Oefenen ontwikkelingspsychologie
Oefening 1: Ontwikkelingsaspecten
Opdracht: Vul het juiste ontwikkelingsaspect in bij de beschrijving.
1. Groei, achteruitgang, motoriek, zintuigen → ________
2. Vertrouwen, veiligheid, emotieregulatie → ________
3. Omgang met anderen, sociale regels → ________
4. Lichaam, lustbeleving, seksualiteit → ________
5. Denken, geheugen, taal, concentratie → ________
6. Identiteit, zelfbeeld, eigen wil → ________
Oefening 2: Motorische ontwikkeling baby tot dreumes (chronologisch)
Opdracht: Zet de leeftijd bij de juiste ontwikkeling.
0-3 maand → __________
3-6 maand → __________
6-9 maand → __________
9-12 maand → __________
1,5 jaar → __________
Oefening 3: Taalontwikkeling baby (chronologisch)
Opdracht: Plaats de maand bij het juiste taalstadium.
2 maand → __________
4 maand → __________
7 maand → __________
8 maand → __________
9 maand → __________
Oefening 4: Onveilige hechting
Opdracht: Match type met beschrijving.
Types: Onveilig vermijdend, Onveilig afwerend, Gedesorganiseerd
1. Geen vertrouwen, vermijdt contact, plezierig bij vreemden, oorzaak:
afwijzing/verwaarlozing → ________
2. Zoekt aandacht op “claimende” manier, weinig exploratiedrang, oorzaak:
onregelmatige aandacht ouders → ________
, 3. Tegenstrijdig, chaotisch, bron van angst én bescherming, oorzaak: mishandeling,
verwaarlozing → ________
Oefening 5: Gedragstypes bij onveilige hechting
Opdracht: Vul in: Geremd of Ongeremd
1. Overdreven waakzaam, teruggetrokken, lusteloos, speelt zonder plezier → ________
2. Zoekt veel contact, moeilijk te troosten, egocentrisch → ________
Oefening 6: Seksuele ontwikkeling per leeftijd (precies in deze volgorde!)
Opdracht: Vul het juiste type in bij de leeftijdsfase.
Baby → __________
Peuter → __________
Kleuter → __________
Kind 6-8 → __________
Kind 8-12 → __________
Schoolkind 6-12 → __________
Puber → __________
16-25 → __________
40-45 → __________
Oefening 7: Zelftest (chronologisch)
Opdracht: Zet alles in volgorde van 0 tot 45 jaar, alleen met sleutelwoorden:
Zitten, kruipen, optrekken
Grijpreflex
Zoek- en zuigreflex
Geluid maken klinkers, medeklinkers, mama, objectpermanentie, sociale gebaren
Liefdevol contact, ontdekken geslachtsdeel, sociale regels
Interesse seksualiteit, gevoelens vriendschap, spelen samen/niet, echte vriendschappen
Abstract denken, identiteitszoektocht, kritisch denken
Midlifecrisis
ANTWOORDEN
Oefening 1: Ontwikkelingsaspecten
1. Lichamelijk
, 2. Emotioneel
3. Sociaal
4. Seksueel
5. Cognitief
6. Persoonlijkheid
Oefening 2: Motorische ontwikkeling
0-3 maand: Zoek- en zuigreflex, morsreflex
3-6 maand: Grijpreflex
6-9 maand: Zitten
9-12 maand: Loopreflex, kruipen, optrekken
1,5 jaar: Fontanel sluit
Oefening 3: Taalontwikkeling
2 maand: Geluid maken klinkers (uu, aa)
4 maand: Medeklinkers (beepaa)
7 maand: Betekenis (mama)
8 maand: Objectpermanentie
9 maand: Sociale gebaren (zwaaien, nee schudden, wijzen naar speelgoed)
Oefening 4: Onveilige hechting
1 → Onveilig vermijdend
2 → Onveilig afwerend
3 → Gedesorganiseerd
Oefening 5: Gedragstypes
1 → Geremd
2 → Ongeremd
Oefening 6: Seksuele ontwikkeling
Baby: Liefdevol contact, zorg voor veilige hechting. Voelen = leren
Peuter: Ontdekken van geslachtsdeel. Er is geen schaamte
Kleuter: Sociale regels. Je geslachtsdeel raak je niet in openbaar aan
Kind 6-8: Interesse in seksualiteit valt minder in openbaar te zien
Kind 8-12: Verschil gevoelens van vriendschap, opwinding, verliefdheid is bekend
Oefening 1: Ontwikkelingsaspecten
Opdracht: Vul het juiste ontwikkelingsaspect in bij de beschrijving.
1. Groei, achteruitgang, motoriek, zintuigen → ________
2. Vertrouwen, veiligheid, emotieregulatie → ________
3. Omgang met anderen, sociale regels → ________
4. Lichaam, lustbeleving, seksualiteit → ________
5. Denken, geheugen, taal, concentratie → ________
6. Identiteit, zelfbeeld, eigen wil → ________
Oefening 2: Motorische ontwikkeling baby tot dreumes (chronologisch)
Opdracht: Zet de leeftijd bij de juiste ontwikkeling.
0-3 maand → __________
3-6 maand → __________
6-9 maand → __________
9-12 maand → __________
1,5 jaar → __________
Oefening 3: Taalontwikkeling baby (chronologisch)
Opdracht: Plaats de maand bij het juiste taalstadium.
2 maand → __________
4 maand → __________
7 maand → __________
8 maand → __________
9 maand → __________
Oefening 4: Onveilige hechting
Opdracht: Match type met beschrijving.
Types: Onveilig vermijdend, Onveilig afwerend, Gedesorganiseerd
1. Geen vertrouwen, vermijdt contact, plezierig bij vreemden, oorzaak:
afwijzing/verwaarlozing → ________
2. Zoekt aandacht op “claimende” manier, weinig exploratiedrang, oorzaak:
onregelmatige aandacht ouders → ________
, 3. Tegenstrijdig, chaotisch, bron van angst én bescherming, oorzaak: mishandeling,
verwaarlozing → ________
Oefening 5: Gedragstypes bij onveilige hechting
Opdracht: Vul in: Geremd of Ongeremd
1. Overdreven waakzaam, teruggetrokken, lusteloos, speelt zonder plezier → ________
2. Zoekt veel contact, moeilijk te troosten, egocentrisch → ________
Oefening 6: Seksuele ontwikkeling per leeftijd (precies in deze volgorde!)
Opdracht: Vul het juiste type in bij de leeftijdsfase.
Baby → __________
Peuter → __________
Kleuter → __________
Kind 6-8 → __________
Kind 8-12 → __________
Schoolkind 6-12 → __________
Puber → __________
16-25 → __________
40-45 → __________
Oefening 7: Zelftest (chronologisch)
Opdracht: Zet alles in volgorde van 0 tot 45 jaar, alleen met sleutelwoorden:
Zitten, kruipen, optrekken
Grijpreflex
Zoek- en zuigreflex
Geluid maken klinkers, medeklinkers, mama, objectpermanentie, sociale gebaren
Liefdevol contact, ontdekken geslachtsdeel, sociale regels
Interesse seksualiteit, gevoelens vriendschap, spelen samen/niet, echte vriendschappen
Abstract denken, identiteitszoektocht, kritisch denken
Midlifecrisis
ANTWOORDEN
Oefening 1: Ontwikkelingsaspecten
1. Lichamelijk
, 2. Emotioneel
3. Sociaal
4. Seksueel
5. Cognitief
6. Persoonlijkheid
Oefening 2: Motorische ontwikkeling
0-3 maand: Zoek- en zuigreflex, morsreflex
3-6 maand: Grijpreflex
6-9 maand: Zitten
9-12 maand: Loopreflex, kruipen, optrekken
1,5 jaar: Fontanel sluit
Oefening 3: Taalontwikkeling
2 maand: Geluid maken klinkers (uu, aa)
4 maand: Medeklinkers (beepaa)
7 maand: Betekenis (mama)
8 maand: Objectpermanentie
9 maand: Sociale gebaren (zwaaien, nee schudden, wijzen naar speelgoed)
Oefening 4: Onveilige hechting
1 → Onveilig vermijdend
2 → Onveilig afwerend
3 → Gedesorganiseerd
Oefening 5: Gedragstypes
1 → Geremd
2 → Ongeremd
Oefening 6: Seksuele ontwikkeling
Baby: Liefdevol contact, zorg voor veilige hechting. Voelen = leren
Peuter: Ontdekken van geslachtsdeel. Er is geen schaamte
Kleuter: Sociale regels. Je geslachtsdeel raak je niet in openbaar aan
Kind 6-8: Interesse in seksualiteit valt minder in openbaar te zien
Kind 8-12: Verschil gevoelens van vriendschap, opwinding, verliefdheid is bekend