Huurrecht vragen week 6
Huurprijzen woonruimte
Huurprijsverhoging
Aanvangshuurprijs (deel 1)
Leerdoel(en):
De student weet wat de bovengenoemde begrippen en
leerstukken inhouden;
De student weet de regelingen te vinden in het wetboek en
online;
De student kan de bovengenoemde begrippen en
leerstukken toepassen op een casus.
Art 7:247 is voor die geliberaliseerde ruimte.
Casus Jan
Merel sluit op 1 Januari 2025 met Jan een huurovereenkomst, waarin is
opgenomen dat Jan vanaf 1 februari 2025 voor onbepaalde tijd in haar appartement
in Zuidhorn mag wonen. Jan moet de badkamer, wc en keuken delen met een
huisgenoot. Jan dient maandelijks een huurprijs van € 1.000,- te voldoen aan Merel
en daarnaast een maandelijks voorschotbedrag van € 250,- voor kosten voor
nutsvoorzieningen met een individuele meter en nog € 200,-. voor servicekosten.
Deze servicekosten hebben te maken met enkele gezamenlijke diensten voor de
bewoners van het appartementencomplex: het schoonmaken van het trappenhuis,
het onderhouden van de gemeenschappelijke achtertuin en het vervangen van de
verlichting in het trappenhuis en aan de buitenzijde van het appartementencomplex.
In de huurovereenkomst is geen beding opgenomen die in een huurprijsverhoging
voorziet, zoals bedoeld in artikel 7:248 BW.
Merel wil een huurverhoging doorvoeren ondanks het ontbreken van een
huurprijsverhogingsbeding in de huurovereenkomst met Jan. Jan is het niet eens
met deze verhoging en betaalt de verhoogde huur niet, zonder zijn bezwaar aan
Merel kenbaar te maken.
Het door Jan gehuurde appartement betreft niet-geliberaliseerde woonruimte
(zoals we in de vorige werkgroep hebben vastgesteld).
Vraag 1
1
, Aan welke voorwaarden moet het voorstel tot huurverhoging voldoen?
Bespreek ook of er een wettelijk maximum is aan de huurverhoging en zo ja,
wie dit vaststelt. Motiveer aan de hand van de toepasselijke wet- en
regelgeving.
Art. 7:252 lid 1: het voorstel tot wijziging van de huurprijs. Je moet kijken naar de
voorwaarden in deze wet:
Lid 1: ten minste twee maanden voorafgaand de huurprijswijziging, schriftelijk
kenbaar maken.
Lid 2: wat er in het voorstel moet staan, alles meenemen wat hierin benoemd staat.
(dus al die subs meenemen)
Huurprijsverhoging voorwaarden en de wettelijke maximum:
- Wettelijk maximum art. 10 lid 2 uitvoeringswet huurprijzen woonruimte.
- Percentage en bedrag wordt vastgesteld staat in de uitvoeringsregeling
huurprijzen woonruimte.
- Kijk in art. 6 UitvoeringsREGELING Huurprijzen woonruimte voor het
percentage (5,8%) staat in de bijlage van de UITVOERINGSREGELING.
- Dit wordt vastgesteld door de minister van sociale zaken en
werkgelegenheid.
Vraag 2
Stel dat Merel het voorstel tot huurverhoging aangetekend heeft verzonden. Hoe
kan dan op basis van het voorstel tot een vaststelling van de redelijke huurprijs
worden gekomen? Motiveer aan de hand van de toepasselijke wet- en regelgeving.
7:253 lid 5: huurprijsverhogingsregeling. als ze het aangetekend heeft verstuurd,
kan ze binnen 6 weken nadat de huurverhoging heeft gedaan, naar de
huurcommsie gaan en vragen om een uitspraak over de redelijkheid van de
huurverhoging.
Vraag 3
Stel dat Merel Kan Merel het huurverhogingsvoorstel niet aangetekend heeft
gedaan, hoe kan dan tot een vaststelling van de redelijke huurprijs worden
gekomen? Motiveer aan de hand van de toepasselijke wet- en regelgeving.
7:253 lid 2: sub b: merel kan alsnog een aangetekend schrijven versturen binnen 3
maanden nadat de huurverhoging zou zijn begonnen. Dan moet er weer een
afschrift van het voorschrift bij zitten. ALS HIJ DIT HEEFT GEDAAN:
Dan ligt de bal bij de huurder: de huurder kan dan bij de huurcommissie binnen 4
maanden verzoeken om uitspraak te doen over de redelijkheid van het voorstel.
Als hij het niet doet? Lid 3 zegt: de huurder wordt geacht om de huurprijs van het
voorstel te accepteren en dan staat het vast.
2
Huurprijzen woonruimte
Huurprijsverhoging
Aanvangshuurprijs (deel 1)
Leerdoel(en):
De student weet wat de bovengenoemde begrippen en
leerstukken inhouden;
De student weet de regelingen te vinden in het wetboek en
online;
De student kan de bovengenoemde begrippen en
leerstukken toepassen op een casus.
Art 7:247 is voor die geliberaliseerde ruimte.
Casus Jan
Merel sluit op 1 Januari 2025 met Jan een huurovereenkomst, waarin is
opgenomen dat Jan vanaf 1 februari 2025 voor onbepaalde tijd in haar appartement
in Zuidhorn mag wonen. Jan moet de badkamer, wc en keuken delen met een
huisgenoot. Jan dient maandelijks een huurprijs van € 1.000,- te voldoen aan Merel
en daarnaast een maandelijks voorschotbedrag van € 250,- voor kosten voor
nutsvoorzieningen met een individuele meter en nog € 200,-. voor servicekosten.
Deze servicekosten hebben te maken met enkele gezamenlijke diensten voor de
bewoners van het appartementencomplex: het schoonmaken van het trappenhuis,
het onderhouden van de gemeenschappelijke achtertuin en het vervangen van de
verlichting in het trappenhuis en aan de buitenzijde van het appartementencomplex.
In de huurovereenkomst is geen beding opgenomen die in een huurprijsverhoging
voorziet, zoals bedoeld in artikel 7:248 BW.
Merel wil een huurverhoging doorvoeren ondanks het ontbreken van een
huurprijsverhogingsbeding in de huurovereenkomst met Jan. Jan is het niet eens
met deze verhoging en betaalt de verhoogde huur niet, zonder zijn bezwaar aan
Merel kenbaar te maken.
Het door Jan gehuurde appartement betreft niet-geliberaliseerde woonruimte
(zoals we in de vorige werkgroep hebben vastgesteld).
Vraag 1
1
, Aan welke voorwaarden moet het voorstel tot huurverhoging voldoen?
Bespreek ook of er een wettelijk maximum is aan de huurverhoging en zo ja,
wie dit vaststelt. Motiveer aan de hand van de toepasselijke wet- en
regelgeving.
Art. 7:252 lid 1: het voorstel tot wijziging van de huurprijs. Je moet kijken naar de
voorwaarden in deze wet:
Lid 1: ten minste twee maanden voorafgaand de huurprijswijziging, schriftelijk
kenbaar maken.
Lid 2: wat er in het voorstel moet staan, alles meenemen wat hierin benoemd staat.
(dus al die subs meenemen)
Huurprijsverhoging voorwaarden en de wettelijke maximum:
- Wettelijk maximum art. 10 lid 2 uitvoeringswet huurprijzen woonruimte.
- Percentage en bedrag wordt vastgesteld staat in de uitvoeringsregeling
huurprijzen woonruimte.
- Kijk in art. 6 UitvoeringsREGELING Huurprijzen woonruimte voor het
percentage (5,8%) staat in de bijlage van de UITVOERINGSREGELING.
- Dit wordt vastgesteld door de minister van sociale zaken en
werkgelegenheid.
Vraag 2
Stel dat Merel het voorstel tot huurverhoging aangetekend heeft verzonden. Hoe
kan dan op basis van het voorstel tot een vaststelling van de redelijke huurprijs
worden gekomen? Motiveer aan de hand van de toepasselijke wet- en regelgeving.
7:253 lid 5: huurprijsverhogingsregeling. als ze het aangetekend heeft verstuurd,
kan ze binnen 6 weken nadat de huurverhoging heeft gedaan, naar de
huurcommsie gaan en vragen om een uitspraak over de redelijkheid van de
huurverhoging.
Vraag 3
Stel dat Merel Kan Merel het huurverhogingsvoorstel niet aangetekend heeft
gedaan, hoe kan dan tot een vaststelling van de redelijke huurprijs worden
gekomen? Motiveer aan de hand van de toepasselijke wet- en regelgeving.
7:253 lid 2: sub b: merel kan alsnog een aangetekend schrijven versturen binnen 3
maanden nadat de huurverhoging zou zijn begonnen. Dan moet er weer een
afschrift van het voorschrift bij zitten. ALS HIJ DIT HEEFT GEDAAN:
Dan ligt de bal bij de huurder: de huurder kan dan bij de huurcommissie binnen 4
maanden verzoeken om uitspraak te doen over de redelijkheid van het voorstel.
Als hij het niet doet? Lid 3 zegt: de huurder wordt geacht om de huurprijs van het
voorstel te accepteren en dan staat het vast.
2