Inhoudsopgave
Recht in het algemeen 1
De wetgeving 2
Rechtspraak 2
Bestuursrecht 4
Burgerlijk recht 5
Goederenrecht 5
Verbintenissenrecht - overeenkomsten 7
Verbintenissenrecht 10
Ondernemingsrecht 10
Arbeidsrecht 12
Strafrecht 13
Europees recht 14
Faillisementsrecht 16
Overige aantekeningen 17
,Recht in het algemeen
Rechtsbronnen:
1. Wet
2. Jurisprudentie → Uitspraak van vorige casus gebruiken als uitgangspunt voor een casus.
De uitspraak varieert in ‘sterkte’
Hoge raad → Als zij iets zeggen staat het vast als richtlijn
5 gerechtshoven → Zitten op verschillende locaties
Rechtbanken → Kantonrechters
3. Gewoonte
4. Verdragen en sommige besluiten van internationale organisaties → Verdragen staan boven
de wet.
Objectief recht → Geldt voor iedereen
Subjectief recht → Is op 1 persoon of 1 deel van de samenleving van toepassing
Materieel recht → Inhoud van de wet
- Privaatrecht (BW)
- Strafrecht (Sr)
- Bestuursrecht (Awb)
Formeel recht → De vorm of procedure staat centraal, niet de inhoud
- Burgerlijk procesrecht (Rv)
- Strafprocesrecht (Sv)
- Bestuursprocesrecht (Awb)
Publiekrecht → Regels over inrichting Staat, bevoegdheden van zijn organen en uitvoering van
exclusief aan de overheid opgedragen taken
- Staatsrecht → Regels over organisatie van de Staat, op de bevoegdheden van
staatsorganen en op de grondrechten.
- Bestuursrecht → Bevoegdheden van bestuursorganen.
- Bestuursorganen → Regering, gemeenten, provincies, waterschappen
- Trias Politica → Staatsmacht moet worden gescheiden in drie machten:
- De wetgevende macht → Regering
- De uitvoerende macht → Regering en Staten generaal
- De rechtsprekende macht → Rechterlijke macht
-
- Strafrecht → Welke feiten strafbaar zijn, wie de dader is en welke sancties er zijn.
- Materieel Strafrecht (Sr) → Strafbare feiten, sancties
- Formeel strafrecht (Sv) → Opsporing, terechtzitting, tenuitvoerlegging.
- 2 soorten strafbare feiten:
- Overtreding → Kleine vergrijpen → Kantonrechter.
- Misdrijf → Ernstige strafbare feiten
- Nationaal en internationaal recht
- Monisme → Regerende en wetgevende macht staan dicht bij elkaar (Nederland).
- Dualisme → Regerende en wetgevende macht staan ver uit elkaar.
- Voorrang voor een voor ieder verbindend gedrag (art. 94 Gw)
Privaatrecht / civiel recht / burgerlijk recht → Regels tussen (rechts)personen
- Personen en familierecht
- Rechtspersonenrecht
- Vermogensrecht
Common law
1
, - Amerika en Engeland
- Wet niet gecodificeerd, recht gevormd door precedenten → uitspraken van eerdere rechters
zijn bepalend.
- Rechter spreekt de rol van scheidsrechter
- Bepalen van de straf is aan de jury → Leken → Iemand die er geen verstand van heeft.
- Rechter kan niet altijd over de jury heen.
Civil law
- Nederland
- Wet gecodificeerd
- Rechter is feiten vastleggen en bepaalt strafmaat
-----------------------------------------------------------
De wetgeving
De wet
- Algemeen verbindende voorschriften:
- Formele zin → Opgesteld door Staten Generaal en regering.
- Staten Generaal vertegenwoordigd het Nederlandse volk. Hieronder komen:
- De regering AMvB’s (art. 89 lid 1 Gw)
- Minister → Ministeriële regeling
- Provincie → Provinciale staten (art. 127 Gw / art. 145 Provinciewet)
- Gemeente → Gemeenteraad (art. 127 Gw / art. 149 Gemeentewet)
- Materiële zin → Algemeen verbindend voorschrift.
Hiërarchie van wetgeving:
1. Ieder verbindende verdragsbepaling en EU-recht
2. Grondwet
3. Wetten in formele zin
4. Algemene maatregel van bestuur
5. Ministeriële regeling
6. Provinciale verordeningen
7. Gemeentelijke en waterschapsverordening
Verordening → Algemeen verbindend voorschrift → Rechtstreekse werking.
Verdrag → Mag getoetst worden aan wettelijke regeling, niet aan de grondwet.
Klassieke grondrechten → Tot en met art. 18 lid 1.
Sociale grondrechten → Art. 18 lid 2 tot en met 23 lid 1.
-----------------------------------------------------------
Rechtspraak
Beginselen van rechtspraak
- Recht op een eerlijk proces (art. 6 EVRM) → Art. 121 Gw, art. 117 Gw, art. 19 Rv, art. 20 Rv.
3 soorten gerechten (art. 2 RO, art. 42 RO):
3 Rechtsgebieden → Burgerlijk recht, strafrecht en bestuursrecht.
Absolute bevoegdheid
Privaatrecht:
- Kantonrechter (art. 93 en 94 Rv)
2
Recht in het algemeen 1
De wetgeving 2
Rechtspraak 2
Bestuursrecht 4
Burgerlijk recht 5
Goederenrecht 5
Verbintenissenrecht - overeenkomsten 7
Verbintenissenrecht 10
Ondernemingsrecht 10
Arbeidsrecht 12
Strafrecht 13
Europees recht 14
Faillisementsrecht 16
Overige aantekeningen 17
,Recht in het algemeen
Rechtsbronnen:
1. Wet
2. Jurisprudentie → Uitspraak van vorige casus gebruiken als uitgangspunt voor een casus.
De uitspraak varieert in ‘sterkte’
Hoge raad → Als zij iets zeggen staat het vast als richtlijn
5 gerechtshoven → Zitten op verschillende locaties
Rechtbanken → Kantonrechters
3. Gewoonte
4. Verdragen en sommige besluiten van internationale organisaties → Verdragen staan boven
de wet.
Objectief recht → Geldt voor iedereen
Subjectief recht → Is op 1 persoon of 1 deel van de samenleving van toepassing
Materieel recht → Inhoud van de wet
- Privaatrecht (BW)
- Strafrecht (Sr)
- Bestuursrecht (Awb)
Formeel recht → De vorm of procedure staat centraal, niet de inhoud
- Burgerlijk procesrecht (Rv)
- Strafprocesrecht (Sv)
- Bestuursprocesrecht (Awb)
Publiekrecht → Regels over inrichting Staat, bevoegdheden van zijn organen en uitvoering van
exclusief aan de overheid opgedragen taken
- Staatsrecht → Regels over organisatie van de Staat, op de bevoegdheden van
staatsorganen en op de grondrechten.
- Bestuursrecht → Bevoegdheden van bestuursorganen.
- Bestuursorganen → Regering, gemeenten, provincies, waterschappen
- Trias Politica → Staatsmacht moet worden gescheiden in drie machten:
- De wetgevende macht → Regering
- De uitvoerende macht → Regering en Staten generaal
- De rechtsprekende macht → Rechterlijke macht
-
- Strafrecht → Welke feiten strafbaar zijn, wie de dader is en welke sancties er zijn.
- Materieel Strafrecht (Sr) → Strafbare feiten, sancties
- Formeel strafrecht (Sv) → Opsporing, terechtzitting, tenuitvoerlegging.
- 2 soorten strafbare feiten:
- Overtreding → Kleine vergrijpen → Kantonrechter.
- Misdrijf → Ernstige strafbare feiten
- Nationaal en internationaal recht
- Monisme → Regerende en wetgevende macht staan dicht bij elkaar (Nederland).
- Dualisme → Regerende en wetgevende macht staan ver uit elkaar.
- Voorrang voor een voor ieder verbindend gedrag (art. 94 Gw)
Privaatrecht / civiel recht / burgerlijk recht → Regels tussen (rechts)personen
- Personen en familierecht
- Rechtspersonenrecht
- Vermogensrecht
Common law
1
, - Amerika en Engeland
- Wet niet gecodificeerd, recht gevormd door precedenten → uitspraken van eerdere rechters
zijn bepalend.
- Rechter spreekt de rol van scheidsrechter
- Bepalen van de straf is aan de jury → Leken → Iemand die er geen verstand van heeft.
- Rechter kan niet altijd over de jury heen.
Civil law
- Nederland
- Wet gecodificeerd
- Rechter is feiten vastleggen en bepaalt strafmaat
-----------------------------------------------------------
De wetgeving
De wet
- Algemeen verbindende voorschriften:
- Formele zin → Opgesteld door Staten Generaal en regering.
- Staten Generaal vertegenwoordigd het Nederlandse volk. Hieronder komen:
- De regering AMvB’s (art. 89 lid 1 Gw)
- Minister → Ministeriële regeling
- Provincie → Provinciale staten (art. 127 Gw / art. 145 Provinciewet)
- Gemeente → Gemeenteraad (art. 127 Gw / art. 149 Gemeentewet)
- Materiële zin → Algemeen verbindend voorschrift.
Hiërarchie van wetgeving:
1. Ieder verbindende verdragsbepaling en EU-recht
2. Grondwet
3. Wetten in formele zin
4. Algemene maatregel van bestuur
5. Ministeriële regeling
6. Provinciale verordeningen
7. Gemeentelijke en waterschapsverordening
Verordening → Algemeen verbindend voorschrift → Rechtstreekse werking.
Verdrag → Mag getoetst worden aan wettelijke regeling, niet aan de grondwet.
Klassieke grondrechten → Tot en met art. 18 lid 1.
Sociale grondrechten → Art. 18 lid 2 tot en met 23 lid 1.
-----------------------------------------------------------
Rechtspraak
Beginselen van rechtspraak
- Recht op een eerlijk proces (art. 6 EVRM) → Art. 121 Gw, art. 117 Gw, art. 19 Rv, art. 20 Rv.
3 soorten gerechten (art. 2 RO, art. 42 RO):
3 Rechtsgebieden → Burgerlijk recht, strafrecht en bestuursrecht.
Absolute bevoegdheid
Privaatrecht:
- Kantonrechter (art. 93 en 94 Rv)
2