Berekenen
z -score = een manier om aan score−gemiddelde x i−x TABEL A:
te geven hoe Formule: z−score= = 1. Zoek je z-waarde in de
‘gemiddeld’ een score standaarddeviatie sx linkerkolom ( z ) en bovenste
is. Symbolen: rij (decimale cijfers)
- De z -score geeft weer x i=score 2. De waarde die je afleest is
hoeveel SD je van het x=gemiddelde de kans tot aan die z -score
gemiddelde af ligt. s x =standaarddeviatie (linkerkant)
- Als je variabele
normaal verdeeld is,
kan je met de z -scores Uit de formule komt een z -waarde die je kan aflezen in de tabel.
ook wat zeggen over Uit de tabel krijg je dan een p-waarde.
in welk percentage je - p−waarde∗100=percentage
van de populatie valt. - Soms doe je 1− p .
om bij percentages Dat is wanneer je wil kijken welk percentage hoger scoort
te komen, moet je
gaan aflezen
z -toets = wanneer we willen x−μ TABEL A:
weten of onze z= 1. Zoek je z-waarde in de
Formule: σ
steekproef verschilt linkerkolom ( z ) en bovenste
van de populatie. √n rij (decimale cijfers)
- Uit de toets komt een Stappen: 2. De waarde die je afleest is
z -score (andere soort 1. x−μ de kans tot aan die z -score
score), die we aflezen σ (linkerkant)
2.
in de tabel, om een p- √n
waarde te vinden. stap 1
- Deze p-waarde (* 3.
stap 2 df =n−1
2 wanneer tweezijdig) Symbolen:
vergelijken we met de x=gemiddelde x van je steekproef
alfa die we hebben
gesteld. μ= populatiegemiddelde
σ =S D van de populatie
n=aantal participanten
, Normale t-toets (one- = lijkt heel erg op een x−μ TABEL D:
sample) z -toets. t= ; df =n−1 1. Zoek jouw df in de
Formule: s
- Verschil: dat we de linkerkolom
SD van de populatie √n 2. Ga horizontaal naar rechts
() niet weten. en kijk waar jouw t-waarde
- We gebruiken daarom tussen valt
de standaarddeviatie 3. De bijbehorende
van de steekproef ( s) kolomhoofden zijn de p-
- We lezen af in een waardes
andere tabel
- Steekproef > 100 = z -
toets (ook al weet je
niet)
omdat de t -
verdeling dan zo veel
op de z -verdeling lijkt
dat er eigenlijk geen
verschil is.