Werkcollege 2 Beslag- en executierecht
Casus
Gerard, een arts, heeft twee jaar geleden bij een medische ingreep bij Inge een
grove fout gemaakt, waarna hij door Inge aansprakelijk is gesteld.
Gerard heeft nooit zijn aansprakelijkheid betwist. Inge heeft via haar advocaat
verschillende malen contact gezocht met Gerard (telefonisch en per e-mail), maar
helaas heeft dit niet tot betaling van het gevorderde bedrag aan schadevergoeding
van € 75.000,00 geleid. Gerard beloofde steeds te zullen betalen, maar die belofte
werd niet waargemaakt.
Uiteindelijk is Inge een gerechtelijke procedure gestart. Gerard is tijdens de zitting
niet verschenen en werd bij verstek veroordeeld tot betaling van het schadebedrag
van € 75.000,00 en betaling van de proceskosten van Inge.
Direct nadat Inge de grosse van het vonnis van de rechtbank heeft ontvangen, heeft
zij deze aan een deurwaarder overhandigd, met het verzoek om de executie van het
vonnis op te starten.
Uit de kadastrale recherche is gebleken dat Gerard eigenaar is van een woonhuis.
Verder blijkt uit het kadaster dat het woonhuis niet met een hypotheek is belast.
De deurwaarder overlegt met Inge over het leggen van executoriaal beslag op dit
woonhuis van Gerard en zij spreken af dat de deurwaarder hiertoe zal overgaan.
Vraag 1
Beschrijf het traject van de beslaglegging op het woonhuis. Motiveer aan de hand
van de toepasselijke wetsartikelen.
Het begint bij 430 lid 3 Rv betekening van de executoriale titel. STAP 1!
502 lid 1 Rv DW moet het exploot betekenen
502 lid 3 Rv
Na verloop termijn bevel beslaglegging mogelijk middels proces-verbaal, art. 504 lid
1 jo. 45 Rv) STAP 2!
505 lid 1 Rv inschrijving in het kadaster. Het procesverbaal moet worden
ingeschreven! STAP 3!
Betekening afschrift proces-verbaal niet later dan 3 dagen na inschrijving aan
geëxecuteerde, art. 505 lid 1 Rv. STAP 4.
1
Casus
Gerard, een arts, heeft twee jaar geleden bij een medische ingreep bij Inge een
grove fout gemaakt, waarna hij door Inge aansprakelijk is gesteld.
Gerard heeft nooit zijn aansprakelijkheid betwist. Inge heeft via haar advocaat
verschillende malen contact gezocht met Gerard (telefonisch en per e-mail), maar
helaas heeft dit niet tot betaling van het gevorderde bedrag aan schadevergoeding
van € 75.000,00 geleid. Gerard beloofde steeds te zullen betalen, maar die belofte
werd niet waargemaakt.
Uiteindelijk is Inge een gerechtelijke procedure gestart. Gerard is tijdens de zitting
niet verschenen en werd bij verstek veroordeeld tot betaling van het schadebedrag
van € 75.000,00 en betaling van de proceskosten van Inge.
Direct nadat Inge de grosse van het vonnis van de rechtbank heeft ontvangen, heeft
zij deze aan een deurwaarder overhandigd, met het verzoek om de executie van het
vonnis op te starten.
Uit de kadastrale recherche is gebleken dat Gerard eigenaar is van een woonhuis.
Verder blijkt uit het kadaster dat het woonhuis niet met een hypotheek is belast.
De deurwaarder overlegt met Inge over het leggen van executoriaal beslag op dit
woonhuis van Gerard en zij spreken af dat de deurwaarder hiertoe zal overgaan.
Vraag 1
Beschrijf het traject van de beslaglegging op het woonhuis. Motiveer aan de hand
van de toepasselijke wetsartikelen.
Het begint bij 430 lid 3 Rv betekening van de executoriale titel. STAP 1!
502 lid 1 Rv DW moet het exploot betekenen
502 lid 3 Rv
Na verloop termijn bevel beslaglegging mogelijk middels proces-verbaal, art. 504 lid
1 jo. 45 Rv) STAP 2!
505 lid 1 Rv inschrijving in het kadaster. Het procesverbaal moet worden
ingeschreven! STAP 3!
Betekening afschrift proces-verbaal niet later dan 3 dagen na inschrijving aan
geëxecuteerde, art. 505 lid 1 Rv. STAP 4.
1