College 1 Bedrijfseconomie & ondernemingsvormen
Betekenis bedrijfseconomie
Financiering: verkrijgen en behouden van geld.
Management accounting: info voor management (intern), consistent,
gedetailleerd, gericht op toekomst en geen wettelijke regels.
Financial accounting: info voor derde (extern), per kwartaal, globaal, gericht op
verleden en wettelijke regels.
Kort samengevat: financiering gaat over geld aantrekken, financial accounting
over rapporteren naar buiten, en management accounting over sturen binnen het
bedrijf.
Verschil tussen primaire en secundaire geldstromen. Hoe bereken je
deze?
Primaire geldstromen: alle geldbewegingen die direct te maken hebben met de
hoofdactiviteiten bv: verkopen van producten of betalen van leveranciers en
werknemers. PG= opbrengsten – productiekosten.
Secundaire geldstromen: activiteiten die niet direct verband houden met de
productie of verkoop. Bv: betalen van belastingen, het ontvangen van subsidies,
het betalen van rente over leningen of het investeren in nieuwe machines. SG=
alle overige geldbewegingen optellen die niet met de kernactiviteit te maken
hebben zoals: rente, aflossingen en belastingen.
,Voorbeelden:
- Uitgaande primaire geldstromen: aankoop gebouwen machines,
inkoop grondstoffen, loon, belasting over winst.
- Ingaande primaire geldstromen: verkoop producten en ontvangen
subsidies.
- Uitgaande secundaire geldstromen: aflossing (lang) vreemd
vermogen, betaling interest, betaling dividend, aflossing rekening- courant
(lopende lening)
- Ingaande secundaire geldstromen: uitgifte van aandelen, opnemen
van een lening.
Wat is het verschil tussen circulaire en lineaire economie
Lineaire economie (wegwerpeconomie): take (grondstoffen verkrijgen)– make
(product maken) – waste (product na gebruik weggegooid). Een rechte lijn van
grondstof naar afval. Lange termijn uitputting van grondstoffen en vervuiling,
omdat er steeds nieuwe materialen nodig zijn.
Circulaire economie (hergebruik & duurzaamheid): Producten en materialen
worden hergebruikt, gerepareerd of gerecycled zodat ze zo lang mogelijk in de
kringloop blijven. Het doel is om afval en verspilling te verminderen en de waarde
van grondstoffen te behouden. Bv: oude apparaten inzamelt en onderdelen
opnieuw gebruikt om nieuwe producten te maken. (people, planet, profit)
,Ondernemingsvormen
Persoonlijk vs. onpersoonlijke ondernemingsvormen
Een natuurlijk persoon BEN je (persoonlijk):
1. Eenmanszaak:
- jij neemt beslissingen (een eigenaar), hebt rechten, plichten
- privé en zakelijk vermogen (ook prive aansprakelijk)
- inkomstenbelasting over winst (box 1)
- bij overlijden eindigt de onderneming
2. Vennootschap onder Firma (VoF):
- Privé aansprakelijk
- meerdere eigenaren (firmanten)
- alle firmanten individueel afzonderlijk aansprakelijk voor de totale
schuld van de VOF (hoofdelijk aansprakelijk).
- Flink belastingvoordeel voor eigenaren (zelfstandigen- en starteraftrek)
- Vof stopt bij overlijden tenzij het vastgelegd staat dat de overblijvende
vennoten kunnen voorzetten.
3. Commanditaire vennootschap (CV)
4. Maatschap
Een rechtspersoon HEB je (onpersoonlijk)
1. Besloten vennootschap (BV) een rechtspersoon:
- Privé en zakelijke gescheiden. De Bv neemt beslissingen en heeft
rechte en plichten. Privé niet aansprakelijk.
- Aandelen op naam, niet vrij overdraagbaar
- Leiding: Directeur- grootaandeelhouder (DGA)
- Inkomstenbelasting over salaris (DGA)
- Vennootschapsbelasting over winst van BV
- Verplicht jaarrekening opstellen voor KVK
- Bij overlijden gaan aandelen naar de erfgenamen.
2. Naamloze vennootschap
3. Vereniging
4. Stichting
!!! Voorbereiding college 2: Bestuderen h1 en 2, maken: 1.7,1.8, 2.5 en 2.6) !!!
, College 2 Belastingen/ Ondernemingsplan/ Beginbalans
Ondernemingsvormen & belasting
Keuze voor ondernemingsvormen zijn bepalend door:
- Aansprakelijkheid
- Financieringsmogelijkheden
- Publiceren van financiële gegevens
- Fiscale aspecten (wetten, regels)
Andere factoren om wel/niet BV te kiezen:
- Publicatieplicht (jaarrekening KVK), eenmanszaak hoeft dat niet.
- Hogere kosten accountant: jaarrekening, aangifte vpb en IB
- Dubbele belasting: eerst over winst, aandeelhouders betalen
inkomstenbelasting (belasting over dividend)
Rechtspersonen (zoals BV of NV) betalen vennootschapsbelasting.
Belastbare winst wordt verdeeld onder twee schijven:
Formule winst voor vpb (vennootschapsbelasting): 1. omzet – kosten
(salaris DGA)
2. overig bedrag x % van schijf
3. Bedrag 1 – bedrag 2
Vraag: Bereken winst na afstek van vennootschapsbelasting.
Ook moet de onderneming 15% aan dividendbelasting afdragen!!
Natuurlijke personen betalen Inkomstenbelasting (zoals een
eenmanszaak of VOF)
1. Ondernemersaftrek (alleen voor eenmanszaak of VOF)
- Zelfstandigenaftrek (€ 6.670)
- Startersaftrek (€ 2.123)
2. MKB-winstvrijstelling: 14% van de winst
3. Belasting over inkomsten (NIET HEFFINGSKORTING)