Opdracht D: Inleiding van een Onderzoeksverslag
De Rol van Zelfeffectiviteit en Intrinsieke Motivatie bij Doelrealisatie in de Revalidatie na een CVA
Naam:
Studentnummer:
Emailadres:
Cursus: PB0712 Literatuurstudie
Examinator:
Inleverdatum: 23-09-2025
Aantal woorden: 1353
, De Rol van Zelfeffectiviteit en Intrinsieke Motivatie bij Doelrealisatie in de Revalidatie na een CVA
Een cerebrovasculair accident (CVA), of beroerte, is wereldwijd een van de belangrijkste oorzaken van
sterfte en langdurige invaliditeit (World Health Organization [WHO], 2023). In Nederland krijgen
jaarlijks ongeveer 40.000 mensen een beroerte, en een aanzienlijk deel daarvan houdt blijvende
beperkingen die het dagelijks functioneren bemoeilijken (Hartstichting, 2022). Naast motorische en
cognitieve gevolgen ervaren patiënten vaak ook neuropsychiatrische problemen, zoals depressie en
angst (Hackett et al., 2014). Dit heeft niet alleen invloed op het herstel van de patiënt zelf, maar ook
op de belasting van mantelzorgers en het zorgsysteem.
Revalidatieprogramma’s zijn daarom multidimensionaal opgebouwd: ze richten zich op fysiek herstel,
cognitieve training, gedragsverandering en psychosociale begeleiding. Toch zijn de uitkomsten sterk
wisselend; niet iedere patiënt behaalt de gestelde doelen, ondanks vergelijkbare fysieke
mogelijkheden. Dit wijst op het belang van psychologische determinanten van herstel, waaronder
zelfeffectiviteit en intrinsieke motivatie (Wang et al., 2021; Jones et al., 2021).
Na een beroerte kan iemand traplopen vermijden uit angst om te vallen. Door kleine, veilige
succeservaringen en het koppelen van oefenen aan iets dat die persoon belangrijk vindt, neemt zowel
het vertrouwen als de oefenbereidheid toe, waardoor het doel (weer traplopen) haalbaarder wordt.
Zelfeffectiviteit verwijst naar de mate waarin iemand gelooft in het eigen vermogen om een taak
succesvol uit te voeren (Bandura, 1997). Intrinsieke motivatie betreft de drijfveer om een activiteit uit
te voeren vanwege de persoonlijke waarde of interesse die eraan verbonden is (Deci & Ryan, 2000).
Beiden worden gezien als cruciale voorspellers van doelrealisatie, therapietrouw en kwaliteit van
leven na een CVA (Schunk & DiBenedetto, 2020; Wang et al., 2021). In de volgende paragrafen wordt
ingegaan op empirisch bewijs voor hun rol, waarna een probleemstelling en onderzoeksvraag volgen.
De Rol van Zelfeffectiviteit en Intrinsieke Motivatie bij Doelrealisatie in de Revalidatie na een CVA
Naam:
Studentnummer:
Emailadres:
Cursus: PB0712 Literatuurstudie
Examinator:
Inleverdatum: 23-09-2025
Aantal woorden: 1353
, De Rol van Zelfeffectiviteit en Intrinsieke Motivatie bij Doelrealisatie in de Revalidatie na een CVA
Een cerebrovasculair accident (CVA), of beroerte, is wereldwijd een van de belangrijkste oorzaken van
sterfte en langdurige invaliditeit (World Health Organization [WHO], 2023). In Nederland krijgen
jaarlijks ongeveer 40.000 mensen een beroerte, en een aanzienlijk deel daarvan houdt blijvende
beperkingen die het dagelijks functioneren bemoeilijken (Hartstichting, 2022). Naast motorische en
cognitieve gevolgen ervaren patiënten vaak ook neuropsychiatrische problemen, zoals depressie en
angst (Hackett et al., 2014). Dit heeft niet alleen invloed op het herstel van de patiënt zelf, maar ook
op de belasting van mantelzorgers en het zorgsysteem.
Revalidatieprogramma’s zijn daarom multidimensionaal opgebouwd: ze richten zich op fysiek herstel,
cognitieve training, gedragsverandering en psychosociale begeleiding. Toch zijn de uitkomsten sterk
wisselend; niet iedere patiënt behaalt de gestelde doelen, ondanks vergelijkbare fysieke
mogelijkheden. Dit wijst op het belang van psychologische determinanten van herstel, waaronder
zelfeffectiviteit en intrinsieke motivatie (Wang et al., 2021; Jones et al., 2021).
Na een beroerte kan iemand traplopen vermijden uit angst om te vallen. Door kleine, veilige
succeservaringen en het koppelen van oefenen aan iets dat die persoon belangrijk vindt, neemt zowel
het vertrouwen als de oefenbereidheid toe, waardoor het doel (weer traplopen) haalbaarder wordt.
Zelfeffectiviteit verwijst naar de mate waarin iemand gelooft in het eigen vermogen om een taak
succesvol uit te voeren (Bandura, 1997). Intrinsieke motivatie betreft de drijfveer om een activiteit uit
te voeren vanwege de persoonlijke waarde of interesse die eraan verbonden is (Deci & Ryan, 2000).
Beiden worden gezien als cruciale voorspellers van doelrealisatie, therapietrouw en kwaliteit van
leven na een CVA (Schunk & DiBenedetto, 2020; Wang et al., 2021). In de volgende paragrafen wordt
ingegaan op empirisch bewijs voor hun rol, waarna een probleemstelling en onderzoeksvraag volgen.