk van de wil. De verbintenis volgt
direct uit de wet door een feitelijke handeling. Voor het ontstaan van een overeenkomst met bijbehorende
verbintenissen zijn er rechtshandelingen nodig - een aanbod en aanvaarding – waaruit blijkt dat de
betrokken partijen willen dat de overeenkomst ontstaat.
Overeenkomsten die uit de wet volgt: rechtmatige daad
- onverschuldigde betaling
- ongerechtvaardigde verrijking
- zaakwaarneming
,Begrippen
Personenrecht: regelt in de eerste plaats wie er in het privaatrecht drager kunnen zijn van rechten en
plichten. Het kan worden onderverdeeld in het personen- en familierecht: voor natuurlijke personen, en
het rechtspersonenrecht bevat de regels die zoal uit de naam blijkt, gelden voor rechtspersonen. Het
bepaalt wat we precies moeten verstaan onder een: NV, BV, Stichting of een vereniging.
Rechtspersonen: overlijden niet en bieden hierdoor in het handelsverkeer continuïteit en zekerheid voor
klanten die met het bedrijf een overeenkomst willen sluiten.
Vermogensrecht: onder vermogen verstaan we alles wat een natuurlijke persoon of rechtspersoon bezit
en op geld waardeerbaar is. Het valt uiteen in het goederenrecht en verbintenissenrecht. Het
personenrecht bepaalt wie er in het privaatrecht vermogen kunnen hebben. Het goederenrecht bepaalt in
de eerste plaats waaruit een vermogen kan bestaan. En het verbintenissen bepaalt geeft vervolgens hoe je
een vermogen kunt verhandelen en bepaalt wat er gebeurt als iemand schade toebrengt aan je vermogen,
zoals in het geval van een onrechtmatige daad.
Beginselen en uitgangspunten van het privaatrecht
, - Contactsvrijheid: partijen in verbintenissenrecht zijn vrij om overeen te komen wat zij willen, zolang
het niet verboden is.
- Pacta sunt servanda: overeenkomsten moeten worden nagekomen, wanneer partijen uit vrije wil
hebben besloten een overeenkomst aan te gaan moet deze in beginsel volledig worden nagekomen. Belofte
maakt schuld.
- Vormvrijheid: zolang de wetgever niet expliciet anders bepaalt, geldt er geen speciale vorm waarin
handelingen verricht moeten worden.
Dwingend recht: er mag niet worden afgeweken bijv. een testament dat je alleen rechtsgeldig door de
notaris kunt laten opstellen.
Regelend (aanvullend) recht: partijen mogen afwijken als ze dat willen, spreken ze niets af? Dan vult
de aanvullende rechtsregel het gat op.
- De redelijkheid en billijkheid: redelijkheid verwijst naar verstand (of ratio) terwijl billijkheid verwijst
naar ons rechtsgevoel. Als een situatie onduidelijk is omdat partijen er niets over hebben afgesproken, en
de wet ook geen aanvullende bepalingen geeft, hebben de redelijkheid en billijkheid een aanvullende
werking.
Derogerende werking Art. 6:248 lid 2 BW speelt alleen een rol als in een extreme situatie, juist omdat
er dan anders strijd ontstaat met het tweede beginsel: pacta sunt servanda.
- Bijzonder gaat voor algemeen: hiermee wordt uitgedrukt dat als een situatie is waarin twee
rechtsregels op een situatie betrekking hebben, de bijzondere regel voor gaat.
Gelijk hebben en gelijk halen: het is niet alleen van belang wie er gelijk heeft, maar ook of je dat gelijk
evt. via een gerechtelijke procedure kunt halen. De materiële regels bepalen namelijk wat je moet kunnen
bewijzen om in een procedure gelijk te halen.
Hoofdregels: wie stelt bewijst of wie eist bewijst,
Partijdigheid: getuigenverklaring van de partijen zelf zal de rechter niet veel waarde hechten.
Rechtsfeiten zijn alle feiten waar het recht gevolgen aan verbindt. Aanbod en aanvaarding vallen onder
rechtshandelingen, omdat zij rechtsgevolgen kunnen voortbrengen zijn het rechtsfeiten. Een
rechtshandeling is een bewuste menselijke handeling. De wil van het rechtssubject moet gericht zijn op
het rechtsgevolg. Ook zijn overeenkomsten rechtsfeiten.
Overeenkomsten waaruit verbintenissen voortvloeien noemen we verbintenisscheppende
overeenkomsten of obligatoire overeenkomsten. Een huwelijk daarentegen wordt een familierechtelijke
overeenkomst genoemd.
Overeenkomst waarbij partijen een verplichting op zich nemen noemen we een wederkerige
overeenkomst/eenzijdige overeenkomst. Een dergelijke overeenkomst noemen we niet-wederkerige
overeenkomst. Er is ook een overeenkomst tussen twee partijen waaruit 1 verbintenis ontstaat, dat is het
geval bij een schenking waarbij slechts 1 partij de verplichting op zich neemt.
Bij een meerzijdige rechtshandeling is de wilsovereenkomst vereist van minimaal 2 of meerdere partijen.
Art. 3:33 BW
Blote rechtsfeiten worden niet veroorzaakt door menselijke handelingen, een voorbeeld hiervan is een
geboorte of overlijden.
Begrip:
- rechtspositie: het geheel aan rechten en verplichtingen van een rechtssubject.