Theoretische kader
Motiverende gespreksvoering is een gespreksstijl waarbij de patiënt in feite zichzelf overtuigt om te
veranderen. Het is een patiëntgerichte methode waarbij de professioneel de motivatie van de
zorgvrager stimuleert. Er wordt gekeken waarom de patiënt zich tegenhoudt en wat de reden is om
juist wel te gaan veranderen.
Het doel van zo gesprek is dat de patiënt zijn/haar eigen gedrag veranderd waardoor veel
gezondheidsproblemen en -risico’s verminderen. Om een gedrag te veranderen heb je motivatie
nodig. Het is daarom erg belangrijk bij zo’n gesprek dat de zorgvrager open staat om zichzelf te
veranderen.
Belangrijke vaardigheden hierbij is reflectief luisteren, ambivalentie herkennen, omgaan met
weerstand en ontlokken van verandertaal.
Door middel van zo gespreksvoering krijg je deze motivatie boven tafel en help je de patiënt te
groeien.
Volgens de boek motiverende gespreksvoering is het gebaseerd op empathie uitdrukken, omgaan
met weerstand, vermijden van discussie en ontstaan van discrepantie waarbij de zorgvrager ontdekt
waarom het voor hem/haar belangrijk is om te veranderen. Miller, W.R. Rollnick, S (2014).
Mijn plan van aanpak ga ik gebruiken als houvast tijdens mijn simulatiegesprek
,ORBS- vaardigheden
Open vragen:
Een open vraag is een vraag die de ander uitlokt een uitgebreid antwoord te geven.
Open vragen levert meer informatie op en belangrijke zaken komen beter aan het licht. Een open
vraag nodigt een ander uit om tot een gesprek over een onderwerp te komen. Op deze manier stuur
je de aandacht een bepaalde richting op.
Hoe meer vragen je stelt, hoe meer je iemands zelfonderzoek beperkt. Hoe meer je reflecteert hoe
meer je een cliënt uitnodigt verder te gaan met overwegen en exploreren.
Het tegenovergestelde van een openvraag is een gesloten vraag. Dit moet je zoveel mogelijk
beperken in je MVG. Dit zijn vragen die beantwoord kunnen worden met één woord. Op deze manier
beperk je een ander in de antwoorden die hij/zij wil gaan geven. Het roept een te kort antwoord op.
Reflecties:
Door middel van reflecteren laat je de ander merken dat je naar hem/haar hebt geluisterd. Je helpt
de ander inzicht krijgen en nodigt de ander om meer te vertellen over het onderwerp.
Bij een reflectie benoem je wat je de ander eigenlijk hoort zeggen, je legt verbanden of benoemt de
emoties van de ander. Dit doe je met zo min mogelijke woorden.
Bevestigen:
Hierbij benadruk je wat positief is. Bevestigen is eigenlijk het herkennen en erkennen wat goed is.
Door middel van ondersteunen en aanmoedigen vergroot je het zelfvertrouwen.
Samenvatten:
Het is reflecties die je in aantal zaken die een ander heeft verteld bij elkaar haalt. Het kan voor een
ander bevestigend zijn. Een ander heeft niet altijd besef wat hij/zij verteld. Op deze manier kan een
ander besef krijgen beter reflecteren opzicht zelf.
Miller, W.R. Rollnick, S (2014).
, Plan van aanpak bij Motiverende Gespreksvoering
Door het hele gesprek heen:
Engageren:
- Intentie: de ander begrijpen!
- ORBS:
- Open vragen stellen
- Reflectief luisteren: eenvoudige reflecties, complexe en tweezijdige reflecties
- Bevestigen
- Samenvattingen maken: samenvoegend, verbindend en afsluitend
- Waarden verkennen
- Ambivalentie/ verandertaal herkennen
- Behoudtaal en wrijving herkennen
Voorbereiding:
Stilstaan bij eigen houding (persoonsgerichtheid) bij MGV:
o Eigen doelen en wensen beschouwen tegen het licht van ethische waarden:
Geen kwaad doen / Weldoen / Autonomie / Rechtvaardigheid
o Gericht zijn op compassie, ontlokken, acceptatie en samenwerking
Inleiding
Focussen:
Exploreren focus op basis van drie bronnen: cliënt/ setting/ expertise hulpverlener
Drie scenario’s:
- focus is duidelijk door naar ‘ontlokken’
- meerdere opties zorgvuldig kiezen op basis van urgentie,
patroon/hefboom,1ste succes
- focus is onduidelijk nader exploreren: gebruik agenda mapping
Koers houden
Toestemming vragen
Kern
Ontlokken:
- Verandertaal herkennen en aansluiten bij fase van gedragsverandering
- Ontlokken met open vragen en ORBS
o Bij ambivalentie: voor- en nadelen in kaart brengen
o Voorbereidende verandertaal herkennen: wens/ willen, kunnen, redenen
hebben, nodig vinden (WKRN)
o Mobiliserende verandertaal herkennen: commitment, acties, stappen(CAS)
- Versterken verandertaal met ORBS
- Uitersten verkennen, waarden verkennen
- Schaalvragen: belang en vertrouwen
- Herkennen behoudtaal en wrijving
- Reageren op behoudtaal (reflecties, strategische reacties)
- Reageren op wrijving (reflecteren, verontschuldigen, instemmen, focus verschuiven)