Biopsychology week 5: Emoties
Kalat (14ed)
uu
Module 11.1 (351-360)
Emotie en Autonome opwinding
Emotionele situaties roepen zowel het sympathetische als parasympathische zenuwstelsel
op. Deze zijn beide onderdeel van het autonome zenuwstelsel. Ze regelen onbewuste
lichaamsfuncties maar hebben een tegengesteld effect.
Zo is het sympathische zenuwstelsel actie en stress gebonden. Wordt actief bij stress,
inspanning of gevaar (fight or flight)
Daarnaast is het parasympathische zenuwstelsel rust en herstel gebonden. Dit is actief
tijdens ontspanning.
! Bijna alle situaties (emotionele) zorgen voor een combinatie van arousal van zowel het
parasympathische en het sympathische zenuwstelsel.
Zo zorgt gevaar niet alleen voor sympathische activiteit maar ook parasympathische
activiteit.
Is fysiologische arousal nodig voor emotie?
Bij mensen met de aandoening ‘pure autonomic failure’ is het autonome zenuwstelsel
volledig of vrijwel volledig gestopt met functioneren. Het hart en andere organen blijven
werken maar het zenuwstelsel regelt ze niet langer.
Mensen met deze aandoening reageren niet op situaties met veranderingen in hartslag,
bloeddruk of zweten.
Ze zeggen dezelfde emoties te ervaren maar voelen deze minder intens. Ze verwijzen vaak
naar het cognitieve aspect wanneer ze rapporteren emoties te ervaren.
Lichamelijke (autonome) reacties en subjectieve beleving van emoties zijn niet altijd aan
elkaar gekoppeld.
Schade rechter somatosensorische cortex: normaal autonome reactie, subjectief weinig
emotie
Schade aan prefrontale cortex: Zwakke autonome reacties maar ervaren emoties subjectief
wel als normaal.
Acties veranderen emoties
Fysiologische reacties vergroten de emotionele intensiteit. Psychologen omschrijven
emoties als belichaamd (embodied) omdat emoties dan afhangen van reacties van het
lichaam. De waarneming van handelingen in het lichaam zouden bijdragen aan emotionele
gevoelens.
Gezichts Feedback Hypothese
-> Door te glimlachen voel je je blijer en door te fronsen voel je je minder blij
, Basisemoties of continue dimensies
De vraag luidt: Zijn er basisemoties of wordt er naar emoties gekeken als een continue
dimensie.
Brein representaties van emotie
Vanuit het biologische standpunt krijgt de overtuiging van dimensies het voordeel.
Hartslag en ademhaling nemen toe bij sterke emoties maar onderscheiden emoties niet van
elkaar. Alleen op basis van autonome activiteit kun je iemands emotie dus niet bepalen.
Traditioneel wordt het limbisch systeem (gebieden van de voorhersenen rond de thalamus)
beschouwd als belangrijk voor emotie.
Een groot deel van de cerebrale cortex reageert ook op emotionele situaties.
onderzoekers gebruiken PET of fMRI technieken om hersengebieden te identificeren die
reageren wanneer iemand wordt blootgesteld aan emotie.
Tijdens onderzoek wordt gezien dat locatie van emotie eerder afhangt van de procedure dan
de emotie die wordt onderzocht.
De enige emotie die verbonden blijkt te zijn aan een hersengebied is walging, die toont
verband met de insula (corticaal gebied belangrijk voor smaak) en wordt het makkelijkst
opgeroepen door je iets vies in de mond voor te stellen.
Onderzoekers vonden sterke reacties in de rechterhemisferische overgang tussen temporale
en pariëtale cortex.
Ze vonden geen cellen die specifiek een reactie vertoonde voor een emotie maar drie
gradients.
1. Plezier vs onplezierig (polariteit)
2. Intensiteit van de emotie
3. Complexiteit
De hersenen lijken emoties niet op te slaan als
aparte vakjes, maar als combinaties van kenmer-
ken. Aldus: Dimensies.
Hemisferische verschillen
Nog een belangrijk aspect is activatie vs remming (inhibition).
Behavioral activation system (BAS)
-> Activiteit in de linkerhersenhelft (frontale en temporale kwabben)
-> Hangt samen met lage tot matige autonome opwinding en een neiging tot benaderen wat
blijdschap of woede kan typeren
Behavioral inhibition system (BIS)
-> Activiteit in de rechterhersenhelft (frontale en temporale kwabben)
-> Wordt beschreven als het remmen van impulsen en oplossen van conflicten tussen
driften.
Kalat (14ed)
uu
Module 11.1 (351-360)
Emotie en Autonome opwinding
Emotionele situaties roepen zowel het sympathetische als parasympathische zenuwstelsel
op. Deze zijn beide onderdeel van het autonome zenuwstelsel. Ze regelen onbewuste
lichaamsfuncties maar hebben een tegengesteld effect.
Zo is het sympathische zenuwstelsel actie en stress gebonden. Wordt actief bij stress,
inspanning of gevaar (fight or flight)
Daarnaast is het parasympathische zenuwstelsel rust en herstel gebonden. Dit is actief
tijdens ontspanning.
! Bijna alle situaties (emotionele) zorgen voor een combinatie van arousal van zowel het
parasympathische en het sympathische zenuwstelsel.
Zo zorgt gevaar niet alleen voor sympathische activiteit maar ook parasympathische
activiteit.
Is fysiologische arousal nodig voor emotie?
Bij mensen met de aandoening ‘pure autonomic failure’ is het autonome zenuwstelsel
volledig of vrijwel volledig gestopt met functioneren. Het hart en andere organen blijven
werken maar het zenuwstelsel regelt ze niet langer.
Mensen met deze aandoening reageren niet op situaties met veranderingen in hartslag,
bloeddruk of zweten.
Ze zeggen dezelfde emoties te ervaren maar voelen deze minder intens. Ze verwijzen vaak
naar het cognitieve aspect wanneer ze rapporteren emoties te ervaren.
Lichamelijke (autonome) reacties en subjectieve beleving van emoties zijn niet altijd aan
elkaar gekoppeld.
Schade rechter somatosensorische cortex: normaal autonome reactie, subjectief weinig
emotie
Schade aan prefrontale cortex: Zwakke autonome reacties maar ervaren emoties subjectief
wel als normaal.
Acties veranderen emoties
Fysiologische reacties vergroten de emotionele intensiteit. Psychologen omschrijven
emoties als belichaamd (embodied) omdat emoties dan afhangen van reacties van het
lichaam. De waarneming van handelingen in het lichaam zouden bijdragen aan emotionele
gevoelens.
Gezichts Feedback Hypothese
-> Door te glimlachen voel je je blijer en door te fronsen voel je je minder blij
, Basisemoties of continue dimensies
De vraag luidt: Zijn er basisemoties of wordt er naar emoties gekeken als een continue
dimensie.
Brein representaties van emotie
Vanuit het biologische standpunt krijgt de overtuiging van dimensies het voordeel.
Hartslag en ademhaling nemen toe bij sterke emoties maar onderscheiden emoties niet van
elkaar. Alleen op basis van autonome activiteit kun je iemands emotie dus niet bepalen.
Traditioneel wordt het limbisch systeem (gebieden van de voorhersenen rond de thalamus)
beschouwd als belangrijk voor emotie.
Een groot deel van de cerebrale cortex reageert ook op emotionele situaties.
onderzoekers gebruiken PET of fMRI technieken om hersengebieden te identificeren die
reageren wanneer iemand wordt blootgesteld aan emotie.
Tijdens onderzoek wordt gezien dat locatie van emotie eerder afhangt van de procedure dan
de emotie die wordt onderzocht.
De enige emotie die verbonden blijkt te zijn aan een hersengebied is walging, die toont
verband met de insula (corticaal gebied belangrijk voor smaak) en wordt het makkelijkst
opgeroepen door je iets vies in de mond voor te stellen.
Onderzoekers vonden sterke reacties in de rechterhemisferische overgang tussen temporale
en pariëtale cortex.
Ze vonden geen cellen die specifiek een reactie vertoonde voor een emotie maar drie
gradients.
1. Plezier vs onplezierig (polariteit)
2. Intensiteit van de emotie
3. Complexiteit
De hersenen lijken emoties niet op te slaan als
aparte vakjes, maar als combinaties van kenmer-
ken. Aldus: Dimensies.
Hemisferische verschillen
Nog een belangrijk aspect is activatie vs remming (inhibition).
Behavioral activation system (BAS)
-> Activiteit in de linkerhersenhelft (frontale en temporale kwabben)
-> Hangt samen met lage tot matige autonome opwinding en een neiging tot benaderen wat
blijdschap of woede kan typeren
Behavioral inhibition system (BIS)
-> Activiteit in de rechterhersenhelft (frontale en temporale kwabben)
-> Wordt beschreven als het remmen van impulsen en oplossen van conflicten tussen
driften.