Vragen week 1 Energietransitie
Vraag 1 (6 punten)
U werkt als Senior Legal Counsel voor het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. U wordt om
advies gevraagd over het onderwerp energietransitie. Uw leidinggevende vraag zich af wat de
energietransitie inhoudt. Leg uit wat de energietransitie inhoudt en waar deze betrekking op heeft.
Energietransitie: het gebruiken van nieuwe energiebronnen en energiedragers voor nieuwe
toepassingen.
- Nieuwe methoden van energieproductie hernieuwbare productie in plaats van fossiel.
- Nieuwe transportnetwerken netwerken voor warmte en waterstof
- Nieuwe methoden voor energiegebruik elektriciteit voor verwarming, koeling en
transport.
Antwoord
Nieuwe methoden van energieproductie (1 punt). Bijvoorbeeld hernieuwbare en niet vervuilende
energiebronnen in plaats van fossiele bronnen (1 punt).
Nieuwe transport netwerken (1 punt). Bijvoorbeeld nieuwe netwerken voor warmte en waterstof (1
punt)
Nieuwe methoden voor energiegebruik (1 punt). Bijvoorbeeld elektriciteit gebruiken voor
ruimteverwarming en transport (1 punt).
Vraag 2 (4 punten)
U werkt als Senior Legal Counsel voor het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. U wordt om
advies gevraagd over het onderwerp energietransitie. Uw leidinggevende vraag zich af wat de
aanleiding is voor de energietransitie. Benoem 2 aanleidingen voor de energietransitie en leg uit
waarom deze aanleiding relevant is voor de energietransitie.
Aanleidingen voor de energietransitie is als volgt:
1. Klimaatverandering
2. Milieu en gezondheid
3. Aardbevingsproblematiek Groningen
4. Geopolitieke afhankelijkheid en zelfvoorzienend
5. Eindigheid van fossiele bronnen
6. Versterken economische activiteiten
7. Kostendaling van hernieuwbare energie
Juridische kader energietransitie
Internationaal Europees nationaal
Doorwerking van het internationale en Europese recht
Internationaal recht
- 1988: Oprichting IPCC
- 1992: Klimaatverdrag Rio de Janeiro. Niet bindende afspraken
- 1998: Protocol van Kyoto. Onderscheid tussen ontwikkelingslanden en geïndustrialiseerde
landen.
- 2015: Klimaatakkoord van Parijs. Max 2 graden en het liefst max 1,5 graden
temperatuuropwarming.
Groot nadeel van internationaal recht is dat het niet afdwingbaar is voor een rechter.
Vraag 1 (6 punten)
U werkt als Senior Legal Counsel voor het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. U wordt om
advies gevraagd over het onderwerp energietransitie. Uw leidinggevende vraag zich af wat de
energietransitie inhoudt. Leg uit wat de energietransitie inhoudt en waar deze betrekking op heeft.
Energietransitie: het gebruiken van nieuwe energiebronnen en energiedragers voor nieuwe
toepassingen.
- Nieuwe methoden van energieproductie hernieuwbare productie in plaats van fossiel.
- Nieuwe transportnetwerken netwerken voor warmte en waterstof
- Nieuwe methoden voor energiegebruik elektriciteit voor verwarming, koeling en
transport.
Antwoord
Nieuwe methoden van energieproductie (1 punt). Bijvoorbeeld hernieuwbare en niet vervuilende
energiebronnen in plaats van fossiele bronnen (1 punt).
Nieuwe transport netwerken (1 punt). Bijvoorbeeld nieuwe netwerken voor warmte en waterstof (1
punt)
Nieuwe methoden voor energiegebruik (1 punt). Bijvoorbeeld elektriciteit gebruiken voor
ruimteverwarming en transport (1 punt).
Vraag 2 (4 punten)
U werkt als Senior Legal Counsel voor het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. U wordt om
advies gevraagd over het onderwerp energietransitie. Uw leidinggevende vraag zich af wat de
aanleiding is voor de energietransitie. Benoem 2 aanleidingen voor de energietransitie en leg uit
waarom deze aanleiding relevant is voor de energietransitie.
Aanleidingen voor de energietransitie is als volgt:
1. Klimaatverandering
2. Milieu en gezondheid
3. Aardbevingsproblematiek Groningen
4. Geopolitieke afhankelijkheid en zelfvoorzienend
5. Eindigheid van fossiele bronnen
6. Versterken economische activiteiten
7. Kostendaling van hernieuwbare energie
Juridische kader energietransitie
Internationaal Europees nationaal
Doorwerking van het internationale en Europese recht
Internationaal recht
- 1988: Oprichting IPCC
- 1992: Klimaatverdrag Rio de Janeiro. Niet bindende afspraken
- 1998: Protocol van Kyoto. Onderscheid tussen ontwikkelingslanden en geïndustrialiseerde
landen.
- 2015: Klimaatakkoord van Parijs. Max 2 graden en het liefst max 1,5 graden
temperatuuropwarming.
Groot nadeel van internationaal recht is dat het niet afdwingbaar is voor een rechter.