Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Boom Juridische studieboeken - Kern van het internationaal publiekrecht - Internationaal Recht (RB0202)

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
97
Geüpload op
06-02-2026
Geschreven in
2025/2026

Deze documenten omvatten het vak Internationaal recht. Ook vind je hier de belangrijkste onderwerpen, waarvan je kunt verwachten dat enkele van deze onderwerpen op het tentamen komen.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Module 1
Hoofdstuk 1 – Het internationaal publiekrecht
Internationaal recht speelt belangrijke rol bij het vormgeven van samenwerkingen en het
realiseren van gemeenschappelijke belangen. Internationaal publiekrecht geeft niet alleen de
vorm aan, maar is ook van belang voor het nationaal recht binnen staten. Internationale
afspraken hebben in het algemeen pas praktisch effect als staten hieraan binnen hun nationale
rechtsorde toepassing geven. De toename van het aantal internationale afspraken heeft er dan
ook toe geleid dat internationaal recht op belangrijke punten de reikwijdte en inhoud van
nationaal recht bepaalt. Nationaal recht kan niet meer worden gekend en begrepen zonder
kennis en begrip van internationaal recht.

De Grondwet geeft de Nederlandse regering de taak om de ontwikkeling van de internationale
rechtsorde te bevorderen. Deze taakstelling heeft ertoe geleid dat NL lid is geworden van veel
internationale organisaties en actieve rol speelt bij de ontwikkeling in naleven van internationaal
recht, bijvoorbeeld bij de bescherming van de mensenrechten. De Grondwet maakt het mogelijk
dat de Nederlandse rechter bepaalde internationale rechten verplichtingen rechtstreeks toepast
en, in geval van botsing met nationaal recht, voorrang geeft boven formele wetgeving en zelfs
boven de Grondwet.

Internationaal recht komt veelal tot stand zonder betrokkenheid van het parlement en biedt
dikwijls nauwelijks adequate rechtsbescherming tegen besluiten van internationale organisaties.
De oorsprong van het internationaal publiekrecht wordt vaak verbonden bij het ontstaan van
onafhankelijke en soevereine staten in Europa. Vrijheid en gelijkheid van staten kunnen alleen
worden gewaarborgd door systeem van rechtsregels dat voor alle staten op gelijke voet van
toepassing is. Alleen zo kunnen conflicten en daaruit voortvloeiend geweld worden voorkomen.
Het internationaal publiekrecht had ten tijde van de opkomst van soevereine staten dus vooral als
functie de bevordering van het vreedzaam samenleven (co-existentie) van staten.

De onafhankelijke staten, die bepalend waren voor de ontwikkeling van internationaal
publiekrecht, ontstonden in het Europa van de 16e en 17e eeuw. Hierbij speelde de Vrede van
Westfalen een beslissende rol. In 1648 maakt een aantal verdragen een eind aan de Dertigjarige
en Tachtigjarige Oorlog. Ruim 300 politieke eenheden ontworstelden zich aan het gezag van de
Heilige Roomse Rijk en de Kerkelijke Staat. Zij kwamen overeen het beginsel van territoriale
integriteit te respecteren en werden formeel onafhankelijk. Een van de nieuwe, onafhankelijke
staten die bij de Vrede van Westfalen werd erkend, was de Republiek der Zeven Verenigde
Nederlanden, de voorloper van wat nu het Koninkrijk der Nederlanden is. Met de Vrede van
Westfalen ontstond systeem van soevereine en gelijke staten die niet langer waren onderworpen
aan een hoger gezag. Sindsdien kon er ook onderscheid worden gemaakt tussen het publieke
gezag, dat werd uitgeoefend door de staat, en de private belangen van de monarch. Hiermee
waren de voorwaarden voor het moderne internationaal publiek gecreëerd.

Het beginsel van zelfbeschikking werd in 1945 aanvaard als rechtsbeginsel in het handvest van
de Verenigde Naties (VN-Handvest). Dit gaf alle volkeren het recht om over hun eigen lot te
beschikken. Het begin van zelfbeschikking werd in 1916 al gepropageerd door de Amerikaanse
president Wilson.

Internationale publiekrecht regelt de uitoefening van publiek gezag in de internationale
gemeenschap. Het kent bevoegdheden toe aan entiteiten die publiek gezag uitoefenen (vooral
staten en internationale organisaties) en biedt een juridisch kader waarbinnen zij deze
bevoegdheden uitoefenen.

Internationaal publiekrecht = volkenrecht en internationaal recht.
 Volkenrecht = ius gentium = in het Romeinse Rijk duiden deze term op het recht dat op
alle burgers van toepassing was. In de 16e en 17e eeuw, na het ontstaan van de staat,
werd de term volkenrecht gebruikt om het recht aan te duiden dat tussen staten gold.
 Internationaal recht = de term internationaal recht is beter dan internationaal publiekrecht.
Internationaal recht omvat strikt genomen zowel internationaal publiekrecht als

, internationaal privaatrecht. In de praktijk en in de literatuur wordt de term internationaal
recht echter vooral gebruikt als synoniem voor internationaal publiekrecht. De betekenis
en reikwijdte van het begrip internationaal publiekrecht kunnen nader worden
omschreven aan de hand van de drie termen waaruit het is opgebouwd: internationaal,
publiek en het recht.

Het internationale element
Het internationale element onderscheidt internationaal recht van nationaal recht. Het
internationale nationale karakter van een rechtsregel wordt in hoofdzaak bepaald aan de hand
van de rechtsbron waaruit deze regel voortvloeit. Rechtsbronnen zijn feiten, gebeurtenissen of
procedures die een rechtsorde als rechtscheppend erkend. De nationale rechtsorde en de
internationale rechtsorde kennen elk hun eigen rechtsbronnen. De Nederlandse rechtsorde
erkent bovenal de wet en contracten als rechtscheppend. De internationale rechtsorde erkent in
hoofdzaak vier rechtsbronnen:
1. Gewoonterecht
2. Verdragen
3. Besluiten van internationale organisaties
4. Algemene rechtsbeginselen
Recht dat uit deze rechtsbronnen voortvloeit, wordt aangeduid als internationaal recht.

De internationale en nationale rechtsorde hebben elk hun eigen rechtsbronnen. Ook zijn zij
autonoom, in die zin dat elke rechtsorde zelf bepaalt of en onder welke voorwaarden zij juridische
effecten toekent aan rechtsregels uit een andere rechtsorde. NL heeft een gematigd monistisch
systeem (zie art. 93 en 94 Gw). De burger kan zich alleen beroepen op verdragen en besluiten
van volkenrechtelijke organisaties die naar haar inhoud eenieder kunnen verbinden. Een beroep
op gewoonterecht is niet mogelijk.

Het fundamentele uitgangspunt hierbij is dat in beginsel een regel van nationaal recht geen
juridische betekenis heeft in de internationale rechtsorde. Een regel van nationaal recht heeft
geen rechtsgevolgen in de internationale rechtsorde. De rechtsgevolgen van internationaal recht
in de nationale rechtsorde worden uitsluitend bepaald door nationaal recht.

Nationale rechtsorde vs internationale rechtsorde
Het formele onderscheid tussen de internationale en nationale rechtsorde betekent ook dat deze
rechtsordes eigen organen kennen. Zo functioneren Nederlandse rechtbanken en gerechtshoven
in de Nederlandse rechtsorde en passen zij in beginsel Nederlands recht toe, terwijl het
Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), het Internationaal Strafhof (ISH) en het
Internationaal Gerechtshof (IGH) in de internationale rechtsorde functioneren en nationaal recht
toepassen.

De internationale en nationale rechtsorde hebben elk hun eigen rechtsbronnen en zijn autonoom
(zij bepalen zelf of en onder welke voorwaarden zij juridische effecten toekennen aan
rechtsregels uit een andere rechtsorde), zodat:
1. Nationaal recht op zichzelf genomen geen juridische betekenis heeft in de internationale
rechtsorde.
2. De rechtsgevolgen van internationaal recht in de nationale rechtsorde worden uitsluitend
bepaald door nationaal recht.
3. De internationale en nationale rechtsorde hebben eigen organen.

Er zijn drie kanttekeningen:
1. Het internationaal recht (dat zich richt op staten) en nationaal recht (dat burgers regelt),
vervaagt doordat internationaal recht steeds meer van invloed is op de rechtsposities van
individuen. Dit komt omdat het individu steeds vaker een direct subject wordt van het
internationaal recht. Dit betekent dat het strikte onderscheid aan betekenis verliest.
2. Internationaal recht heeft steeds meer betrekking op onderwerpen die ook door nationaal
recht worden gereguleerd. Inhoudelijk bestaat er wisselwerking tussen de rechtsordes.

, 3. Steeds meer staten hebben nationale rechtsordes opgesteld volgens de internationale
rechtsordes, zodat de twee rechtsordes sterk verweven zijn geraakt.

Het publieke element
Het publieke element onderscheidt internationaal publiekrecht van internationaal privaatrecht. Dit
publieke karakter ligt besloten in twee kenmerken:
1. Ten eerste legitimeert en reguleert internationaal publiekrecht uitoefening van publiek
gezag in de internationale gemeenschap. Dit geldt bovenal voor het gezag van staten en
internationale organisaties. Internationaal recht heeft slechts indirect betrekking op
rechtsbetrekking tussen particulieren.
2. Ten tweede beschermt internationaal publiekrecht publieke belangen, zoals veiligheid,
welzijn, bescherming van natuur en milieu etc. In eerste instantie zijn dit de belangen van
individuele staten, die door middel van internationale afspraken proberen hun belangen te
beschermen. Maar internationaal publiekrecht beschermt ook bovennationale publieke
belangen: belangen van staten gezamenlijk en in sommige gevallen de belangen van de
internationale gemeenschap als geheel.

Interne publiekrecht wordt onderscheiden van internationaal privaatrecht. Internationaal
privaatrecht beheerst privaatrechtelijke rechtsbetrekkingen met het grensoverschrijdend karakter.
Internationaal privaatrecht bepaalt welk nationaal recht op een grensoverschrijdende
rechtsverhouding van toepassing is, welke rechter bevoegd is dat de rechter toe te passen en
hoe rechtelijke vonnissen moeten worden erkend of de uitvoer moeten worden gelegd.
Internationaal publiekrecht regelt in belangrijke mate rechtsbetrekkingen tussen gelijke partijen
(staten).

Het juridische element
Het juridische element onderscheidt internationaal publiekrechtelijke normen van andere
internationale normen. Niet-juridische normen zijn in de praktijk van groot belang. Internationale
betrekkingen worden ook beïnvloed door morele en religieuze normen. Morele overwegingen
hebben grote invloed op de ontwikkeling en de interpretatie van internationaal publiekrecht. Net
als ieder ander recht is internationaal publiekrecht in zekere mate afspiegeling van het streven
naar gerechtigheid rechtvaardigheid.

Het onderscheid tussen juridische regels enerzijds en politieke en morele regels. Anderzijds kan
aan de hand van twee criteria worden bepaald. Het eerste criterium is de bron van een regel. De
internationale rechtsorde kent beperkte aantal rechtsbronnen, bovenal overdragen,
gewoonterecht, besluiten van internationale organisaties en algemene rechtsbeginselen. Alleen
regels die uit deze bronnen voortvloeien behoren tot het internationaal publiekrecht.
Het tweede criterium dat juridische regels onderscheidt van andere regels is dat rechtsregels
onderdeel zijn van een systeem dat schending van een norm verbindt met een sanctie. De
verbinding tussen overtreding van rechtsnorm en een door het recht geregelde sanctie is een
wezenskenmerk van recht. In de Internationale rechtse orden ligt handhaving in belangrijke mate
in handen van staten zelf. Internationale organisaties hebben de mogelijkheid om toezicht te
houden op naleving van internationale rechtsnormen. Dit geschiedt ten dele door internationale
politieke organen, zoals de Veiligheidsraad van de VN, en ten dele door rechterlijke instanties
zoals het IGH, het Internationaal Zeerechttribunaal, het ISH en het EHRM.

Organisatie
De organisatie van de internationale rechtsorde verschilt fundamenteel van de nationale
rechtsorde. De nationale rechtsorde is gecentraliseerd. Publiek gezag wordt uitgeoefend door de
overheid namens en ten behoeve van de gemeenschap. Alle rechtssubjecten zijn onderworpen
aan het publieke gezag van de staat. Deze is bevoegd de wet te stellen en bezit een
geweldsmonopolie om de wet te handhaven.
In de internationale rechtsorde is gemeenschappelijk en centraal gezag uiterst zwak ontwikkeld.
Het publiek gezag wordt vooral door staten zelf, dit de belangrijkste leden van de internationale
gemeenschap vormen, uitgeoefend. De internationale rechtsorde is immers ontstaan uit de
totstandkoming van soevereine en gelijke staten na de vrede van Westfalen. In lijn met het

, decentrale karakter van de internationale rechtsorde beschermt internationaal recht de
soevereiniteit van staten binnen hun grondgebied en daarmee ook het vreedzaam naast elkaar
bestaan van onafhankelijke staten. Dit wordt ook wel aangeduid als het recht van co-existentie.

Naast het recht van co-existentie is ook het recht van samenwerking ontwikkeld. Dit recht van
samenwerking kenmerkt zich door een actieve samenwerking tussen staten, die verder gaan dan
afbakening van soevereiniteit. Voorbeelden zijn samenwerking op het gebied van terrorisme en
grensoverschrijdende milieuvervuiling, waarbij staten informatie uitwisselen en hun beleid
afstemmen teneinde gemeenschappelijke belangen te beschermen. Staten richten internationale
organisaties op, waaraan zij bevoegdheden voor publieke taken overdragen. Vooral voor kleine
en relatief zwakke staten zoals NL zijn dergelijke organisaties van belang. Deze staten hebben
belang bij het aangaan van samenwerkingsverbanden met andere staten en het actief
deelnemen in internationale organisaties. De Nederlandse Grondwet erkent het belang van
bovennationale organisaties en voorziet erin dat bij of krachtens verdrag aan volkenrechtelijke
organisaties bevoegdheden tot wetgeving, bestuur en rechtspraak kunnen worden opgedragen
(art. 92 Gw).

Algemeen deel naar bijzonder
Het internationaal publiekrecht kent een algemeen deel een bijzondere delen. Het algemeen deel
bestaat uit overkoepelende beginselen en leerstukken die alle deelgebieden van internationale
publiekrecht van toepassing zijn. Hierdoor kunnen we daadwerkelijk spreken van een
rechtssysteem. Het algemeen deel bevat vooral formele beginselen, die bepalen wanneer
personen als rechtssubject worden erkend, hoe rechtsregels tot stand komen, hoe zij worden
toegepast en wat gevolgen zijn van schending van Internationale verplichtingen. Voorbeelden zijn
het beginsel van goede trouw, het beginsel dat verdragen moet worden nageleefd en het
beginsel dat schending van de rechtsplicht leidt tot aansprakelijkheid.

Naast het algemeen deel kent het internationaal publiekrecht een aantal bijzondere delen,
waarover staten binnen het algemene kader specifieke afspraken hebben gemaakt. Voorbeelden
zijn internationaal strafrecht, internationaal belastingrecht, internationaal milieurecht,
internationaal handelsrecht, internationaal oorlogsrecht, internationaal recht van de zee,
internationaal energierecht, internationaal luchtrecht, internationale rechten van de mens, etc.
Deze rechtsgebieden bestaan grotendeels uit regels die wisselende groepen staten en andere
factoren hebben opgesteld om gemeenschappelijke belangen te realiseren.

De bijzondere functies:
1. Het recht betreffende de afbakening van staatsgezag;
2. Het recht ter bescherming van individuen;
3. Het recht op het gebied van vrede en veiligheid
4. Het recht dat ziet op duurzame ontwikkeling.

Het recht van de Europese Unie is van oorsprong onderdeel van het internationaal publiekrecht.
Lidstaten hebben vergaande bevoegdheden aan de EU overdragen. Het Hof van Justitie van de
EU heeft verplichte rechtsmacht en het laatste woord over de uitleg van Europees recht. De
instellingen van de Unie kunnen lidstaten en hun burgers binden zonder tussenkomst van de
lidstaten. De burgers zelf, hebben toegang tot de Europese rechter en kiezen de leden van het
Europees Parlement. De Europese rechtsorde wordt ook wel aangeduid als ‘supranationale’
rechtsorde.

Hoofdstuk 2 – Rechtssubjecten
De internationale rechtsorde kent haar eigen rechtssubjecten. Dit zijn de personen of entiteiten
die de bekwaamheid bezitten om deel te nemen aan het rechtsverkeer in de internationale
rechtsorde. De term rechtssubjectiviteit duidt dus op de status die het mogelijk maakt dat
personen deelnemen aan het rechtsverkeer.

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
6 februari 2026
Aantal pagina's
97
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$19.39
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
lauravanbeek Hogeschool van Amsterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
17
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
2
Documenten
8
Laatst verkocht
2 weken geleden

3.0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen