Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Lineaire Algebra (deel 1)

Rating
4.0
(1)
Sold
1
Pages
13
Uploaded on
31-03-2021
Written in
2019/2020

Dit is een samenvatting van Lineaire Algebra (deel 1), zoals gegeven op de Universiteit Utrecht. Het tweede deel van de samenvatting is ook op mijn account te vinden.

Institution
Course

Content preview

LINEAIRE ALGEBRA DEEL 1



VECTOREN

Een vector ~a is een translatie (verschuiving) in de ruimte en gaat van een punt A naar een punt B.
Een vector wordt getekend als pijl −→. De verplaatsingsafstand van een vector wordt de lengte
van de vector genoemd. De lengte van een vector ~a heeft de notatie: |~a|.

De vector met lengte 0 is de nulvector: ~0.
De somvector a + ~ b krijg je door de verschuivingen bij elkaar op te tellen.
De verschilvector a −~ b krijg je door de verschuivingen van elkaar af te trekken.
Een scalaire vermenigvuldiging van een vector wordt genoteerd als λ~a met λ ∈ R.
Een vast punt O in de ruimte noemen we de oorsprong.

Voor elk drietal vectoren ~a, ~b, ~c en elk tweetal getallen λ, µ ∈ R geldt:

1. a + b = b + a

2. a + (b + c) = (a + b) + c

3. λ(a + b) = λa + λb

4. (λ + µ)a = λa + µa

5. λ(µa) = (λµ)a


De punten van de lijn l worden gegeven door de verzameling l = {~ p + λ~a : λ ∈ R}.
Het gedeelte p~ + λ~a heet een parametervoorstelling of vectorvoorstelling van de lijn l.
De vector p~ heet de steunvector van de lijn en ~a 6= ~0 is de richtingsvector van de lijn.

Een tweetal vectoren ~a, ~b heet onafhankelijk als de één geen scalair veelvoud is van de ander.
Dus ~a, ~b zijn onafhankelijk als ze beide niet ~0 zijn en als ze in verschillende en niet-tegengestelde
richtingen wijzen.
n o
V wordt gegeven door de vectoren p~ + λ~a + µ~b : λ, µ ∈ R en dit heet een parametervoorstelling
van een vlak V. Hierin is p~ wederom de steunvector en zijn ~a, ~b de richtingsvectoren.

We kunnen elke vector ~a schrijven in de vorm λe~1 + µe~2 + ν e~3 voor goed gekozen λ, µ, ν. Daarbij
zijn λ, µ, ν de coördinaten of kentallen van de vector ~a ten opzichte van de basis e~1 , e~2 , e~3 .
(λ stappen naar voren, µ stappen naar rechts, ν stappen naar boven.)
 
x1
Kolomvector notatie: x2 
x3
Rijvector notatie: (x1 , x2 , x3 )t waarin t (transpositie) betekent dat we van een rij een kolom maken.




1

, We noemen een tweetal niet-evenwijdige lijnen dat elkaar niet snijdt, kruisend.

Behalve parametervoorstellingen van een vlak kan een vlak ook gekarakteriseerd worden door een
vergelijking van een vlak. Bijvoorbeeld, beschouw het vlak bestaande uit de punten met
coördinaten x1 , x2 , x3 die gegeven wordt door de parametervoorstelling
       
x1 1 1 −2
x2  = 3 + λ −1 + µ  0 
x3 1 −1 −1
Uitgeschreven geeft dit,
x1 = 1 + λ − 2µ
x2 = 3 − λ
x3 = 1 − λ − µ
En dit zorgt voor de vergelijking x1 + 3x2 − 2x3 = 8 waaruit λ, µ verdreven zijn.
Parametervoorstellingen van lijnen en vlakken zijn niet uniek vastgelegd.


INWENDIGE PRODUCTEN

Het inwendig product van ~a en ~b is het getal |~a||~b| cos φ en heeft als notatie: ~a · ~b. De hoek
ligt tussen 0 en π radialen in.

Als ~a en ~b loodrecht op elkaar staan (φ = π/2), dan geldt ~a · ~b = 0. Als ~a of ~b de nulvector is,
dan is het begrip ”hoek” tussen ~a en ~b niet goed gedefinieerd. In dat geval spreken we af dat ~a ·~b = 0.

De lengte van x met kentallen x1 , x2 , x3 wordt, via de Stelling van Pythagoras, gegeven door
|~x|2 = x21 + x22 + x23
q √
En dus korter geschreven als |~x| = x21 + x22 + x23 = ~x · ~x

Voor elk tweetal vectoren ~x, ~y met kentallen (x1 , x2 , x3 ) en (y1 , y2 , y3 ) geldt
~x · ~y = x1 y1 + x2 y2 + x3 y3
Twee vectoren ~x, ~y zijn onderling orthogonaal als ~x · ~y = 0.

Bij elk vlak hoort een zogenaamde normaalvector welke loodrecht op het vlak staat. Deze is op
scalaire factor na vastgelegd. Kies een normaalvector ~n van V en stel p~ ∈ V: Elk punt x ∈ V heeft
de eigenschap dat ~n · (~x − p~) = 0 Ofwel, ~n · ~x = ~n · p~, in coördinaten:
n1 x1 + n2 x2 + n3 x3 = n1 p1 + n2 p2 + n3 p3
De normaalvector kan ook gebruikt worden om een vergelijking van het vlak op te stellen. Als we
weer het voorbeeld pakken van hierboven, krijgen we:
   
1 −2
~n · −1 = ~n ·  0  = 0
−1 −1

2

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 31, 2021
Number of pages
13
Written in
2019/2020
Type
SUMMARY

Subjects

$4.96
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
brenda00
2.5
(2)

Also available in package deal

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
2 year ago

4.0

1 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
brenda00 Universiteit Utrecht
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
10
Member since
7 year
Number of followers
5
Documents
15
Last sold
1 year ago

2.5

2 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
1

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions