Hoco week 1
Wat is beleid?
Van den Berg ea (2021): “Beleid is de poging van een bestuursorgaan om een
maatschappelijke toestand te beïnvloeden”
Thomas R. Dye (1972): “Anything a government chooses to do or not to do”
Paul Cairney (2016): “Public policy is the sum total of government action, from signals of
intent to the final outcomes”
Wat is rationaliteit?
Mensbeeld van de Renaissance
Peter Watson (2005: 485): “Het idee ontstond dat de mens een rationeel, berekenend, wezen was. …
Het woord ‘ragione’ impliceerde in alle betekenissen ‘berekening’.”
Leidraad van de Verlichting
Saint Simon (1760-1825) Governance of society was to be an “administration of things” … political
institutions would be replaced by a ‘parliament’ of technical experts.
Wat is macht?
Macht
Max Weber: het handelen van anderen bepalen
Politiek (niet voorbehouden aan politici)
Harold Laswell: Who gets what, when and how David Easton: The authoritative allocation of value
Een rationeel perspectief op beleid
De rationele kennisvisie: Model van redeneren
gaat ervan uit dat de wereld kenbaar en voorspelbaar is. Dit betekent dat beleidsmakers beleid
kunnen baseren op objectieve feiten en logische oorzaak-gevolg relaties. Deze visie veronderstelt dat
beleid rationeel en systematisch kan worden ontworpen en geëvalueerd.
Drie kernprincipes van de rationele kennisvisie:
1. Positivisme: de werkelijkheid is kenbaar
o De wereld functioneert volgens vaste wetten en structuren die we kunnen onderzoeken en
begrijpen. Kennis wordt verkregen via wetenschappelijke methoden, zoals experimenten.
2. Meetbaarheid: beleidsrelevante feiten kunnen objectief worden vastgesteld
o Beleidsbeslissingen moeten worden gebaseerd op harde data en meetbare indicatoren.
Succes van beleid kan worden geëvalueerd aan de hand van kwantitatieve gegevens
(cijfers)
3. Causaliteit: duidelijke oorzaak-gevolgrelaties
o Beleidsmaatregelen worden ontworpen op basis van logische en voorspelbare relaties
tussen oorzaak en gevolg.
Kritiek en beperkingen:
De rationele kennisvisie werkt goed in stabiele en voorspelbare situaties, maar in complexe
beleidsproblemen (zoals klimaatverandering of armoede) zijn oorzaak-gevolgrelaties vaak minder
eenduidig. In zulke gevallen is Beleidstheorie 2.0 (met aandacht voor actoren en hun
handelingsperspectieven) nodig, zie artikel Bannick & Boselaar.
,De "rationele mens- en maatschappijvisie": Model van de samenleving
o Mensen handelen bij het nemen van beslissingen altijd logisch en doelgericht, met als
uitgangspunt het maximaliseren van hun eigen belang. De mens wordt gezien als homo
economicus, een rationele en geïndividualiseerde persoon die calculerend en
nutsmaximaliserend is, met duidelijke voorkeuren.
o De maatschappij wordt gezien als een transactiesamenleving, waarin sociale processen
worden gezien als transacties/ruil gericht op het maximaliseren van eigen voordeel. Elke
interactie tussen mensen wordt beschouwd als een ruil, waarbij sociale relaties, werk en
deelname aan gemeenschappen worden ingeschat op basis van wat ze opleveren, zoals
winst, status of plezier. Mensen nemen deel aan sociale processen omdat ze verwachten dat
het hen iets oplevert.
Rationele beleidsvisie: Model van beleidsvorming
1. Identificeer doel(en)
2. Inventariseer beleidsopties
3. Voorspel consequenties beleidsopties
4. Vergelijk en evalueer beleidsopties
5. Kies de ‘beste’ beleidsoptie
6. Voer die ‘gewoon’ uit
7. Evalueer en stel waar nodig bij
NB: laatste twee worden als vanzelfsprekend verondersteld in Policy Paradox
NB: Hoogerwerf / Bannink & Bosselaar werken dit in principe verder uit
Kritiek op de rationele visie:
1. Beleidsprocessen zijn niet rationeel: Beleidsmakers werken vaak niet volgens een strak,
rationeel proces, zoals de theorie suggereert.
2. Beleidsmakers redeneren niet altijd rationeel: In de praktijk maken beleidsmakers keuzes
die niet altijd gebaseerd zijn op logica of rationaliteit.
3. Beleid is sociaal geconstrueerd: Beleidsconcepten zijn geen objectieve feiten, maar sociaal
gevormde ideeën.
4. Veel beleid heeft onbedoelde gevolgen: Veel beleidsmaatregelen leiden tot onvoorziene en
vaak ongewenste effecten.
5. Veel beleid is afhankelijk van derden: Veel beleid is afhankelijk van andere partijen/actoren
die buiten de controle van beleidsmakers vallen.
6. Sociologische kritiek: De samenleving is niet zo rationeel als de visie veronderstelt; er spelen
veel meer sociale en culturele factoren een rol.
Een politiek perspectief op beleid. Polis = de interactie van mensen in een gemeenschap
De kennisvisie polis Model van redeneren: stelt dat de wereld niet volledig kenbaar is, maar eerder
een sociale constructie die afhankelijk is van gedeelde interpretaties. Dit betekent dat onze kennis
van de wereld wordt gevormd door hoe mensen samen betekenis geven aan gebeurtenissen etc.:
subjectief
1. Sociaal-constructivisme: Kennis over de wereld ontstaat door gezamenlijke interpretaties en
overeenkomsten binnen een samenleving. Wat we weten, is dus afhankelijk van hoe we als
groep bepaalde dingen begrijpen.
2. Metingen als 'constructies': Metingen worden gezien als constructies, niet als objectieve
waarheden. Wat we meten en hoe we dat doen, is afhankelijk van de context en
interpretatie. Ze worden beïnvloed door hoe mensen ervoor kiezen om iets te meten en
hoe ze dat begrijpen.
3. Causaliteit moeilijk bewijsbaar: Het is vaak lastig om oorzaak en gevolg op een objectieve
manier vast te stellen, omdat deze afhangen van de situatie en hoe we de wereld begrijpen.
,De mens- en maatschappijvisie polis: Model van de samenleving
o ziet de mens als een politiek en sociaal wezen. De samenleving wordt gezien als een
politieke gemeenschap (polis), waarin mensen niet alleen verbonden zijn door
psychologische, sociale en emotionele banden, maar ook door materiële verbindingen.
o De maatschappij wordt gezien als een community/communitites waarin individuen
opereren in (sub-)gemeenschappen. Ze zijn vaak loyaal aan bepaalde groepen, maar
behouden ook hun eigen voorkeuren en belangen. In deze visie speelt de interactie tussen
groepsloyaliteit en individuele keuzes een belangrijke rol binnen de samenleving.
De beleidsvisie polis: Model van beleidsvorming
Beleidsproces is wezenlijk politiek: Beleidsvorming is altijd politiek, beïnvloed door
machtsverhoudingen en verschillende belangen.
Beleid is samenwerking én strijd tussen groepen: Beleidsvorming ontstaat door
samenwerking, maar ook door conflicten tussen verschillende (tijdelijke) groepen met
tegenstrijdige belangen.
Beleid is strijd om 'betekenis': Groepen strijden niet alleen om macht, maar ook om welke
ideeën en waarden belangrijk worden geacht in de samenleving.
"Ideas are the stuff of politics": Politiek draait om ideeën en overtuigingen, niet alleen om
materiële of economische belangen.
Taal en betekenis centraal: De manier waarop we praten over zaken en de betekenis die we
eraan geven is essentieel voor het politieke proces en de beleidsvorming.
Samenvatting: Rationele vs Politieke visie
1. Model van redeneren (kennisvisie):
o Rationele visie: Positivisme – Kennis is objectief en gebaseerd op feiten en
wetenschappelijke methoden.
o Politieke visie: Sociaal-constructivisme – Kennis wordt gevormd door gedeelde
interpretaties en sociale constructies.
2. Model van de samenleving (mens- en maatschappijvisie):
o Rationele visie: Individualisme – De mens is een autonoom individu die handelt in
eigen belang.
o Politieke visie: Sociale (en politieke) gemeenschappen – De samenleving is een
netwerk van gemeenschappen met sociale en politieke verbindingen.
3. Model van beleidsvorming (beleidsvisie):
o Rationele visie: Rationeel fasemodel – Beleidsvorming volgt een logische en
gestructureerde stap-voor-stap aanpak.
o Politieke visie: Sociaal-emotionele ideeënstrijd – Beleidsvorming is een strijd om
betekenis en wordt beïnvloed door sociale en emotionele factoren.
Een sociale constructie is iets dat niet van nature of objectief bestaat, maar wordt gecreëerd door
mensen binnen een bepaalde samenleving. Het is het resultaat van gedeelde overtuigingen, normen
en afspraken tussen mensen die bepalen hoe we bepaalde dingen begrijpen of ervaren. Sociale
constructies worden gevormd door culturele, sociale en historische contexten en kunnen dus
variëren tussen verschillende samenlevingen en tijdsperioden.
Voorbeelden van sociale constructies zijn:
Geslacht: De ideeën over wat het betekent om "mannelijk" of "vrouwelijk" te zijn, zijn sociaal
geconstrueerd en kunnen verschillen per cultuur en tijd.
Rassen: Raciale categorieën zijn ook sociale constructies, geen biologische feiten, maar
sociale labels die op basis van uiterlijk en andere kenmerken worden gegeven.
de rationele visie is objectief omdat ze uitgaat van meetbare feiten en logica bij het identificeren
van oorzaken. De politieke visie is subjectief, omdat oorzakelijke verbanden worden geconstrueerd
op basis van strategische keuzes en politieke belangen.
, Stone – Introductie
Policy paradox: Er zijn verschillende ‘sets’ van regels die elkaar kunnen tegenspreken. Bijvoorbeeld,
de vaste regels van een docent die zegt dat het stil moet zijn, versus de regels van het moraal die
zeggen dat je iets moet zeggen om voor iemand op te komen. Het maken van beleid brengt bepaalde
neveneffecten met zich mee en dit is waar het policy paradox opduikt.
The ratonality project Het ratonaliteitsproject is het streven om met behulp van ratonele, analytsche
en wetenschappelijke methoden politeke kwestes te behandelen, wordt het ratonaliteitsproject
genoemde iij willen loskomen van de irratonaliteit van politcie Stone stelt dat dit tevergeefs ise Je
kunt politek niet buiten beleid houdene
Het ratonaliteit project is gebaseerd op drie zuilen; (zie hoco week 1)
1. Model of reasoning: het nemen van rationele beslissingen op basis van een stappenplan.
Model van ratio/redeneren (rationele beslissingen maken): Dit model is gebaseerd op rationeel
beleid maken en gebeurt aan de hand van de volgende stappen. Dit model negeert emoties en het
gebruik van morele intuïtie. Dit lost de eerder genoemde beleidsparadoxen en dilemma’s niet op.
1. Identificeren van objecten/doelen.
2. Identificeren van alternatieven voor het bereiken van objecten/doelen.
3. De consequenties van de alternatieven voorspellen.
4. Evalueren van de consequenties van de alternatieven.
5. Het beste alternatief selecteren.
Het rationele beleidsmodel negeert echter onze emotionele staat en morele waarden, die belangrijke
menselijke motivaties zijn bij het maken van keuzes.
2. Model of society: de maatschappij bestaat uit autonome en rationele individuen, die
samenkomen bij een ruil. Ze zijn uit op maximalisatie van het eigen belang.
Model van de maatschappij (markt): Dit model is onderliggend aan het rationele project. In dit
model is de maatschappij een collectie van autonome, rationele beleidsmakers die alleen
samenkomen wanneer ze iets willen ruilen. Ze willen daarbij hun eigen belangen maximaliseren.
3. Model of policy making: beleid komt tot stand in gestructureerde fasen.
Model van beleidsmaken (productiemodel): In het rationele project is dit eerst een productiemodel,
waarbij beleid wordt gecreëerd aan de hand van een aantal stappen. Het vergt politieke macht
voordat een bepaald idee op de agenda komt.
Twee concepten van de maatschappij: Het marktmodel (rationele visie) en polismodel (polis visie)
In het marktmodel bestaat de samenleving uit autonome en rationele beslissers die alleen
samenkomen bij de uitwisseling van kennis. Door rationele keuzes streven ze eigenbelang na,
met een eigen wil en mening.
Het polis-model staat tegenover het marktmodel en biedt een politieke visie op de
samenleving. In plaats van een verzameling rationele, individuele beslissers (zoals in het
marktmodel), ziet dit model de samenleving als een politieke gemeenschap waarin mensen
afhankelijk van elkaar zijn en belangen en ideeën met elkaar in conflict kunnen komen.
Een maatschappelijk probleem wordt door de maatschappij als onprettig ervaren en moet
volgens het volk op de politieke agenda komen.
Een beleidsprobleem is een maatschappelijk probleem dat omgezet is zodat het geschikt is
voor overheidsingrijpen. Bij een beleidsprobleem ontstaat de discussie welk maatschappelijk
probleem opgelost moet worden en hoe.
Dit onderscheid is belangrijk omdat niet alle maatschappelijke problemen opgelost kunnen worden
door de overheid, maar wel alle beleidsproblemen. Als dit onderscheid niet goed wordt gemaakt, is
de overheid in principe overal verantwoordelijk.