HC6 Binoculair zien
Heteroforie
Vergentiebeweging
Een vergentiebeweging is een oogbeweging om een object op de beide foveae gefixeerd te
houden. Deze oogbeweging bestaat uit het aanspannen en loslaten van een
convergentiebeweging.
Deze convergentiebeweging bestaat uit 4 verschillende componenten:
- Fusionele (relatieve) convergentie
Als een object je nadert en de ogen blijven in een onveranderde positie staan, dan
zal er gekruiste (heteronieme) diplopie optreden.
Deze gekruiste diplopie veroorzaakt een fusionele convergentiebeweging, wat ook
wel positieve convergentie wordt genoemd.
- Accommodatieve convergentie
Een object dichtbij zal wazig gezien worden en daarom een accommodatieprikkel
opwekken. Gelijktijdig geeft dit ook een convergentieprikkel.
- Proximale convergentie
Het gevoel van dichtbijheid van een object zorgt voor een convergentieprikkel. Dit
noemen we proximale convergentie.
- Tonische convergentie
De anatomische rustpositie van de ogen is meestal divergent. De taak van de
tonische convergentie is om de ogen in de fysiologische rustpositie te brengen.
Heteroforie
Bij een heteroforie is er sprake van een ongelijke stand van de oogassen, waardoor de ogen
een verschillend beeld van een voorwerp vormen. In ontspannen toestand zien de ogen dan
dubbel of wazig.
Indien de fusie niet meer in staat is om de beelden van beide ogen tot 1 beeld te krijgen, dan
noemen we dat gedecompenseerd heteroforie.
Een heteroforie wordt gecompenseerd als de patiënt geen klachten ervaart.
Incomitante heteroforie
Bij incomitant heteroforie verschilt de scheelzienshoek per richting.
Oorzaken:
- Niet goed werkende oogspier
- Een on- of onder gecorrigeerde anisometropie.
Een concomitant heteroforie is een in alle kijkrichtingen gelijk blijvende forie.
Heteroforie
Vergentiebeweging
Een vergentiebeweging is een oogbeweging om een object op de beide foveae gefixeerd te
houden. Deze oogbeweging bestaat uit het aanspannen en loslaten van een
convergentiebeweging.
Deze convergentiebeweging bestaat uit 4 verschillende componenten:
- Fusionele (relatieve) convergentie
Als een object je nadert en de ogen blijven in een onveranderde positie staan, dan
zal er gekruiste (heteronieme) diplopie optreden.
Deze gekruiste diplopie veroorzaakt een fusionele convergentiebeweging, wat ook
wel positieve convergentie wordt genoemd.
- Accommodatieve convergentie
Een object dichtbij zal wazig gezien worden en daarom een accommodatieprikkel
opwekken. Gelijktijdig geeft dit ook een convergentieprikkel.
- Proximale convergentie
Het gevoel van dichtbijheid van een object zorgt voor een convergentieprikkel. Dit
noemen we proximale convergentie.
- Tonische convergentie
De anatomische rustpositie van de ogen is meestal divergent. De taak van de
tonische convergentie is om de ogen in de fysiologische rustpositie te brengen.
Heteroforie
Bij een heteroforie is er sprake van een ongelijke stand van de oogassen, waardoor de ogen
een verschillend beeld van een voorwerp vormen. In ontspannen toestand zien de ogen dan
dubbel of wazig.
Indien de fusie niet meer in staat is om de beelden van beide ogen tot 1 beeld te krijgen, dan
noemen we dat gedecompenseerd heteroforie.
Een heteroforie wordt gecompenseerd als de patiënt geen klachten ervaart.
Incomitante heteroforie
Bij incomitant heteroforie verschilt de scheelzienshoek per richting.
Oorzaken:
- Niet goed werkende oogspier
- Een on- of onder gecorrigeerde anisometropie.
Een concomitant heteroforie is een in alle kijkrichtingen gelijk blijvende forie.