Ervaringsgericht leren in de zorg
Leerjaar 2023-2024
Naam student:
Studentnummer:
Klas:
Cursuscode: OVK31ELZ01
Datum: 30-09-24
1
,Inhoudsopgave
Inleiding........................................................................................................................................................ 2
What fase?.................................................................................................................................................... 4
So what- fase................................................................................................................................................. 6
Onderbouwing vraagstelling................................................................................................................................8
Now What Fase............................................................................................................................................. 9
Werkwijze...........................................................................................................................................................10
Niet- aangeboren hersenletsel...........................................................................................................................10
Verpleegkundige interventies bij agressief gedrag............................................................................................10
Beantwoording...................................................................................................................................................11
Heroverweging............................................................................................................................................ 11
Reflectie...................................................................................................................................................... 12
Literatuurlijst............................................................................................................................................... 13
Bijlage......................................................................................................................................................... 15
Bijlage 1: codeboom...........................................................................................................................................15
Inleiding
2
, Ik loop momenteel stage in een verpleeghuis op de afdeling voor niet-aangeboren
hersenletsel (NAH). Deze afdeling is speciaal opgezet voor de zorg en ondersteuning van
mensen die door een niet-aangeboren hersenletsel niet meer zelfstandig kunnen wonen.
Het is een relatief nieuwe afdeling binnen het verpleeghuis en bestaat sinds juli 2023.
Momenteel zijn er 16 cliënten op de afdeling, elk met verschillende vormen van niet-
aangeboren hersenletsel. Een van de meest voorkomende aandoeningen binnen deze
setting is een Cerebrovasculair Accident (CVA), ook wel bekend als een beroerte. Deze
aandoening heeft vaak ingrijpende gevolgen voor het dagelijks leven van de cliënten. Na een
CVA hebben cliënten vaak te maken met veranderingen in mobiliteit, spraak, cognitie en
emotioneel welzijn. Hierdoor is gespecialiseerde zorg en ondersteuning vereist om hen te
helpen omgaan met deze uitdagingen en hun kwaliteit van leven te verbeteren. Familie
speelt hierin een belangrijke rol, en wij proberen hen zoveel mogelijk te betrekken in de zorg
voor de cliënt.
Als stagiair op deze afdeling draag ik bij aan de verpleegkundige zorg voor deze cliënten. Dit
omvat het assisteren bij de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL), zoals helpen bij
het wassen, aankleden en eten, evenals het bieden van psychosociale ondersteuning. Het
creëren van een veilige en begripvolle omgeving is hierbij essentieel, zodat de cliënten zich
gesteund en gewaardeerd voelen. Daarnaast ben ik betrokken bij het verstrekken van
medische zorg, zoals het toedienen van medicatie en het monitoren van vitale functies. Op
de afdeling werken wij nauw samen met artsen, fysiotherapeuten, logopedisten,
ergotherapeuten en psychologen om zorg op maat te bieden die is afgestemd op de
individuele behoeften van elke cliënt.
De situatie en handelingsverlegenheid:
Tijdens een van mijn dagdiensten, op een ochtend rond 08:15 uur na de overdracht, deed
zich een situatie voor waarin ik handelingsverlegen werd. Dit betrof een vrouw van 75 jaar,
'Mevrouw P', die in 2021 een CVA heeft doorgemaakt. Door dit CVA heeft mw. P onder
andere problemen met haar geheugen en gedrag, wat haar dagelijkse functioneren
beïnvloedt. Een belangrijk aspect van haar zorgplan was een rookschema dat haar
voorschreef om pas vanaf 10:00 uur te roken. Bovendien waren haar sigaretten en
aanstekers altijd onder beheer van de zorgmedewerkers, om veiligheidsredenen.
Op die ochtend kwam mw. P onverwacht de gang opgelopen, half gekleed en met sigaretten
en een aansteker in haar bezit. Dit was opvallend, omdat zij deze normaal gesproken niet in
eigen beheer mocht hebben. Mw. P leek vastberaden om naar buiten te gaan om te roken,
ondanks het feit dat het nog geen 10:00 uur was en het tegen de regels inging. In mijn rol als
stagiair verpleegkundige voelde ik de verantwoordelijkheid om haar tegen te houden, in lijn
met de veiligheidsregels en haar zorgplan. Ik probeerde mw. P vriendelijk te stoppen, maar
dit leidde tot een onverwachte en verbale agressie richting mij en een collega. Omdat de
situatie escaleerde, besloten we om haar te laten gaan om verdere escalatie te voorkomen.
Toen mw. P later weer boven was, sprak ik haar opnieuw aan en vroeg ik of ze de aansteker
wilde inleveren. Hoewel zij ontkende er een bij zich te hebben, zag ik dat ze de aansteker
wegstopte in haar jaszak. Op dat moment twijfelde ik over hoe ik moest handelen. Mijn
handelingsverlegenheid zat in het spanningsveld tussen de veiligheid waarborgen en het
3
Leerjaar 2023-2024
Naam student:
Studentnummer:
Klas:
Cursuscode: OVK31ELZ01
Datum: 30-09-24
1
,Inhoudsopgave
Inleiding........................................................................................................................................................ 2
What fase?.................................................................................................................................................... 4
So what- fase................................................................................................................................................. 6
Onderbouwing vraagstelling................................................................................................................................8
Now What Fase............................................................................................................................................. 9
Werkwijze...........................................................................................................................................................10
Niet- aangeboren hersenletsel...........................................................................................................................10
Verpleegkundige interventies bij agressief gedrag............................................................................................10
Beantwoording...................................................................................................................................................11
Heroverweging............................................................................................................................................ 11
Reflectie...................................................................................................................................................... 12
Literatuurlijst............................................................................................................................................... 13
Bijlage......................................................................................................................................................... 15
Bijlage 1: codeboom...........................................................................................................................................15
Inleiding
2
, Ik loop momenteel stage in een verpleeghuis op de afdeling voor niet-aangeboren
hersenletsel (NAH). Deze afdeling is speciaal opgezet voor de zorg en ondersteuning van
mensen die door een niet-aangeboren hersenletsel niet meer zelfstandig kunnen wonen.
Het is een relatief nieuwe afdeling binnen het verpleeghuis en bestaat sinds juli 2023.
Momenteel zijn er 16 cliënten op de afdeling, elk met verschillende vormen van niet-
aangeboren hersenletsel. Een van de meest voorkomende aandoeningen binnen deze
setting is een Cerebrovasculair Accident (CVA), ook wel bekend als een beroerte. Deze
aandoening heeft vaak ingrijpende gevolgen voor het dagelijks leven van de cliënten. Na een
CVA hebben cliënten vaak te maken met veranderingen in mobiliteit, spraak, cognitie en
emotioneel welzijn. Hierdoor is gespecialiseerde zorg en ondersteuning vereist om hen te
helpen omgaan met deze uitdagingen en hun kwaliteit van leven te verbeteren. Familie
speelt hierin een belangrijke rol, en wij proberen hen zoveel mogelijk te betrekken in de zorg
voor de cliënt.
Als stagiair op deze afdeling draag ik bij aan de verpleegkundige zorg voor deze cliënten. Dit
omvat het assisteren bij de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL), zoals helpen bij
het wassen, aankleden en eten, evenals het bieden van psychosociale ondersteuning. Het
creëren van een veilige en begripvolle omgeving is hierbij essentieel, zodat de cliënten zich
gesteund en gewaardeerd voelen. Daarnaast ben ik betrokken bij het verstrekken van
medische zorg, zoals het toedienen van medicatie en het monitoren van vitale functies. Op
de afdeling werken wij nauw samen met artsen, fysiotherapeuten, logopedisten,
ergotherapeuten en psychologen om zorg op maat te bieden die is afgestemd op de
individuele behoeften van elke cliënt.
De situatie en handelingsverlegenheid:
Tijdens een van mijn dagdiensten, op een ochtend rond 08:15 uur na de overdracht, deed
zich een situatie voor waarin ik handelingsverlegen werd. Dit betrof een vrouw van 75 jaar,
'Mevrouw P', die in 2021 een CVA heeft doorgemaakt. Door dit CVA heeft mw. P onder
andere problemen met haar geheugen en gedrag, wat haar dagelijkse functioneren
beïnvloedt. Een belangrijk aspect van haar zorgplan was een rookschema dat haar
voorschreef om pas vanaf 10:00 uur te roken. Bovendien waren haar sigaretten en
aanstekers altijd onder beheer van de zorgmedewerkers, om veiligheidsredenen.
Op die ochtend kwam mw. P onverwacht de gang opgelopen, half gekleed en met sigaretten
en een aansteker in haar bezit. Dit was opvallend, omdat zij deze normaal gesproken niet in
eigen beheer mocht hebben. Mw. P leek vastberaden om naar buiten te gaan om te roken,
ondanks het feit dat het nog geen 10:00 uur was en het tegen de regels inging. In mijn rol als
stagiair verpleegkundige voelde ik de verantwoordelijkheid om haar tegen te houden, in lijn
met de veiligheidsregels en haar zorgplan. Ik probeerde mw. P vriendelijk te stoppen, maar
dit leidde tot een onverwachte en verbale agressie richting mij en een collega. Omdat de
situatie escaleerde, besloten we om haar te laten gaan om verdere escalatie te voorkomen.
Toen mw. P later weer boven was, sprak ik haar opnieuw aan en vroeg ik of ze de aansteker
wilde inleveren. Hoewel zij ontkende er een bij zich te hebben, zag ik dat ze de aansteker
wegstopte in haar jaszak. Op dat moment twijfelde ik over hoe ik moest handelen. Mijn
handelingsverlegenheid zat in het spanningsveld tussen de veiligheid waarborgen en het
3