ORGANISATIEWETENSC
HAPPEN
Alle tentamenstof
Robbin Leijten
,1: Wat zijn organisaties?
Definitie van organisaties
Kernkenmerken
o Sociale entiteit --> mensen en hun onderlinge relaties, met een bewuste
structuur en gecoördineerde activiteiten
o Doelgericht --> bundelen van middelen om doelen te bereiken die
individueel onhaalbaar zijn
o Externe verbondenheid --> beïnvloed door en beïnvloeden de omgeving
Organisaties zijn de oplossing voor maatschappelijke problemen en kansen
Perspectieven op organisaties
Minzbergs Configuratie
Perspectief Kernidee Focus
Open Organisaties hebben open grenzen Externe omgeving,
systemen met de omgeving; moeten zich aanpassingsvermogen.
aanpassen.
Gesloten Focus op interne structuren; Interne processen,
systemen omgeving is secundair. stabiliteit.
Rationeel Organisaties als machines: Efficiëntie, controle,
doelgericht, geformaliseerd, logische hiërarchie.
structuren.
Natuurlijk Menselijke handelingsvrijheid, Menselijk gedrag,
informele structuren, irrationaliteit.
doelcomplexiteit.
Universele problemen van organiseren
Arbeidsdeling --> hoe taken verdelen, alloceren, en motiveren
o Traditioneel probleem van manager
Spanning --> formele structuren vs. Informele relaties
Huidige uitdagingen voor organisaties
Externe Factoren
o Globalisering --> werken over grenzen van tijd, cultuur, geografie
o Digitale transformatie --> virtuele teams, digitale netwerken, informatie als
economische bron
o Ethiek & transparantie --> schandalen ondermijnen vertrouwen; ethische
normen zijn cruciaal
o Snelheid --> concurrentie vereist snelle respons.
o Diversiteit --> balans tussen sterke cultuur en inclusiviteit.
Interne Factoren
o Innovatie --> stimuleren via moderne technologieën
o Waardecreatie --> efficiënt produceren en adaptief zijn
Dimensies van organisatieontwerp
Structureel
o Formalisering --> mate van regels
o Specialisatie --> taakverdeling
o Hiërarchie --> rapportagelijnen, autoriteit
o Centralisatie --> waar beslissingen genomen worden
o Professionalisme --> opleidingsniveau medewerkers
o Personeelsratio’s --> verhouding personeel per afdeling
1
, Contextueel
o Omvang
o Technologie
o Omgeving --> stabiliteit/ dynamiek
o Doelen en strategie
o Cultuur
Evolutie van organisationele theorie
Theorie Kernidee Kritiek Focus Toepassing
Klassiek Scientific Te Efficiëntie, Productieomgevi
management mechanistisch, standaardis ngen
(Taylor), weinig atie
bureaucratie aandacht voor
(Weber) mens
Human Hawthorne- Te Motivatie, Teammanageme
Relations studies: positieve optimistisch sociale nt
behandeling → over menselijk behoeften
hogere gedrag
motivatie/producti
viteit
Chaostheo Organisaties zijn Moeilijk Flexibiliteit, Dynamische
rie onvoorspelbaar; toepasbaar in adaptiviteit omgevingen
flexibiliteit en praktijk
bottom-up
processen
Lerende Continu leren via Vereist Kennisdelin Innovatieve
Organisati open cultuurverand g, organisaties
e communicatie, ering empowerm
samenwerking, ent
experimenteren
Belang van organisaties in de samenleving
Middelenbundeling
Innovatie
Maatschappelijke rol --> oplossen van complexe vraagstukken
2: Theoretische perspectieven op
organisaties
Management --> definitie en benaderingen
Management --> proces van taken effectief en efficiënt uitvoeren, met en via
anderen
Wat doen managers
o Functiebenadering (Mintzberg)
Plannen --> doelen en strategieën bepalen
Organiseren --> middelen en taken structureren
Leiden --> medewerkers motiveren en begeleiden
Controleren --> prestaties monitoren en bijsturen
o Rollenbenadering
Interpersoonlijk --> vertegenwoordiger, leider, verbinder
2