Mediapluriformiteit: De daadwerkelijke verscheidenheid ( = pluriformiteit ) van de media in
een gebied. Daarbij gaat het om het aantal belichte invalshoeken dus om de diversiteit
aan invalshoeken.
De daadwerkelijke verscheidenheid van de media in een gebied is belangrijk voor een
democratische samenleving. VB: Noord-Korea.
Maatschappelijke functies van de media:
Informerend: De pers verkoopt nieuws en actualiteit. Door het grote bereik van de
pers proberen ook de politiek en het bedrijfsleven via hun mediakanalen informatie
te verspreiden.
Controlerend: Door haar directe relatie met de informatiebronnen vertolkt de pers
de functie van een ‘waakhond’’ die het reilen en zeilen van de overheid en het
bedrijfsleven in de gaten houdt.
Opiniërend: Door de informerende functie op grote schaal, kan de pers een stempel
drukken op het nieuws. Door specifieke aandacht voor een thema heeft het invloed
op de publieke opinie.
Spreekbuisfunctie: Door het direct contact met de burger kan de pers een spreekbuis
vormen voor wat er leeft in de bevolking en welke misstanden er bestaan in de
maatschappij. In sommige gevallen kan de pers zoveel aandacht geven aan een
onderwerp dat het de publieke opinie beïnvloedt.
Het NPO (Nederlandse Publieke Omroepbestel) is het geheel van organisaties die tezamen
zorg dragen voor het aanbod van en op de publiek gefinancierde Nederlandse radiozenders
en televisiekanalen en de daarbij behorende websites.
Mediapluralisme: het medialandschap bevat een groot aantal media-eenheden. Het gaat
hierbij om de hoeveelheid, van een verscheidenheid hoeft geen sprake te zijn.
VERSCHIL TUSSEN PLURIFORMITEIT EN PLURALISME IS HET VERSCHIL IN VERSCHEIDENHEID
EN HOEVEELHEID.
Het commissariaat van de media houdt toezicht op de naleving van de Mediawet en
ondersteunt daarmee de informatievrijheid.
De media en informatievoorziening staan onder druk. Autoritaire leiders perken de
persvrijheid in en stellen de betrouwbaarheid van onwelgevallige media ter discussie.
Desinformatie en fake news dragen verder bij aan het afnemend vertrouwen in de
media.
Teruglopende advertentie- en reclame-inkomsten vormen intussen een bedreiging
voor de Nederlandse media en daarmee ook de budgetten voor (onderzoeks-)
journalistiek.
Digitalisering biedt kansen maar zorgt ook voor disruptie. Het medialandschap
verandert.
De mediawet van 2008 bevat bepalingen voor:
Publieke mediadiensten
Commerciële mediadiensten
een gebied. Daarbij gaat het om het aantal belichte invalshoeken dus om de diversiteit
aan invalshoeken.
De daadwerkelijke verscheidenheid van de media in een gebied is belangrijk voor een
democratische samenleving. VB: Noord-Korea.
Maatschappelijke functies van de media:
Informerend: De pers verkoopt nieuws en actualiteit. Door het grote bereik van de
pers proberen ook de politiek en het bedrijfsleven via hun mediakanalen informatie
te verspreiden.
Controlerend: Door haar directe relatie met de informatiebronnen vertolkt de pers
de functie van een ‘waakhond’’ die het reilen en zeilen van de overheid en het
bedrijfsleven in de gaten houdt.
Opiniërend: Door de informerende functie op grote schaal, kan de pers een stempel
drukken op het nieuws. Door specifieke aandacht voor een thema heeft het invloed
op de publieke opinie.
Spreekbuisfunctie: Door het direct contact met de burger kan de pers een spreekbuis
vormen voor wat er leeft in de bevolking en welke misstanden er bestaan in de
maatschappij. In sommige gevallen kan de pers zoveel aandacht geven aan een
onderwerp dat het de publieke opinie beïnvloedt.
Het NPO (Nederlandse Publieke Omroepbestel) is het geheel van organisaties die tezamen
zorg dragen voor het aanbod van en op de publiek gefinancierde Nederlandse radiozenders
en televisiekanalen en de daarbij behorende websites.
Mediapluralisme: het medialandschap bevat een groot aantal media-eenheden. Het gaat
hierbij om de hoeveelheid, van een verscheidenheid hoeft geen sprake te zijn.
VERSCHIL TUSSEN PLURIFORMITEIT EN PLURALISME IS HET VERSCHIL IN VERSCHEIDENHEID
EN HOEVEELHEID.
Het commissariaat van de media houdt toezicht op de naleving van de Mediawet en
ondersteunt daarmee de informatievrijheid.
De media en informatievoorziening staan onder druk. Autoritaire leiders perken de
persvrijheid in en stellen de betrouwbaarheid van onwelgevallige media ter discussie.
Desinformatie en fake news dragen verder bij aan het afnemend vertrouwen in de
media.
Teruglopende advertentie- en reclame-inkomsten vormen intussen een bedreiging
voor de Nederlandse media en daarmee ook de budgetten voor (onderzoeks-)
journalistiek.
Digitalisering biedt kansen maar zorgt ook voor disruptie. Het medialandschap
verandert.
De mediawet van 2008 bevat bepalingen voor:
Publieke mediadiensten
Commerciële mediadiensten