Samenvatting:
Anatomie en fysiologie hart- en vaatstelsel
Gelegen in de thorax, binnen het mediastinum, rust het op het diafragma. De apex cordis,
ofwel de punt van het hart, wijst naar links-voor en is te palperen in de 5e intercostaal ruimte
links in de medioclaviculaire lijn. Het hart heeft een gemiddelde grootte van een vuist en
weegt tussen de 225 en 310 gram.
De hartwand bestaat uit drie hoofdlagen:
Endocard: Dit is de gladde binnenbekleding van het hart, die ook de hartkleppen
bedekt.
Myocard: De spierlaag van het hart, die uit gespecialiseerde cardiomyocyten bestaat,
is verantwoordelijk voor de contractie van het hart. De dikte van het myocard varieert
tussen de verschillende kamers; het is dikker bij de linkerventrikel, die krachtiger
moet samentrekken om bloed in de systemische circulatie te pompen.
Epicard: De buitenste laag van het hart, die tevens het binnenblad van het pericard
vormt. Het epicard is belangrijk voor de bescherming van het hart en speelt een rol in
de productie van pericardiale vloeistof, die wrijving tijdens de hartslag vermindert.
Het hart is omgeven door het pericard, dat uit een stevig buitenblad en een soepel
binnenblad bestaat. Tussen deze bladen bevindt zich een kleine hoeveelheid pericardvocht,
dat fungeert als een smeermiddel en voorkomt dat de harten wrijving ondervinden tijdens
de hartcyclus.
Het hart is verdeeld in vier kamers, die elk specifieke functies vervullen:
RechteratriumOntvangt zuurstofarm bloed uit de vena cava superior en inferior.
RechterventrikelPompt zuurstofarm bloed via de arterie pulmonalis naar de longen
voor zuurstofopname en koolstofdioxideafgifte. De wand van de rechterventrikel is
dunner dan die van de linkerventrikel, omdat het bloed slechts naar de longen hoeft
te worden gepompt, wat een lagere druk vereist dan de systemische circulatie.
LinkeratriumOntvangt zuurstofrijk bloed uit de pulmonale venen, die het bloed
vanuit de longen terugvoeren naar het hart.
LinkerventrikelPompt zuurstofrijk bloed via de aorta naar de systemische circulatie,
waar het bloed naar de rest van het lichaam wordt gestuurd.De wand van de
linkerventrikel is de dikste van alle hartkamers, wat nodig is om de hoge druk te
overwinnen die vereist is om bloed door het hele lichaam te pompen.
Vier kleppen zorgen voor eenrichtingsverkeer van bloed in het hart:
Tricuspidalisklep Gelegen tussen het RA en de RV voorkomt terugvloeiing van bloed
naar het atrium tijdens ventriculaire systole.
MitralisklepGelegen tussen het LA en de LV voorkomt terugvloeiing naar het atrium
tijdens de samentrekking van de ventrikels.
, Pulmonalisklep Tussen de RVen de arterie pulmonalis; opent om bloed naar de
longen te laten stromen.
AortaklepTussen de linkerventrikel en de aorta; opent om bloed naar de
systemische circulatie te pompen.
De coronaire circulatie voorziet het hart zelf van zuurstofrijk bloed. Uit de aorta ascendens
ontspringen de volgende hoofdslagaders:
Rechter Coronaire Arterie (RCA)Voorziet het rechteratrium, rechterventrikel en een
deel van het interventriculaire septum van bloed
Linker Coronaire Arterie (LCA) Splitst in twee takken:
o Left Anterior Descending (LAD): Voorziet de voorwand van de linkerventrikel
en het grootste deel van het septum van bloed. Deze arterie is van vitaal
belang voor de bloedtoevoer naar het myocard van de linkerventrikel.
o Circumflex Arterie (CX) De CX is verantwoordelijk voor de bloedvoorziening
van de achterwand van het hart.
Sinusknoop: Fungeert als de natuurlijke pacemaker van het hart met een frequentie
van 60–100 slagen per minuut. Het genereert elektrische impulsen die de contractie
van de hartspier initiëren.
AV-knoop: Gelegen tussen de atria en ventrikels, geeft de AV-knoop de elektrische
prikkel vertraagd door aan de ventrikels, wat zorgt voor een optimale timing tussen
atriale en ventriculaire contractie. Dit voorkomt dat de ventrikels te snel
samentrekken.
Bundel van His: Loopt door het interventriculaire septum en splitst in linker- en
rechterbundeltakken die de elektrische impulsen naar de ventrikels geleiden.
Purkinjevezels± Zorgen voor snelle activatie van de ventrikels, waardoor een
gecoördineerde samentrekking plaatsvindt. Deze vezels verspreiden de elektrische
impuls snel door de ventrikels, wat leidt tot een efficiënte ejectie van bloed.
De hartcyclus bestaat uit twee hoofd fasen:
Systole: De contractiefase van de ventrikels, waarin bloed wordt uitgedreven naar de
longen en het lichaam.
Diastole: De ontspanningsfase, waarin het hart zich vult met bloed.
Tijdens de hartcyclus zijn er specifieke harttonen te horen:
S1: Het sluiten van de mitralis- en tricuspidalisklep, wat het begin van de systole
markeert.
S2: Het sluiten van de aortaklep en pulmonalisklep, wat het begin van de diastole
markeert.
Extra tonen (S3, S4): kunnen wijzen op pathologie zoals hartfalen of hypertrofie, en
kunnen belangrijke diagnostische aanwijzingen bieden voor cardiologen.
,Het rechterhart verzorgt de kleine circulatie (longcirculatie), terwijl het linkerhart bloed in de
grote circulatie (systemische circulatie) pompt.
De route van de bloedsomloop is als volgt:
Lichaam → rechteratrium → rechterventrikel → longen → linkeratrium →
linkerventrikel → aorta → lichaam**.
Dit systeem zorgt ervoor dat zuurstofarm bloed naar de longen wordt gestuurd voor
zuurstofopname, terwijl zuurstofrijk bloed naar de rest van het lichaam wordt gepompt.
, Stabiele angina pectoris
Pathofysiologie
Angina pectoris wordt gedefinieerd als een beklemmende of drukkende pijn of
onaangenaam gevoel op de borst, veroorzaakt door ischemie van het myocard.Stabiele
angina pectoris is een vorm van angina pectoris met voorspelbare klachten bij inspanning,
emoties en blootstelling aan koude door reversibele ischemie van het myocard. Ischemie
ontstaat door discrepantie tussen vraag naar en aanbod van zuurstof. Een verhoogde vraag
treedt op bij inspanning, emoties en blootstelling aan koude. Daarnaast kan bij ernstig zieke
patiënten (ernstige infectie, ernstig klepfalen) een verhoogde vraag optreden. Een
verminderd aanbod van zuurstof wordt met name veroorzaakt door coronairsclerose, maar
ook door coronairspasmen en anemie.
De diagnose typische angina pectoris wordt gesteld bij aanwezigheid van de volgende drie
symptomen:
1. retrosternale klachten
2. optredend bij inspanning, koude, emoties
3. verdwijnen van de klachten in rust en/of na sublinguale nitraten (binnen 5-10 minuten).
De incidentie van angina pectoris in de huisartsenpraktijk is ongeveer 4 per 1000 patiënten
per jaar, de prevalentie 15-20 per 1000 patiënten. Bij mannen is de incidentie hoger dan bij
vrouwen. De incidentie neemt sterk toe boven het 65e jaar.
Oorzaken:
Coronair stenose
Microvasulair lijden
Vasospastische angina
Anemie
Tachycardie
Ritmestoornissen
Hyperthyreoidie
Aorta stenose
Cardiomyopathie
Hartfalen
Symptomen:
Thoracale pijn
Dyspnoe
Misselijkheid, braken
Uitstralende pijn
Palpitaties
Syncope
Zwak, moe
Anatomie en fysiologie hart- en vaatstelsel
Gelegen in de thorax, binnen het mediastinum, rust het op het diafragma. De apex cordis,
ofwel de punt van het hart, wijst naar links-voor en is te palperen in de 5e intercostaal ruimte
links in de medioclaviculaire lijn. Het hart heeft een gemiddelde grootte van een vuist en
weegt tussen de 225 en 310 gram.
De hartwand bestaat uit drie hoofdlagen:
Endocard: Dit is de gladde binnenbekleding van het hart, die ook de hartkleppen
bedekt.
Myocard: De spierlaag van het hart, die uit gespecialiseerde cardiomyocyten bestaat,
is verantwoordelijk voor de contractie van het hart. De dikte van het myocard varieert
tussen de verschillende kamers; het is dikker bij de linkerventrikel, die krachtiger
moet samentrekken om bloed in de systemische circulatie te pompen.
Epicard: De buitenste laag van het hart, die tevens het binnenblad van het pericard
vormt. Het epicard is belangrijk voor de bescherming van het hart en speelt een rol in
de productie van pericardiale vloeistof, die wrijving tijdens de hartslag vermindert.
Het hart is omgeven door het pericard, dat uit een stevig buitenblad en een soepel
binnenblad bestaat. Tussen deze bladen bevindt zich een kleine hoeveelheid pericardvocht,
dat fungeert als een smeermiddel en voorkomt dat de harten wrijving ondervinden tijdens
de hartcyclus.
Het hart is verdeeld in vier kamers, die elk specifieke functies vervullen:
RechteratriumOntvangt zuurstofarm bloed uit de vena cava superior en inferior.
RechterventrikelPompt zuurstofarm bloed via de arterie pulmonalis naar de longen
voor zuurstofopname en koolstofdioxideafgifte. De wand van de rechterventrikel is
dunner dan die van de linkerventrikel, omdat het bloed slechts naar de longen hoeft
te worden gepompt, wat een lagere druk vereist dan de systemische circulatie.
LinkeratriumOntvangt zuurstofrijk bloed uit de pulmonale venen, die het bloed
vanuit de longen terugvoeren naar het hart.
LinkerventrikelPompt zuurstofrijk bloed via de aorta naar de systemische circulatie,
waar het bloed naar de rest van het lichaam wordt gestuurd.De wand van de
linkerventrikel is de dikste van alle hartkamers, wat nodig is om de hoge druk te
overwinnen die vereist is om bloed door het hele lichaam te pompen.
Vier kleppen zorgen voor eenrichtingsverkeer van bloed in het hart:
Tricuspidalisklep Gelegen tussen het RA en de RV voorkomt terugvloeiing van bloed
naar het atrium tijdens ventriculaire systole.
MitralisklepGelegen tussen het LA en de LV voorkomt terugvloeiing naar het atrium
tijdens de samentrekking van de ventrikels.
, Pulmonalisklep Tussen de RVen de arterie pulmonalis; opent om bloed naar de
longen te laten stromen.
AortaklepTussen de linkerventrikel en de aorta; opent om bloed naar de
systemische circulatie te pompen.
De coronaire circulatie voorziet het hart zelf van zuurstofrijk bloed. Uit de aorta ascendens
ontspringen de volgende hoofdslagaders:
Rechter Coronaire Arterie (RCA)Voorziet het rechteratrium, rechterventrikel en een
deel van het interventriculaire septum van bloed
Linker Coronaire Arterie (LCA) Splitst in twee takken:
o Left Anterior Descending (LAD): Voorziet de voorwand van de linkerventrikel
en het grootste deel van het septum van bloed. Deze arterie is van vitaal
belang voor de bloedtoevoer naar het myocard van de linkerventrikel.
o Circumflex Arterie (CX) De CX is verantwoordelijk voor de bloedvoorziening
van de achterwand van het hart.
Sinusknoop: Fungeert als de natuurlijke pacemaker van het hart met een frequentie
van 60–100 slagen per minuut. Het genereert elektrische impulsen die de contractie
van de hartspier initiëren.
AV-knoop: Gelegen tussen de atria en ventrikels, geeft de AV-knoop de elektrische
prikkel vertraagd door aan de ventrikels, wat zorgt voor een optimale timing tussen
atriale en ventriculaire contractie. Dit voorkomt dat de ventrikels te snel
samentrekken.
Bundel van His: Loopt door het interventriculaire septum en splitst in linker- en
rechterbundeltakken die de elektrische impulsen naar de ventrikels geleiden.
Purkinjevezels± Zorgen voor snelle activatie van de ventrikels, waardoor een
gecoördineerde samentrekking plaatsvindt. Deze vezels verspreiden de elektrische
impuls snel door de ventrikels, wat leidt tot een efficiënte ejectie van bloed.
De hartcyclus bestaat uit twee hoofd fasen:
Systole: De contractiefase van de ventrikels, waarin bloed wordt uitgedreven naar de
longen en het lichaam.
Diastole: De ontspanningsfase, waarin het hart zich vult met bloed.
Tijdens de hartcyclus zijn er specifieke harttonen te horen:
S1: Het sluiten van de mitralis- en tricuspidalisklep, wat het begin van de systole
markeert.
S2: Het sluiten van de aortaklep en pulmonalisklep, wat het begin van de diastole
markeert.
Extra tonen (S3, S4): kunnen wijzen op pathologie zoals hartfalen of hypertrofie, en
kunnen belangrijke diagnostische aanwijzingen bieden voor cardiologen.
,Het rechterhart verzorgt de kleine circulatie (longcirculatie), terwijl het linkerhart bloed in de
grote circulatie (systemische circulatie) pompt.
De route van de bloedsomloop is als volgt:
Lichaam → rechteratrium → rechterventrikel → longen → linkeratrium →
linkerventrikel → aorta → lichaam**.
Dit systeem zorgt ervoor dat zuurstofarm bloed naar de longen wordt gestuurd voor
zuurstofopname, terwijl zuurstofrijk bloed naar de rest van het lichaam wordt gepompt.
, Stabiele angina pectoris
Pathofysiologie
Angina pectoris wordt gedefinieerd als een beklemmende of drukkende pijn of
onaangenaam gevoel op de borst, veroorzaakt door ischemie van het myocard.Stabiele
angina pectoris is een vorm van angina pectoris met voorspelbare klachten bij inspanning,
emoties en blootstelling aan koude door reversibele ischemie van het myocard. Ischemie
ontstaat door discrepantie tussen vraag naar en aanbod van zuurstof. Een verhoogde vraag
treedt op bij inspanning, emoties en blootstelling aan koude. Daarnaast kan bij ernstig zieke
patiënten (ernstige infectie, ernstig klepfalen) een verhoogde vraag optreden. Een
verminderd aanbod van zuurstof wordt met name veroorzaakt door coronairsclerose, maar
ook door coronairspasmen en anemie.
De diagnose typische angina pectoris wordt gesteld bij aanwezigheid van de volgende drie
symptomen:
1. retrosternale klachten
2. optredend bij inspanning, koude, emoties
3. verdwijnen van de klachten in rust en/of na sublinguale nitraten (binnen 5-10 minuten).
De incidentie van angina pectoris in de huisartsenpraktijk is ongeveer 4 per 1000 patiënten
per jaar, de prevalentie 15-20 per 1000 patiënten. Bij mannen is de incidentie hoger dan bij
vrouwen. De incidentie neemt sterk toe boven het 65e jaar.
Oorzaken:
Coronair stenose
Microvasulair lijden
Vasospastische angina
Anemie
Tachycardie
Ritmestoornissen
Hyperthyreoidie
Aorta stenose
Cardiomyopathie
Hartfalen
Symptomen:
Thoracale pijn
Dyspnoe
Misselijkheid, braken
Uitstralende pijn
Palpitaties
Syncope
Zwak, moe