Literairhistorische context, intertekstualiteit 1 (34.50)
Intertekstualiteit: volgens Het leven van teksten; ‘ de complexe wijze waarop een
tekst in verband staat met andere teksten en zijn betekenis aan deze relatie
ontleent: elke tekst is een knooppunt in een netwerk van andere teksten.’ = gaat
erom dat een tekst in verbinding staat met andere teksten. Gaat erom dat er een
betkeenis ontleent kan worden / gegeven wordt dor de relatie met andere teksten.
Iedere tekst staat niet op zichzelf maar vormt een puntje in een netwerk.
Julia kristeva (1967) Tekst is niet een in zichzelf besloten geheel, maar een mozaïek
van citaten en absorptie en transformatie van andere teksten. = ruime opvatting van
intertekstualiteit
Beperkte opvatting intertekstualiteit: literatuurwetenschap, met opzet aangebrachte
relaties tussen tekst en andere teksten
o Definitie: er is sprake van intertekstualiteit wanneer (1) een auteur bij het
schrijven bewust gebruik maakt van andere teksten en (2) zijn lezers
verwacht dat zij de relatie tussen zijn tekst en andere werken als
geïntendeerd beschouwen en van belang achten voor de interpretatie van
zijn tekst (Ulrich Broich en Manfred Pfister) - rol van publiek belangrijk.
Generieke intertekstualiteit: betrekking op tekst tov een genre
(tekstsoort): motieven, personages, thema’s en structuren.
Overeenkomsten en verschillen die een tekst vertoont tussen
representaten van hetzelfde genre
Specifieke intertekstualiteit: betrekking op tekst en een andere tekst.
Niet relaites voornaamste maar de functies. Neemt bepaalde positie
in tov van ander werk. Positief of negatief tegenover ander werk.
Walewein ende Keye (arthurroman): ridder aan hof van arthur. Staat bekend als
rokkenjager = eeuwige flirt die zich niet wil en kan binden aan een vrouw. Maar in
Walewein ende Keye ander neergezet, wil niet met een vrouw in bed slapen = neemt
hij afstand van de eerdere rol. Versterkt positieve karakterisering van walewein en
de lezer herkent dat = generieke intertekstualiteit
o Land wordt geteisterd van draak en als beloning looft de koning van dat land
de hand van zijn dochter uit. Redder dood de draak, snijdt tong af maar is
zwaargewond, bedrieger en laat held achter = jonkvrouwe maar held net op
tijd met afgesneden tong en laat zien dat hij het heeft gedaan => beroemde
tekst held Tristan
Walewijn dood draak, lindworm. Verschijnt een bedrieger, plottwist
want gaat er niet ineens vandoor maar treurt omdat hij denkt dat
walewijn dood is. Bedrieger naar de koning om te melden dat de
draak dood is en vertelt netjes dat iemand anders het heeft gedaan
‘de dapperste ridder die ooit werd geboren’ = walewijn in de hoogte
gestoken. Past in de roman waar hij heldenrol speelt.
SPECIEFIEKE INTERTEKSTUALITEIT: Van den vos Reynaerde,
o Hofdag waarbij de dieren komen klagen over de vos. Die zou van alles
misdaan hebben, isagiem de wolf heeft een klacht: Reynaerd zou een
onschuldeed hebben ontdoken. ‘zweren op de resten van een heiligen dat je
, onschuldig bent’. Dag afgesproken waar het zou gebeuren maar reynaerd is
weggelopen.
o In franse versie staat de de vos vluchtte omdat hij zag dat er bedrog in het
spel was. hij moest zweren op de tanden van een hond, hond die zich
doodhielt. Bedacht door die isagiem: zodra vos poot op de hond legde zou de
hond bijten. Maar reynaerd niet in getrapt.
SPECIFIEKE INTERTEKSTUALITEIT: ARTHURROMAN ROMAN FERGUUT
o Roman begint met de jacht op een hert, dan duikt er een personage op die
pertsevale heet (paard van de rode ridder). Betekenis alleen duideljk als je de
Pertsevale kent andere arthurroman. (perstsevale strijdt tegen een rode
ridder en neemt zijn paard af). Roept deze passage verhaal Persevale in
herinnering = parallellen zien = ontwikkeling Ferguut net als persevale = 1
verschil doel perseval religieus van aard, is opzoek naar de graal, doel van
Ferguut is aards van aard, veroveren van liefde. Geaccentueerd met contrast
van Persevale.
SPECIFIEKE INTERTEKSTUALITEIT: RIDDER MET MOUWEN (ARTHURROMAN)
o Begint met aankondiging van een begrafenis, Tristram is dood. Wordt
verwezen naar het verhaal van Tristram minnaar van Isoude de vrouw van
zijn oom Mar.
Waarom deze verwijzing aan het begin? Tristangeschiedenis in de
herinnering van de lezer komt.
Parallelen: beide jonge helden zonder ouders, verschijnen als
onbekenden aan het hof, beiden blijken uitstekend opgeleid te zijn
(muziek, schaken), zijn beiden zeer gedreven minnaars.
Contrast: liefde van Tristram is illegaal, overspel. Liefde eindigt
tragisch door de dood van de geliefde. Ridder met de mouwen is ook
verliefd, loopt uit tot een huwelijk.
Door verwijzing naar Tristram een overspelige ongelukkige
liefdesgedachte naar boven, verwacht soort gelijke ontwikkeling =
vestigt een ander soort liefdesconseptie dat het wel in een huwelijk
moet eindigen.
Intertekstualitiet als context is belangrijk voor de studie zien de literaire netwerken.
Meertaligheid, speelt zich af binnen verschillende talen Franse taal. Publiek van
Nederlandse romans was ook op de hoogte van Franse literatuur. Een conceptueel
probleem: gaat elke keer uit van een ideale lezer, die geheel op de hoogte was van
de bestaande literatuur = voorkennis van het publiek.