afstudeeronderzoek
De inzet van Genus ter bevordering van zelfredzaamheid en
continuïteit van zorg
(Genus Care, z.d.-a. In het publieke domein)
Studieonderdeel: Onderzoeksverslag afstudeeronderzoek
Opleiding:
Projectbegeleider:
Opdrachtgever:
Examinator:
Praktijkinstelling:
Student 1:
Studentnummer:
Student 2:
Studentnummer:
Datum inleveren:
,Voorwoord
Met trots presenteren wij het adviesrapport “De inzet van Genus ter bevordering van
zelfredzaamheid en continuïteit van zorg op afdeling ……………………………...” Dit rapport is tot stand
gekomen in het kader van ons afstudeeronderzoek voor de opleiding HBO-verpleegkunde aan…………..
We hebben onderzocht hoe de inzet van Genus kan bijdragen aan het vergroten van de
zelfredzaamheid van cliënten en tegelijkertijd de continuïteit van zorg kan bevorderen. Vanuit
gesprekken met zorgmedewerkers en cliënten hebben we waardevolle inzichten verzameld. Op basis
hiervan hebben we gerichte aanbevelingen opgesteld die aansluiten bij de wensen en mogelijkheden
van de zorgmedewerkers van ……………………………
Voor het verbeteren van de spelling en grammatica is gebruikgemaakt van ChatGPT, een hulpmiddel
ontwikkeld door OpenAI. Dit hulpmiddel is ingezet om de zinsopbouw en de leesbaarheid van de
tekst te verbeteren. Daarnaast is dit hulpmiddel ook actief ingezet om gerichte feedback te
verzamelen ter verbetering van het onderzoeksverslag (OpenAI, 2025).
We willen graag een aantal mensen bedanken die een belangrijke rol hebben gespeeld in het verloop
van dit onderzoek. Allereerst onze onderzoeksbegeleider …………………. voor de fijne begeleiding, haar
oprechte betrokkenheid en kritische blik. Ook willen we onze opdrachtgever …………………. bedanken
voor haar betrokkenheid tijdens het onderzoek, haar begeleiding en het delen van haar inzichten.
Tot slot willen we alle betrokken zorgmedewerkers en cliënten bedanken voor het delen van hun
ervaringen en ideeën met ons. Dankzij hun openheid en inzet hebben we dit onderzoek kunnen
uitvoeren.
Wij hopen dat de inzichten en aanbevelingen uit dit rapport een waardevolle bijdrage leveren aan de
verdere inzet van de Genus in de zorg.
Wij wensen u veel leesplezier en inspiratie toe!
………………….. & …………………………..
…………………, 2025
,Samenvatting
Aanleiding
De vergrijzing leidt tot een toenemende vraag naar zorg, vooral voor ouderen met chronische
aandoeningen. Dit verhoogt de werkdruk in de zorg, zo ook in de geriatrische revalidatie. Binnen …..
worden verschillende zorgtechnologieën steeds vaker ingezet om de zorg te verbeteren. Een
voorbeeld hiervan is de Genus. Dit is een digitale fotolijst waarmee verzorgenden en
verpleegkundigen op afstand met cliënten kunnen communiceren en hen kunnen ondersteunen. Ook
kunnen er herinneringen worden ingesteld op de Genus, waarmee kleine taken van zorgmedewerkers
deels kunnen worden overgenomen. De zorgtechnologie Genus kan de efficiëntie van de zorg
verbeteren door het bevorderen van zelfredzaamheid en continuïteit van zorg.
Sinds juni 2024 wordt de Genus op ……………. ingezet om communicatie tussen verzorgenden en
verpleegkundigen en cliënten mogelijk te maken. Echter is er onvoldoende informatie gegeven aan
zorgmedewerkers over het gebruik en de functies van de Genus waardoor het momenteel weinig
wordt gebruikt.
Op basis hiervan is de volgende onderzoeksvraag geformuleerd:
“Hoe kan de inzet van Genus de zelfredzaamheid van cliënten bevorderen en de continuïteit van
zorg voor verzorgenden en verpleegkundigen van revalidatie verbeteren?”
Met hierbij de volgende deelvragen:
“Wat zijn de ervaringen van cliënten op afdeling revalidatie met het gebruik van de Genus tijdens
het revalidatieproces?”
“Wat hebben de zorgmedewerkers van revalidatie nodig om de Genus in te zetten bij de cliënten
om de continuïteit van zorg te verbeteren?’’
Het doel van dit onderzoek is om in juni 2025 een implementatieadvies te presenteren aan het team
van revalidatie.
Methode
Er is een kwalitatief onderzoek uitgevoerd in de vorm van een casestudy bestaande uit twee
deelonderzoeken. Eén gericht op cliënten en hun mantelzorgers en één op zorgmedewerkers. Aan de
hand van in- en exclusiecriteria en door middel van een doelgerichte steekproef werden de
respondenten uitgezocht. Alle respondenten werden voorafgaand aan het onderzoek geïnformeerd
en hebben schriftelijk toestemming gegeven om deel te nemen aan het onderzoek en voor het
opnemen van de interviews. De dataverzameling vond vervolgens plaats via semigestructureerde
interviews, observaties, dossieronderzoek en veldnotities.
De data zijn geanalyseerd aan de hand van thematische analyse volgens Braun en Clarke (2021). Om
de betrouwbaarheid te waarborgen zijn onder andere member checks uitgevoerd en is gewerkt met
triangulatie.
Resultaten
Uit de data-analyse kwamen vijf hoofdthema’s naar voren:
Ondersteuning van zelfredzaamheid en eigen regie: De herinneringsfunctie van de Genus
helpt cliënten om dagelijkse taken zelfstandiger uit te voeren. Ook ervaren cliënten meer
, overzicht en structuur in hun dag, wat bijdraagt aan hun eigen regie. Hierbij wordt ook
benadrukt dat het van belang is om de functies van Genus thuis voort te zetten.
Welzijn en geruststelling: De spreek-luisterverbinding van de Genus biedt cliënten meer rust
en duidelijkheid. Ook het ontvangen van foto’s draagt positief bij aan motivatie en stemming.
Ondersteuning van zorgprocessen: Genus helpt zorgmedewerkers door kleine taken over te
nemen en cliënten op afstand te ondersteunen wat als tijdbesparend wordt ervaren.
Tegelijkertijd kan de mobiliteit van cliënten en technische uitdagingen invloed hebben op de
inzet en werking van de Genus.
Cognitieve geschiktheid en inzetbaarheid: De inzet van Genus is niet geschikt voor alle
cliënten, aangezien het ook verwarring kan veroorzaken. Er moet per client beoordeeld
worden of de Genus passend is. Multidisciplinair overleg wordt gezien als een geschikt
moment om dit gezamenlijk af te stemmen.
Belemmeringen en acceptatie: Er is sprake van technische beperkingen en onvoldoende
kennis bij zorgmedewerkers, cliënten en naasten. Dit belemmert het gebruik in de praktijk.
Conclusie
De Genus blijkt bij te dragen aan het vergroten van de zelfredzaamheid van cliënten en het
ondersteunen van zorgmedewerkers in de dagelijkse werkzaamheden. Wat zowel de continuïteit van
zorg bevordert als bijdraagt aan het verminderen van de werkdruk. Voor een effectieve toepassing is
goede implementatie en begeleiding van zorgmedewerkers belangrijk. Waarbij er per cliënt gekeken
wordt naar geschiktheid van inzet.
Discussie
De betrouwbaarheid van het onderzoek is vergroot door het toepassen van triangulatie waarbij
interviews, observaties, dossieronderzoek en veldnotities zijn gecombineerd. Ook is gebruik gemaakt
van member checks en gezamenlijke data-analyse met een medeonderzoeker, wat de validiteit van de
resultaten heeft versterkt. De diversiteit aan respondenten waaronder twee verschillende cliënten,
mantelzorgers en zorgmedewerkers heeft gezorgd voor een breed en compleet beeld van de inzet van
de Genus in praktijk. Tegelijkertijd waren er ook enkele beperkingen. Zo hadden de onderzoekers
beperkte ervaring met interviewen waardoor er sturende vragen zijn gesteld of niet voldoende is
doorgevraagd. Daarnaast was het door ziekte en werkdruk op de afdeling lastig om interviews en
observaties te plannen, wat deels is opgevangen met informele gesprekken en veldnotities. Ondanks
deze beperkingen is er voldoende data verzameld en werd er een punt van verzadiging bereikt. Door
het betrekken van externe lezers bij de data analyse, is de betrouwbaarheid van de resultaten verder
versterkt.
Aanbevelingen
Op basis van de onderzoeksresultaten en de afstemming & realisatiebijeenkomst zijn twee
aanbevelingen opgesteld. De eerste richt zich op betere informatievoorziening. Zorgmedewerkers
krijgen een extra voorlichting en de Genus wordt opgenomen in het inwerkprogramma. Cliënten en
naasten worden tijdens het opnamegesprek geïnformeerd, met ondersteuning van een visuele
informatieposter in de aangereikte informatiemap.
De tweede aanbeveling is het structureel bespreken van de Genus in het cognitief overleg. Hierbij
wordt per cliënt beoordeeld of en hoe de Genus ingezet kan worden, afgestemd op de cognitieve
mogelijkheden. De contactverpleegkundige coördineert dit proces en legt afspraken vast in het
cliëntendossier. Beide aanbevelingen zorgen voor een betere toepassing van de Genus in de praktijk
en vergroten de betrokkenheid van het team.