Het Classicisme
- Het volgt op de renaissance en ontstaat in Frankrijk in de 17e eeuw
- Tegenwoordig staat deze periode bekend als Le Grand Siècle, het is de periode van de
grote klassieke schrijvers van Frankrijk.
o Molière, Racine en La Fontaine
L’antiquité et les règles d’Aristote
De klassieke oudheid als grootste inspiratiebron voor het classicisme
- De klassieken beïnvloeden de cultuur in de tijd van het classicisme.
- La Fontaine herschrijft fabels van Griekse schrijver Aesopus, in deze dierenverhaal
verstopt hij kritiek op het bewind van Louis XIV.
De literaire voorschriften van Griekse filosoof Aristoteles:
- De vorm van de tekst moet de inhoud zo duidelijk mogelijk maken en die inhoud moet
een waarheid bevatten voor alle mensen die in alle tijden geldt.
La règle des trois unités (de regel van de drie eenheden) - Aristoteles
1. Eenheid van tijd (verhaal moet zich binnen 24 uur afspelen)
2. Eenheid van plaats (verhaal moet zich op één plaats afspelen)
3. Eenheid van handeling (verhaal moet zich beperken tot één verhaallijn)
Plaire et instruire (lering en vermaak):
- Veel schrijvers maken gebruik van dit principe, ze proberen met de classicistische
literatuur de lezer iets bij te brengen door hem te plezieren.
- Het is de bedoeling om mensen iets te leren en om ze op te voeden.
Katharsis (loutering):
- Dit wordt in het theater toegepast; de toeschouwer wordt geschokt door wat hij ziet. De
bedoeling is dat hij ervan leert en als een beter mens naar huis gaat.
Le Roi soleil:
- Louis XIV wordt in 1661 koning en trekt steeds meer macht naar zich toe, door
bijvoorbeeld het parlement af te schaffen.
- Louis krijgt de absolute macht
o Een uitspraak van hem: ‘L’état, c’est moi’ (de staat, dat ben ik)
- Het paleis van Versailles (dat Louis XIV laat bouwen) zie je de invloed van het
classicistische denken terug.
o Alles voldoet aan strenge regels: symmetrische tuinen, een hofhouding met
strikte etiquette en hiërarchie.
- Louis XIV danst graag in het theater van Versailles.
- De kunst is staatskunst: de belangrijkste auteurs uit deze tijd zijn in dienst van Louis XIV
en werken aan het hof van Versailles.
o Wat niet bij Louis XIV in de smaak valt wordt gecensureerd.
, Le Ballet de la nuit:
- 1 van de favoriete dansstukken van Louis, hij speelt er de rol van Roi soleil in: de
Zonnekoning is het middelpunt van het heelal en verjaagt met zijn stralen de nacht.
o Het maakt duidelijk dat Louis zichzelf ziet als het middelpunt van de wereld en als
de vertegenwoordiger van God op aarde.
La population (de bevolking onder het bewind van Louis XIV):
- Ze hebben te lijden, ze leven in grote armoede; het volk moet hoge belastingen betalen
om de pracht en praal van het regime te betalen.
- De koning pakt de protestanten hun godsdienstvrijheid af, zij verlaten het land en
vestigen zich o.a. In NL.
- Louis zorgt er wel voor dat elk kind tot 14 jaar naar school moet, maar dit was met
bijbedoelingen.
o De bijbedoeling: eerst hadden rijke kinderen thuis les, dit was niet te controleren.
Voortaan hadden alle kinderen les van een katholieke docent in dienst van de
staat.
Het protestantse denken werd zo tegengegaan.
La langue:
- Het Frans bestond in de 17e eeuw nog niet, er waren veel dialecten en verschillende
groepen spraken hun eigen taal.
- Louis wilde 1 nauwkeurig omschreven taal en richtte de Académie Française op.
o De taal werd hierdoor gezuiverd
o 1673: strenge regels voor de spelling
o 1694: Eerste Franse woordenboek
- De bedoelingen van de taalpolitiek van Louis:
o Het Frans in de literatuur moest bloeien, zodat Frankrijk en de koning glorie
kregen.
o Duidelijk communiceren met onderdanen, en dus meer macht op ze uitoefenen.
Molière:
- Hij was een toneelschrijver (1622) en werkte aan het hof van Louis XIV en werkte samen
met hofcomponist Lully.
- Hij heeft 32 toneelstukken geschreven, vooral komedies (blijspelen)
o Hij regisseert zelf de stukken en speelt er zelf ook in.
o Komedie = Een vrolijk theaterstuk (blijspel) geschreven met het doel het publiek
te amuseren en aan het lachen te maken. Komedies gaan meestal over gewone
mensen en zijn geschreven in spreektaal. In het classicisme worden komedies
geschreven om de toeschouwer een les te leren.
- Plaire et instruire (lering en vermaak) bij molière:
o Hij spot met alles wat ingaat tegen het gezond verstand (lering) en probeert zo
mensen aan het lachen te maken (vermaak).
Hij zet personages neer waarin de zwakheden van de mens worden
uitvergroot.
- Hij wilt de mensen niet alleen vermaken, maar hij wilt ze ook een moraal meegeven.