Slaap en studie: In welke mate is er een samenhang tussen de ervaren slaapkwaliteit
en de verwachte studieresultaten van studenten in het Hoger Onderwijs?
Daan Wassens (13060767) en Murk Wolzak (13104187)
College of Child Development and Education, Universiteit van Amsterdam
Pre-master Onderwijswetenschappen, Beschrijvende Statistiek
Definitieve versie: Inleiding
-
4 december 2020
Aantal woorden: 906
1
, Inleiding
Slaap is een belangrijk onderdeel van het leven, de manier waarop volwassenen slapen
beïnvloedt het vermogen om na te denken, het gedrag en het gevoel gedurende de dag
(Wolfson & Carskadon, 1998). Onderzoek onder uitwonende studenten toont echter aan dat
studenten een slechtere slaapkwaliteit hebben dan de algemene bevolking. Studenten slapen
aanzienlijk minder uren per nacht dan de dagelijkse aanbevolen hoeveelheid om optimaal
cognitief te kunnen functioneren (Orzech et al., 2011). Dit resulteert in afname van prestaties
bij cognitieve functies zoals: aandacht, verwerkingssnelheid, geheugenconsolidatie,
werkgeheugen en kortetermijngeheugen (Lim en Dinges, 2010). Deze factoren zijn echter
cruciaal voor succesvolle studieprestaties (Okano, 2019). Volgens National College Health
Assessment (2010) geeft 20% van de studenten aan dat slaapmoeilijkheden een factor is die
hun individuele academische prestaties beïnvloedt, waardoor deze op de tweede plaats komt
na stress. Veelal concentreren onderzoeken zich op de kwantitatieve slaap (het aantal uren
slaap per nacht) in relatie tot studieprestaties en dus minder op kwalitatieve factoren van
slaap. Het is daarom zinvol om onderzoek te doen naar de samenhang tussen slaapkwaliteit en
studieresultaten onder studenten.
De belangrijkste factor die onderzoek naar slaapkwaliteit beperkt, is het ontbreken van
een vaststaande definitie van slaapkwaliteit (Krystal & Edinger, 2008). De meeste
vragenlijsten omtrent slaapkwaliteit verwijzen naar slaapgedrag, slaappatronen of
slaapstoornissen en gaan op indirecte wijze over de slaapkwantiteit (Mercer et al. 1998).
Echter bestaat er een verschil tussen slaapkwaliteit en slaapkwantiteit. Slaapkwaliteit wordt
gebruikt om te verwijzen naar een verzameling van verschillende componenten zoals de
slaapefficiëntie, slaaplatentie en slaapduur (Pilcher et al., 1997). Daarnaast omvat het
meerdere subjectieve indicatoren zoals de diepte van slaap, hoe uitgerust men zich voelt bij
het ontwaken en de algehele slaaptevredenheid (Dewald et al., 2010). Uit kwantitatief
2
en de verwachte studieresultaten van studenten in het Hoger Onderwijs?
Daan Wassens (13060767) en Murk Wolzak (13104187)
College of Child Development and Education, Universiteit van Amsterdam
Pre-master Onderwijswetenschappen, Beschrijvende Statistiek
Definitieve versie: Inleiding
-
4 december 2020
Aantal woorden: 906
1
, Inleiding
Slaap is een belangrijk onderdeel van het leven, de manier waarop volwassenen slapen
beïnvloedt het vermogen om na te denken, het gedrag en het gevoel gedurende de dag
(Wolfson & Carskadon, 1998). Onderzoek onder uitwonende studenten toont echter aan dat
studenten een slechtere slaapkwaliteit hebben dan de algemene bevolking. Studenten slapen
aanzienlijk minder uren per nacht dan de dagelijkse aanbevolen hoeveelheid om optimaal
cognitief te kunnen functioneren (Orzech et al., 2011). Dit resulteert in afname van prestaties
bij cognitieve functies zoals: aandacht, verwerkingssnelheid, geheugenconsolidatie,
werkgeheugen en kortetermijngeheugen (Lim en Dinges, 2010). Deze factoren zijn echter
cruciaal voor succesvolle studieprestaties (Okano, 2019). Volgens National College Health
Assessment (2010) geeft 20% van de studenten aan dat slaapmoeilijkheden een factor is die
hun individuele academische prestaties beïnvloedt, waardoor deze op de tweede plaats komt
na stress. Veelal concentreren onderzoeken zich op de kwantitatieve slaap (het aantal uren
slaap per nacht) in relatie tot studieprestaties en dus minder op kwalitatieve factoren van
slaap. Het is daarom zinvol om onderzoek te doen naar de samenhang tussen slaapkwaliteit en
studieresultaten onder studenten.
De belangrijkste factor die onderzoek naar slaapkwaliteit beperkt, is het ontbreken van
een vaststaande definitie van slaapkwaliteit (Krystal & Edinger, 2008). De meeste
vragenlijsten omtrent slaapkwaliteit verwijzen naar slaapgedrag, slaappatronen of
slaapstoornissen en gaan op indirecte wijze over de slaapkwantiteit (Mercer et al. 1998).
Echter bestaat er een verschil tussen slaapkwaliteit en slaapkwantiteit. Slaapkwaliteit wordt
gebruikt om te verwijzen naar een verzameling van verschillende componenten zoals de
slaapefficiëntie, slaaplatentie en slaapduur (Pilcher et al., 1997). Daarnaast omvat het
meerdere subjectieve indicatoren zoals de diepte van slaap, hoe uitgerust men zich voelt bij
het ontwaken en de algehele slaaptevredenheid (Dewald et al., 2010). Uit kwantitatief
2