Hoofdstuk 1
Ondernemingsrecht en rechtsvormen
Een rechtspersoon heeft, net zoals een natuurlijk persoon, rechtspersoonlijkheid. Dit is een
belangrijk verschil met de personenvennootschappen, die bezitten geen
rechtspersoonlijkheid.
Personenvennootschappen=
We kunnen een onderscheid maken tussen:
Publiekrechtelijke rechtspersonen:
- staat, provincies, de gemeente, de waterschappen en de lichamen waaraan
krachtens de grondwet verordenende bevoegdheid is verleend -> artikel 2:1 lid 1BW
Privaatrechtelijke rechtspersonen:
- Verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen, naamloze
vennootschappen, besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid en
stichtingen -> artikel 2:3 BW
Kerkgenootschappen -> artikel 2:2 lid 1 BW
Keuze rechtspersonen
Niet elk rechtspersoon is geschikt om mee te ondernemen, de BV, NV en coöperatie zijn
geschikt als ondernemingsvorm.
Een onderlinge waarborgmaatschappij (bijv verzekering)
De vennootschap als rechtspersoon en deelrechtsorde
Een onderneming is meer dan alleen een groep mensen die samenwerkt of een bedrijf dat
winst maakt, in het recht krijgt de onderneming namelijk vorm via de vennootschap als
rechtspersoon
-> Dit betekent dat de vennootschap zelf, net als een natuurlijk persoon, rechten en plichten
kan hebben.
Bij oprichting van een NV of BV wordt dit juridisch vastgelegd in notariële akte.
De samengestelde verklaring die de oprichter van een NV of BV bij de notaris aflegt bevat
een viertal elementen.
1. De verklaring dat de oprichter een vennootschap (NV of BV) wil oprichten.
-> de oprichter wil een nieuw rechtspersoon (art 2:3) NV of BV in het leven roepen
- Er ontstaat een rechtspersoon
- De B/NV krijgt eigen rechten en plichten
, - De B/NV staat juridisch los van de oprichter
2. De verklaring dat de vennootschap zal worden geregeerd door de statuten, die in de
akte opgenomen zijn. In deze statuten staan:
- eigen regels (normen) van de vennootschap
- Dat de vennootschap wordt geregeerd door deze statuten
- de rechtsbetrekking tussen de organen van de vennootschap.
Rechtsbetrekking=wie wat mag of niet mag tegenover de ander.
-> De AVA (aandeelhoudersvergadering)
-> het bestuur
-> De Raad van Commissarissen
3. De verklaring dat een of meer personen voor een bepaald bedrag deelnemen in het
kapitaal van de vennoot. (Vaak de oprichter zelf), eventueel met andere, danniet
mede oprichters. Je zou deze rechtsverhouding kunnen typeren als een
lidmaatschapverhouding.
4. De verklaring dat een of meer met name genoemde persoon tot bestuurder of
eventueel commissaris worden benoemd.
Persoon —> rechtshandeling, notariële akte—-> rechtspersoon
De term onderneming wordt in wetgeving en litaratuur vaak in verschillende betekenissen
gebruikt.
In de reële benadering zien we de onderneming als vermogensobject: de vennoot heeft als
het ware haar eigen onderneming
Benadering Jip-en-Janneke
Juridisch Blijvend meedoen aan
economie
Reëel Bedrijf heeft waarde
Instrumenteel Gereedschap van eigenaar
Institutioneel Ook werknemers tellen mee
,Onderwerp 2: Shareholder en stakeholdermodel
De organisatie van de vennootschap bestaat uit een aantal functionele eenheden, die in
vennootrechtelijke zaken door de wet of statuten met beslissingsbevoegdheden zijn
bekleed. Voorbeelden voor deze organen:
- Het bestuur -> belast met de centrale leiding
- De Ava (algemene vergadering van aandeelhouders
Een van de kenmerken van een NV is dat het bestuur en de AVA niet op elkaars terrein
mogen begeven.
Hierop is de scheiding tussen eigendom en bestuursmacht gebaseerd.
-> dit komt in de praktijk niet altijd tot zijn recht.
Naast bovengenoemde organen kennen we:
de Raad van Commissarissen (RvC)
De vergadering van houders en prioriteitsaandelen
De aandeelhouderscommissie -> art 2:268 lid 11BW
En de groepsvergadering -> art 2:96 lid 2 en 2:99 lid 5 BW
Van groot belang voor de toepassing van artikel 2:14-16 BW, waarin de nietigheid en
vernietiging van besluiten van een orgaan wordt geregeld.
-> alsmede voor de toepassing van art 2:8 BW is de vraag of de Ondernemingsraad (OR)
als orgaan van de vennootschap wordt aangemerkt
Als de ondernemersorganisatie en de vennootschap organisatie nader tot elkaar groeien kan
de OR zich ontwikkelen tot orgaan van de vennootschap.
Volgens artikel 2:66 BW en artikel 2:177BW moet het formele deol van de vennootschap (of
de werkzaamheden) In de statuten worden opgenomen.
Daarnaast onderscheidt men het einddoel. Welke belangen in het beleid van de
vennootschap voorop dienen te staan.
Hiervoor bestaan twee verschillende modellen:
- shareholder-model
-> gaat uit van de belangen van de aandeelhouders, en dus gericht op het maken van winst
Share=winst
- Het stakeholder-model
-> gaat uit van een bredere definitie van belangen.Dit model is algemeen geaccepteerd.
Het vennootschapsbelang moet worden onderscheiden van de deelbelangen van
bijvoorbeeld aandeelhouders en werknemers.
, In 2:250 lid 2 wordt de gedachte van de werkgever nog eens weerspiegeld dat
vennootschap en onderneming van elkaar te onderscheiden organisaties moeten worden
gezien.
Bij het vervullen van hun taak richten de commissarissen zich naar het belang van de
vennootschap en de met haar verbonden onderneming.
-> deze norm geldt intussen ook voor het bestuur, AVA en OR
De rechtspersonen worden (zoals bij een BV of NV) worden gevormd door zijn eigen interne
organisatie
-> geregeerd door de statuten.
Statutenwijziging is belangrijk en wordt geregeld door de wet en de eigen statuten
-> de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) heeft de exclusieve bevoegdheid
om de statuten te wijzigen, tenzij de statuten anders bepalen
Verschillende regelingen in de statuten kunnen de bevoegdheid tot statutenwijziging
beperken.
-> zoals goedkeuring van het bestuur of derde
Wijzigingen vereisen vaak gekwalificeerde meerderheden en een quorum.
Een besluit tot statutenwijziging moet worden gemeld en vereist notariële akte.
Soms kan een statutenwijziging een terugwerkende kracht hebben, maar dit is niet altijd
mogelijk
Tijdens faillissement is toestemming van de curator nodig voor statutenwijziging. De akte
van statutenwijziging moet in het Nederlands zijn en bij het handelsregister worden
ingeschreven.
Onderwerp 3, Vennootschaps- vs. ondernemingsbelang
AVA en OR een vertegenwoordigende functie vervullen, zullen zij in hun belangenafweging
rekening moeten houden met de gezamenlijke belangen van de aandeelhouders.
De belangenafweging dient een door binnen de wet, recht en redelijkheid bepaald kader
plaats te vinden waarbij betrokken een zekere marge moet worden gelaten.
Financiële belang van aandeelhouders een dominante positie in de af te wegen belangen
heeft gekregen bij beursvennootschappen
Wel is vereist dat de vennootschappen oog moet hebben voor externe belangen, zoals
crediteuren, milieu en werkgelegenheid.
Bij dit normkader spelen twee ontwikkelingen een belangrijke rol:
1. steeds grotere ecologische uitdagingen
2. Belangen van betrokkenen mogen niet onnodig of onevenredig worden geschaad