The science of psychology concerns (De wetenschap van de psychologie houdt zich bezig
met):
1. Explaining behaviour (uitleggen van gedrag)
o Trying to find the cause (oorzaak) of behaviour
o B.v.: Waarom vinden mensen het moeilijk om afstand te houden van mensen?
2. Predicting behaviour (voorspellen van gedrag)
o Voorspellen hoe mensen zich gedragen in een bepaalde gebeurtenis
o B.v.: Wat gaan studenten doen als ze een
briefje van 10 zien liggen? Gaan ze het
oprapen en zelf meenemen of ergens
inleveren?
3. Influencing (beïnvloeden van gedrag
o We want to influence behaviour.
o B.v.: Wat kunnen we doen om de negatieve
consequenties van FOMO te verminderen?
^^
Maar voordat we iets of iemand gaan beïnvloeden, moeten we eerst weten wat het probleem is
Gedrag beïnvloeden is:
- Niet nieuw (wisten we vroeger ook al)
- Not domain specific (je hoeft geen psycholoog te zijn om gedrag te beïnvloeden)
o Je moeder kan je gedrag ook beïnvloeden, door te zeggen dat je je kamer op moet
ruimen
o ETC.
Maar waarom is Systematic Psychological Design dan zo belangrijk voor psychologen?
- SPD’ers benaderen gedragsproblemen vanaf een ‘academic point of view’
- Wanneer ze voor het eerst het probleem definiëren door het doen van onderzoek en/of
literatuuronderzoek, zoeken ze naar
o ‘academic sources’ (academische bronnen)
o Selecteren ze de meest relevante
o Combineren de relevante informatie van deze bronnen
o En analyseren deze bronnen
Betekenis Systematic Pscyhological Design:
- SPD kan worden beschouwd als de discipline die kennis en vaardigheden omvat om
systematisch psychologische interventies te ontwikkelen en deze te gebruiken of toe
te passen om psychologische problemen op te lossen.
,Psychologist have tools:
- Psychological knowledge (kennis)
- Academic skills
o Er is geen echte enige oplossing voor elk probleem, dat maakt het moeilijk
▪ Elke discipline in psychologie kan je leiden naar een andere oplossing
▪ Het toepassen van de academische benadering en weloverwogen
(design)keuzes is ‘key’!
What are the roles of the SPD-er?
- Designer (ontwerper)
o Design or make the solution for the problem.
- Researcher (onderzoeker)
o Exploring, predicting, and approving the problem
- Adviser (adviseur)
o Communicatie van bevindingen met andere mensen
^^
Voor al deze rollen ben je:
- Academische skills (hoe ga je om met bronnen);
- Professionele skills (samenwerken, communiceren);
- En ethics (wat is ethisch verantwoord?)
o NODIG!
Roles of applied (toegepaste) psychologists:
- Counselor
- Change agent
- Expert
- Collegae
- Toolmaker
- Theoretician
- Detached investigator
KORTOM:
- SPD’er is een toegepaste psycholoog en wil gedrag beïnvloeden
- SPD’er heeft meerdere rollen (designer, researcher, adviser)
- Om dit goed te beïnvloeden zijn ze academische en professionele skills nodig (of moeten
ze ontwikkelen)
- SPD’er kan gevraagd worden om meerdere verschillende rollen op te pakken (counselor,
change agent, expert, collegae, toolmaker, theoretician, detached-investigator)
- In alle gevallen moet een SPD’er ook rekening houden met ethiek (ethics)
, 5 Kernconcepten van SPD:
1. Psychological problem:
o Een maatschappelijk probleem = gerelateerd aan gedrag en de functie van grote
groepen die onderdeel zijn van de maatschappij
o Psychological problems moeten
▪ Een maatschappelijk probleem zijn
▪ En goed gedefinieerd zijn
2. Behavioral change = definitie = Gaat over beïnvloeden en/of veranderen van menselijke
gewoonten en gedragingen over de lange termijn
o Wat is gedrag?
▪ 1. Je kunt het doen
▪ 2. Het is direct observeerbaar
▪ 3. Het is concreet
▪ En het is omschreven met actieve werkwoorden
• ‘Fietsen’ is een gedrag bijvoorbeeld (je kan het doen, observeren
en is concreet, en het is geschreven in actieve werkwoord(en)
• Aardig zijn NIET: het is niet concreet hoe je het doet, moeilijk te
observeren, en je kunt niet zien hoe iemand het doet, niet
duidelijk
• Pannenkoeken bakken WEL
• Betere communicatie NIET: Niet duidelijk hoe je het doet, moeilijk
te observeren, niet concreet. En ‘better’ is geen actief werkwoord
3. Interventie = Een set van maatregelen, middelen en mensen die worden gebruikt om
invloed uit te oefenen of het veranderen van het gedrag van mensen.
o Inspire, motivate, engage the user.
4. Psychological knowledge
o Alle verschillende kennis die je hebt, en takken
van psychologie
o Je hebt de klinische kant, maar ook de
ontwikkelingspsychologie kant, maar ook de
positieve kant, leerkant, gezondheidskant, etc.
5. Systematic design (systematisch ontwerp)
o ASCE Model!!!
o Involvement = relational (liaison/linkage group)
o Accountability = justification (stappen,
ontwerpkeuzes)
Verschillen design thinking en systematic design:
- Design thinking =
o Design thinking draws from the designer’s
toolkit consisting of psychological
knowledge, relevant skills and perspective
taking to integrate needs, context, and culture of the target group to come up
with innovative, alternative solutions for
psychological problems.
, ASCE-model
- Bestaat uit 4 ‘core-activities’ en heet verschillende ‘sub-activities’
De 4 ‘core-activities’:
1. Analysis
o Heeft 3 ‘sub-activities’:
▪ Problem-analysis
• Heeft als doel om het probleem diepgaand te verkennen
▪ Behaviour analysis
• Analyse van de ongewenste en gewenste gedragingen van het
psychologische probleem
▪ Analysis of determinants
• We willen ook weten wat de oorzaak is van het gedrag
2. Synthesis
o Heeft 2 ‘sub-activities’:
▪ Defining objectives
• Formuleren van doelen die je wil bereiken in de interventie.
▪ Methods & Strategies
• Hoe wil je de doelen bereiken, vanaf een theoretische ‘point-of-
view’
• Welke psychologische mechanismen van de theorie van
gedragsverandering zou passen om de doelen, die je hebt
opgesteld, te bereiken?
• En hoe gaat dit er in de praktijk uit zien?
3. Construction
o Heeft 2 ‘sub-activities’:
▪ Intervention design
• Het ontwerpen van de interventie
• Beschrijven hoe je interventie eruit komt te zien en waarom het de
beste manier is om gedrag te beïnvloeden
▪ Implementation
• Natuurlijk moet de interventie ook geïmplementeerd worden
• Je moet er zeker van zijn dat je doelgroep gaat deelnemen aan je
interventie.
4. Evaluation
o Heeft 2 ‘sub-activities’:
▪ Effect evaluation
• Evalueren of de doelen effectief waren
▪ Process-evaluation
• Evalueren of het implementatieplan effectief was
Het ASCE-model:
- Bevat een logische, controleerbare en stapsgewijze benadering of methode om een
psychologische interventie te ontwerpen.
- Het is een circulair model:
o Elke nieuwe stap van het model is gebaseerd op de vorige stap