,Inhoudsopgave
Inleiding ................................................................................................................................................... 3
Hoofdstuk 1 Huidige situatie .................................................................................................................... 4
Hoofdstuk 2 Probleemstelling .................................................................................................................. 7
Hoofdstuk 3 Doelstellingen ...................................................................................................................... 8
Hoofdstuk 4 Onderzoeksvraag en deelvragen.......................................................................................... 9
Hoofdstuk 5 Verwachte opbrengst en conclusie .................................................................................... 10
Literatuurlijst.......................................................................................................................................... 11
Bijlagen .................................................................................................................................................. 14
Bijlage A: Verplichte scholing ‘Houding en Beweging’ .................................................................... 14
Bijlage B: Empathy map.................................................................................................................... 15
Bijlage C: Uitkomsten risico-inventarisatie en -evaluatie ............................................................... 16
Bijlage D: Indeling van mobiliteitsklassen ....................................................................................... 17
Bijlage E: MIC-meldingen ................................................................................................................. 18
Bijlage G: Logboek ............................................................................................................................ 19
Bijlage H: AI-verklaring ..................................................................................................................... 21
, Inleiding
Mijn PLP IV-stage vindt plaats bij …, een grote regionale zorgorganisatie die actief is in negen
gemeenten in de provincie Overijssel. … biedt zorg aan ruim 12.000 cliënten met behulp van bijna
4.000 medewerkers en ongeveer 1.000 vrijwilligers. De organisatie biedt onder andere thuiszorg,
woonzorg, huishoudelijke hulp en mantelzorgondersteuning. De visie van … is dat mensen, ook bij
ouder worden of bij het ervaren van beperkingen, zoveel mogelijk zichzelf kunnen blijven en hun
leven naar eigen wens kunnen vormgeven. De zorg richt zich daarbij op positieve gezondheid en
wordt zo veel mogelijk in de vertrouwde omgeving geboden. Persoonsgerichte zorg, aandacht voor
mantelzorgers en het omzien naar elkaar vormen de kernwaarden (…, z.d.).
… beschikt over 55 wijkteams, verspreid over negen gemeenten. Dit aantal omvat ook twee
nachtzorgteams en twee technische verpleegkundige teams (…, z.d.). Tijdens deze stage vervul ik de
rol van coördinerend wijkverpleegkundige binnen het wijkteam …, waar zorg wordt verleend aan
voornamelijk kwetsbare, zelfstandig wonende ouderen met uiteenlopende zorgvragen. Het wijkteam
bestaat uit vijf verpleegkundigen, vijf verzorgenden IG en vier verzorgenden. Daarnaast zijn er
momenteel twee verpleegkundig leerlingen actief. De aansturing van het wijkteam ligt bij twee
coördinerend wijkverpleegkundigen. Dagelijks worden vijf wijkroutes in de ochtend en twee in de
avond uitgevoerd, waarbij collega’s hun routes zelfstandig afleggen. Naast deze routes worden
bereikbaarheidsdiensten vervuld, waarbij collega’s na hun wijkroute telefonisch beschikbaar zijn voor
cliënten. Verder wordt er intensief samengewerkt met verschillende disciplines, waaronder
huisartsen, fysiotherapeuten, wondverpleegkundigen en casemanagers dementie.
Naarmate mensen ouder worden, neemt de kans op mobiliteitsproblemen toe (Schultz, 2004). Dit
maakt dat de verpleegkundige diagnose verminderde mobiliteit en het daaraan verbonden risico op
vallen regelmatig voorkomen bij de doelgroep (kwetsbare) ouderen (Carpenito, 2017). Het gevolg
hiervan is dat valincidenten in de thuiszorg steeds vaker voorkomen (Van Achterberg et al., 2016).
Omdat thuiszorgmedewerkers hun wijkroutes zelfstandig uitvoeren, staan zij bij een valincident vaak
alleen voor de uitdaging om de cliënt op een veilige en ergonomisch verantwoorde manier te helpen,
wat de impact op zowel cliënt als medewerker vergroot.
Dit onderzoek richt zich daarom op het handelen van thuiszorgmedewerkers bij valincidenten
wanneer zij alleen aanwezig zijn. Het wijkteam beschouwt dit onderwerp als actueel en belangrijk,
omdat het direct bijdraagt aan de veiligheid van zowel cliënten als medewerkers. Bij het onderzoek
zijn er verschillende betrokkenen, zoals cliënten, naasten, collega’s, ergotherapeuten,
fysiotherapeuten, rolhouders (ergocoaches en kwaliteit en veiligheid), de verzuimcoach,
nachtzorgteams en andere thuiszorgorganisaties in …
In deze situatie-analyse volgt in hoofdstuk 1 een analyse van de huidige situatie. Hoofdstuk 2
beschrijft de probleemstelling, waarna in hoofdstuk 3 de doelstellingen van het onderzoek worden
geformuleerd. In hoofdstuk 4 wordt de onderzoeksvraag met deelvragen uiteengezet. Tot slot wordt
de situatie-analyse afgerond met de verwachte opbrengt en een conclusie.