Belangrijke pagina’s
217 in boek - Formules van ionen (leren)
BiNaS 65B - kleuren zout (oplossing)
BiNaS 45A - oplosbaarheid zouten
BiNaS 66C - numerieke voorvoegsels
BiNaS 66A - triviale namen
BiNaS 67G2 - veturen
BiNaS 52A - indicatoren
BiNaS 37I - pH en pOH formules (H3O+ ipv H+)
Hoofdstuk 5 - Zouten en zoutoplossingen
5.1 - Formules van zouten
Enkelvoudige ionen = ionen die uit 1 atoomsoort bestaan
Samengestelde ionen = ionen die uit meerdere atoomsoorten bestaan (de lading die erbij
staat gaat over het geheel)
Een volledige stof heeft altijd een neutrale lading
Verhoudingsformule = de formule van een zout, laat de hoeveelheid ionen van verschillende
ionsoorten zien
Systematische naam ionen: eerst het pos ion, dan het neg ion. Romeinse cijfers ipv
telwoorden bij meerdere opties
Dubbelzout = meer dan 2 verschillende neg en pos ionen, hiervoor triviale namen
5.2 - Zouten en water
Hydratie = aan een zout wordt water toegevoegd waardoor de ionen los komen van het
ionrooster en water aantrekken, waardoor ze omringd worden door watermoleculen.
Gehydrateerde ionen = de opgelosde ionen (aq). Een volledige stof in water heeft -opl
Zouthydraat = als het zout niet oplost in water. Het water in het ionrooster is kristalwater
Je geeft het aan met (zout) · n H2O
Reagens = een stof waarmee je een andere stof aantoont
Oplosvergelijking van zout: Hele stof (s) -> stof 1(+) (aq) + stof 2(-) (aq)
Samengestelde ionen splits je niet
Als een stof slecht oplosbaar is, is er geen oplosvergelijking
Indampvergelijking = tegenovergestelde van een oplosvergelijking
5.3 - Reacties tussen ionen
Neerslag = 2 verschillende zouten worden toegevoegd aan water, de ionen gaan los van
elkaar, 2 soorten ionen die niet origineel bij elkaar zaten vormen samen een slecht
oplosbaar zout en dus vast wordt en omlaag zinkt.
, Neerslagreactie = eerst een tabel met oplosbaarheid maken. Daarna de 2 stoffen die samen
een slecht oplosbaar zout maken in een indampvergelijking
Tribuneionen = de overgebleven ionen bij een neerslagreactie
Neerslag kan je filtreren, tribuneionen kan je indampen
Toepassingen neerslagreacties: Verwijderen ionen uit oplossing, maken nieuwe zouten en
aantonen van ionen in een oplossing
Hoofdstuk 6 - Koolstofchemie
6.1 - Alkanen en alkenen
Organische chemie = koolstofchemie, over koolstofbindingen
Koolwaterstoffen = verbindingen uit alleen C en H atomen
Onvertakt: een C-atoom zit aan maximaal 2 andere C-atomen
Vertakt: minstens 1 C-atoom is met 3 of 4 andere C-atomen verbonden
Structuurisometrie = twee verschillende stoffen met verschillende stofeigenschappen met
dezelfde molecuulformule. Vanaf C4H10. De stoffen zijn isomeren van elkaar.
Verzadigt = alleen enkele bindingen
Onverzadigt = 1 of meer dubbele atoombindingen tussen C-atomen
Alkanen en alkenen = koolwaterstof reeksen waarbij de opeenvolgende stoffen steeds een
CH2 groep meer bevatten
Alkanen
Verzadigde koolwaterstoffen
𝐶𝑛𝐻2𝑛+2 Dus de hoeveelheid C-atomen keer 2 plus 2 is de hoeveelheid H atomen
Kan beide vertakt of onvertakt zijn
Behalve voor methaan, ethaan, propaan en butaan is de naamgeving voor onvertakte
alkanen het eerste deel van het telwoord van de hoeveelheid C-atomen + -aan.
Naamgeving vertakt alkaan: De hoeveelheid C-atomen in de langste onvertakte keten van
C-atomen is de stamnaam, volgens onvertakte naamgeving. Nummer de C atomen van de
stam, beginnend bij de kant het dichts bij de vertakking. Dit nummer zet je voor de
stamnaam. Zet de naam van de vertakking tussen het cijfer en de stamnaam in.
(nummer)-(vertakking)(stamnaam)
Alkenen
Onverzadigde koolwaterstoffen met 1 dubbele binding tussen C-atomen
𝐶𝑛𝐻2𝑛 want er zijn 2 H atomen minder dan een alkaan met dezelfde hoeveelheid C-atomen
Kan beide vertakt of onvertakt zijn
Onvertakte alkenen hebben dezelfde naam als onvertakte alkanen met dezelfde
hoeveelheid c-atomen maar -een ipv -aan
Bij 4 of meer C-atomen kan de dubbele binding op verschillende plekken staan. Hierbij zet je
het cijfer van de C-atoom waar je eerst de dubbele binding tegenkomt tussen het telwoord
en -een, dus (telwoord)-(cijfer)-een
217 in boek - Formules van ionen (leren)
BiNaS 65B - kleuren zout (oplossing)
BiNaS 45A - oplosbaarheid zouten
BiNaS 66C - numerieke voorvoegsels
BiNaS 66A - triviale namen
BiNaS 67G2 - veturen
BiNaS 52A - indicatoren
BiNaS 37I - pH en pOH formules (H3O+ ipv H+)
Hoofdstuk 5 - Zouten en zoutoplossingen
5.1 - Formules van zouten
Enkelvoudige ionen = ionen die uit 1 atoomsoort bestaan
Samengestelde ionen = ionen die uit meerdere atoomsoorten bestaan (de lading die erbij
staat gaat over het geheel)
Een volledige stof heeft altijd een neutrale lading
Verhoudingsformule = de formule van een zout, laat de hoeveelheid ionen van verschillende
ionsoorten zien
Systematische naam ionen: eerst het pos ion, dan het neg ion. Romeinse cijfers ipv
telwoorden bij meerdere opties
Dubbelzout = meer dan 2 verschillende neg en pos ionen, hiervoor triviale namen
5.2 - Zouten en water
Hydratie = aan een zout wordt water toegevoegd waardoor de ionen los komen van het
ionrooster en water aantrekken, waardoor ze omringd worden door watermoleculen.
Gehydrateerde ionen = de opgelosde ionen (aq). Een volledige stof in water heeft -opl
Zouthydraat = als het zout niet oplost in water. Het water in het ionrooster is kristalwater
Je geeft het aan met (zout) · n H2O
Reagens = een stof waarmee je een andere stof aantoont
Oplosvergelijking van zout: Hele stof (s) -> stof 1(+) (aq) + stof 2(-) (aq)
Samengestelde ionen splits je niet
Als een stof slecht oplosbaar is, is er geen oplosvergelijking
Indampvergelijking = tegenovergestelde van een oplosvergelijking
5.3 - Reacties tussen ionen
Neerslag = 2 verschillende zouten worden toegevoegd aan water, de ionen gaan los van
elkaar, 2 soorten ionen die niet origineel bij elkaar zaten vormen samen een slecht
oplosbaar zout en dus vast wordt en omlaag zinkt.
, Neerslagreactie = eerst een tabel met oplosbaarheid maken. Daarna de 2 stoffen die samen
een slecht oplosbaar zout maken in een indampvergelijking
Tribuneionen = de overgebleven ionen bij een neerslagreactie
Neerslag kan je filtreren, tribuneionen kan je indampen
Toepassingen neerslagreacties: Verwijderen ionen uit oplossing, maken nieuwe zouten en
aantonen van ionen in een oplossing
Hoofdstuk 6 - Koolstofchemie
6.1 - Alkanen en alkenen
Organische chemie = koolstofchemie, over koolstofbindingen
Koolwaterstoffen = verbindingen uit alleen C en H atomen
Onvertakt: een C-atoom zit aan maximaal 2 andere C-atomen
Vertakt: minstens 1 C-atoom is met 3 of 4 andere C-atomen verbonden
Structuurisometrie = twee verschillende stoffen met verschillende stofeigenschappen met
dezelfde molecuulformule. Vanaf C4H10. De stoffen zijn isomeren van elkaar.
Verzadigt = alleen enkele bindingen
Onverzadigt = 1 of meer dubbele atoombindingen tussen C-atomen
Alkanen en alkenen = koolwaterstof reeksen waarbij de opeenvolgende stoffen steeds een
CH2 groep meer bevatten
Alkanen
Verzadigde koolwaterstoffen
𝐶𝑛𝐻2𝑛+2 Dus de hoeveelheid C-atomen keer 2 plus 2 is de hoeveelheid H atomen
Kan beide vertakt of onvertakt zijn
Behalve voor methaan, ethaan, propaan en butaan is de naamgeving voor onvertakte
alkanen het eerste deel van het telwoord van de hoeveelheid C-atomen + -aan.
Naamgeving vertakt alkaan: De hoeveelheid C-atomen in de langste onvertakte keten van
C-atomen is de stamnaam, volgens onvertakte naamgeving. Nummer de C atomen van de
stam, beginnend bij de kant het dichts bij de vertakking. Dit nummer zet je voor de
stamnaam. Zet de naam van de vertakking tussen het cijfer en de stamnaam in.
(nummer)-(vertakking)(stamnaam)
Alkenen
Onverzadigde koolwaterstoffen met 1 dubbele binding tussen C-atomen
𝐶𝑛𝐻2𝑛 want er zijn 2 H atomen minder dan een alkaan met dezelfde hoeveelheid C-atomen
Kan beide vertakt of onvertakt zijn
Onvertakte alkenen hebben dezelfde naam als onvertakte alkanen met dezelfde
hoeveelheid c-atomen maar -een ipv -aan
Bij 4 of meer C-atomen kan de dubbele binding op verschillende plekken staan. Hierbij zet je
het cijfer van de C-atoom waar je eerst de dubbele binding tegenkomt tussen het telwoord
en -een, dus (telwoord)-(cijfer)-een