PM0212
Psychodiagnostiek in de
Klinische Psychologie
Volledige Samenvatting
Open Universiteit - Faculteit Psychologie
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk Pag.
H1 - Inleiding: psychodiagnostiek binnen de klinische psychologie 3
H2 - De diagnostische cyclus in de praktijk 8
H3 - Kwaliteit van diagnostiek 16
H4 - Intelligentietests 27
H5 - Neuropsychologische diagnostiek 35
H6 - Persoonlijkheidsvragenlijsten 43
H7 - Probleemgerichte vragenlijsten 51
H8 - Indirecte methoden, observatie en interviews 56
Begrippenlijst 64
Beknopte samenvatting 69
Oefententamen 1 (met antwoorden) 72
Oefententamen 2 (met antwoorden) 76
Oefententamen 3 (met antwoorden) 80
2
,Hoofdstuk 1
Inleiding: psychodiagnostiek binnen de klinische
psychologie
Inleiding
Binnen het brede domein van de klinische psychologie speelt psychodiagnostiek een fundamentele en
onmisbare rol. De gestructureerde verzameling en analyse van psychologische kenmerken van personen
vormt de basis voor wetenschappelijk gegronde conclusies die richting geven aan therapeutische
interventies en behandelingsaanpakken. Door middel van een methodische inventarisatie van
verschillende aspecten van het functioneren kan er een helder en coherent beeld ontstaan van de
onderliggende problematiek van de cliënt. Dit biedt de gelegenheid om behandelingen toe te snijden op de
specifieke behoeften en kenmerken van het individu, wat uiteindelijk leidt tot meer effectieve
hulpverlening.
Dit inleidende hoofdstuk richt zich op het belicht van specifieke kenmerken van psychodiagnostiek zoals
deze toegepast wordt in de klinische psychologische praktijk. Allereerst zal aandacht besteed worden aan
het werkveld en de verschillende contexten waarin klinische psychologen werkzaam zijn. Daarna volgt een
behandeling van de soorten problematiek die psychologen in klinische settings kunnen tegenkomen, met
inbegrip van de diversiteit van symptomatologie en stoornissen. Vervolgens worden practische en
organisatorische aspecten belicht, waaronder de procedures voor verwijzing en doorverwijzing van
cliënten, evenals de essentiële rol van multidisciplinaire samenwerking in moderne
gezondheidszorginstelling. Ten slotte wordt een uitgebreide beschrijving gegeven van hoe psychologen
hun diagnostische taken uitvoeren en welke rollen en verantwoordelijkheden zij vervullen in het
therapeutische proces.
De inhoud van dit hoofdstuk is ontworpen om studenten en professionals inzicht te geven in de brede
context van psychodiagnostiek en om hen voor te bereiden op de complexiteiten van de dagelijkse
praktijk. Door het begrijpen van deze fundamentele aspecten kunnen psychologen beter inspelen op de
vraagstukken die zij in hun werk zullen tegenkomen en kunnen zij hun diagnostische vaardigheden
professioneel en ethisch verantwoord inzetten.
Leerdoelen
Na het bestudering van dit hoofdstuk bent u in staat om:
• de kernprincipes en uitgangspunten van de klinische psychologie te formuleren en te kunnen
uitleggen
• onderscheid te maken tussen de verschillende professionele werkvelden en instellingstypen
waar klinische psychologen actief zijn
• de registratiecategorieën en beroepsaanduidingen van verschillende types psychologen te
onderscheiden en hun specifieke competenties te benoemen
• een geïntegreerd overzicht te geven van de procedures en protocollen rondom verwijzing en
doorverwijzing in de gezondheidszorg
• de verschillende domeinen van psychodiagnostische onderzoeksinstrumenten te beschrijven en
hun relevantie voor klinische diagnostiek toe te lichten
1 De werkvelden van psychodiagnostiek
3
, Psychodiagnostische werkzaamheden kunnen in veel verschillende contexten en instellingen worden
verricht. Het spectrum reikt van particuliere praktijken voor basale geestelijke gezondheidszorg tot
universitaire medische centra, van revalidatiecentra voor fysieke en mentale herstel tot verpleeghuizen
waar chronische patiënten ondersteuning ontvangen. Elk van deze werkvelden heeft zijn eigen
karakteristieken wat betreft de aard, omvang en focus van het diagnostisch onderzoek.
De basis-GGZ (geestelijke gezondheidszorg)
Binnen generalistische zorgprogramma's voor geestelijke gezondheid wordt diagnostiek doorgaans
uitgevoerd met een beperkte tijdsbesteding en met focus op kernvraagstukken. Deze diagnostiek is veelal
gericht op het in kaart brengen van primaire symptomen en klachten, waarbij gebruik gemaakt wordt van
gevalideerde klachtenlijsten zoals de SCL-90 welke een brede screening van psychische symptomatologie
biedt. Aanvullend kan informatie worden verzameld over persoonlijkheidskenmerken door middel van
vragenlijsten als de NPV-2, teneinde een breder beeld van het functioneren te verkrijgen. De
diagnostische aanpak hier is gericht op snelle oriëntatie en bepaling van behandelbaarheid en geschikte
interventies.
De gespecialiseerde GGZ
Daarentegen bieden gespecialiseerde psychiatrische en psychologische instellingen de mogelijkheid voor
uitgebreide en diepgaande psychodiagnostische trajecten. In sommige van deze instellingen zijn er zelfs
hele afdelingen die zich uitsluitend richten op psychodiagnostiek, waar multidisciplinaire teams
samenwerken om complexe vraagstukken uit te werken. Sinds 2014 heeft Nederland een formele
scheiding aangebracht tussen basis-GGZ en gespecialiseerde GGZ, elk met hun eigen zorgmodel en
doelgroep. Dit onderscheid is voortgekomen uit erkenning van de verschillende behoeften van patiënten
met uiteenlopende gradaties van complexiteit in hun problematiek.
De twee groepen cliënten in basis-GGZ
In praktijken voor basale geestelijke gezondheidszorg worden doorgaans twee verschillende groepen
cliënten ondersteund. De eerste groep bestaat uit personen met relatief ongecompliceerdere psychische
problematiek, zoals milde depressieve klachten of begrensdere angststoornissen, waarbij behandeling
gericht is op symptoomreductie en herstel. De tweede groep betreft cliënten met ernstiger chronische
aandoeningen, waar de focus van hulpverlening zich minder richt op genezing maar meer op
aanpassingsprocessen en het vinden van een nieuw evenwicht in het dagelijks leven met de aandoening.
De hulpverlening in basis-GGZ is veelal kortdurend van aard en wordt rigoureus geprotocolleerd. Cliënten
bij wie ernstigere symptomatologie aanwezig is worden doorgaans doorverwezen naar meer
gespecialiseerde voorzieningen. Behandeling kan bestaan uit individuele gesprekken met een klinisch
psycholoog of psychotherapeut, maar ook uit geprotocolleerde e-health interventies (digitale
behandelingen). Voor alle zaken die binnen basis-GGZ worden behandeld is het nodig dat er een
diagnostische classificatie aanwezig is volgens DSM-5 om rechtmatige indicatie voor behandeling te
kunnen stellen.
Gespecialiseerde zorg en complexe problematiek
Wanneer cliënten zich aanmelden bij een instelling voor gespecialiseerde psychiatrische en
psychologische hulp (sGGZ) betreft het doorgaans individuen met veel ernstiger psychische
symptomatologie. In deze context richt de behandeling zich primair op complexe psychopathologie, maar
ook op daaraan gerelateerde psychosociale problematiek zoals werkloosheid, isolatie, of
levensfaseprobleem. De multipliciteit en ernst van deze problemen vereist dat er een zeer grondige en
uitgebreide diagnose plaatsvindt waarin alle relevante factoren, zowel persoonlijke als
omgevingsgebonden, nauwkeurig in kaart worden gebracht. Deze informatie vormt de basis voor een
gefundeerd en passend behandeladvies. In beide zorgcircuits vervult de initiële intakeprocedure dezelfde
fundamentele functie: het verzamelen van relevante informatie en het bepalen of de aanmelding bij de
juiste voorziening past.
2 Verschillende typen professionals in klinische settings
4
Psychodiagnostiek in de
Klinische Psychologie
Volledige Samenvatting
Open Universiteit - Faculteit Psychologie
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk Pag.
H1 - Inleiding: psychodiagnostiek binnen de klinische psychologie 3
H2 - De diagnostische cyclus in de praktijk 8
H3 - Kwaliteit van diagnostiek 16
H4 - Intelligentietests 27
H5 - Neuropsychologische diagnostiek 35
H6 - Persoonlijkheidsvragenlijsten 43
H7 - Probleemgerichte vragenlijsten 51
H8 - Indirecte methoden, observatie en interviews 56
Begrippenlijst 64
Beknopte samenvatting 69
Oefententamen 1 (met antwoorden) 72
Oefententamen 2 (met antwoorden) 76
Oefententamen 3 (met antwoorden) 80
2
,Hoofdstuk 1
Inleiding: psychodiagnostiek binnen de klinische
psychologie
Inleiding
Binnen het brede domein van de klinische psychologie speelt psychodiagnostiek een fundamentele en
onmisbare rol. De gestructureerde verzameling en analyse van psychologische kenmerken van personen
vormt de basis voor wetenschappelijk gegronde conclusies die richting geven aan therapeutische
interventies en behandelingsaanpakken. Door middel van een methodische inventarisatie van
verschillende aspecten van het functioneren kan er een helder en coherent beeld ontstaan van de
onderliggende problematiek van de cliënt. Dit biedt de gelegenheid om behandelingen toe te snijden op de
specifieke behoeften en kenmerken van het individu, wat uiteindelijk leidt tot meer effectieve
hulpverlening.
Dit inleidende hoofdstuk richt zich op het belicht van specifieke kenmerken van psychodiagnostiek zoals
deze toegepast wordt in de klinische psychologische praktijk. Allereerst zal aandacht besteed worden aan
het werkveld en de verschillende contexten waarin klinische psychologen werkzaam zijn. Daarna volgt een
behandeling van de soorten problematiek die psychologen in klinische settings kunnen tegenkomen, met
inbegrip van de diversiteit van symptomatologie en stoornissen. Vervolgens worden practische en
organisatorische aspecten belicht, waaronder de procedures voor verwijzing en doorverwijzing van
cliënten, evenals de essentiële rol van multidisciplinaire samenwerking in moderne
gezondheidszorginstelling. Ten slotte wordt een uitgebreide beschrijving gegeven van hoe psychologen
hun diagnostische taken uitvoeren en welke rollen en verantwoordelijkheden zij vervullen in het
therapeutische proces.
De inhoud van dit hoofdstuk is ontworpen om studenten en professionals inzicht te geven in de brede
context van psychodiagnostiek en om hen voor te bereiden op de complexiteiten van de dagelijkse
praktijk. Door het begrijpen van deze fundamentele aspecten kunnen psychologen beter inspelen op de
vraagstukken die zij in hun werk zullen tegenkomen en kunnen zij hun diagnostische vaardigheden
professioneel en ethisch verantwoord inzetten.
Leerdoelen
Na het bestudering van dit hoofdstuk bent u in staat om:
• de kernprincipes en uitgangspunten van de klinische psychologie te formuleren en te kunnen
uitleggen
• onderscheid te maken tussen de verschillende professionele werkvelden en instellingstypen
waar klinische psychologen actief zijn
• de registratiecategorieën en beroepsaanduidingen van verschillende types psychologen te
onderscheiden en hun specifieke competenties te benoemen
• een geïntegreerd overzicht te geven van de procedures en protocollen rondom verwijzing en
doorverwijzing in de gezondheidszorg
• de verschillende domeinen van psychodiagnostische onderzoeksinstrumenten te beschrijven en
hun relevantie voor klinische diagnostiek toe te lichten
1 De werkvelden van psychodiagnostiek
3
, Psychodiagnostische werkzaamheden kunnen in veel verschillende contexten en instellingen worden
verricht. Het spectrum reikt van particuliere praktijken voor basale geestelijke gezondheidszorg tot
universitaire medische centra, van revalidatiecentra voor fysieke en mentale herstel tot verpleeghuizen
waar chronische patiënten ondersteuning ontvangen. Elk van deze werkvelden heeft zijn eigen
karakteristieken wat betreft de aard, omvang en focus van het diagnostisch onderzoek.
De basis-GGZ (geestelijke gezondheidszorg)
Binnen generalistische zorgprogramma's voor geestelijke gezondheid wordt diagnostiek doorgaans
uitgevoerd met een beperkte tijdsbesteding en met focus op kernvraagstukken. Deze diagnostiek is veelal
gericht op het in kaart brengen van primaire symptomen en klachten, waarbij gebruik gemaakt wordt van
gevalideerde klachtenlijsten zoals de SCL-90 welke een brede screening van psychische symptomatologie
biedt. Aanvullend kan informatie worden verzameld over persoonlijkheidskenmerken door middel van
vragenlijsten als de NPV-2, teneinde een breder beeld van het functioneren te verkrijgen. De
diagnostische aanpak hier is gericht op snelle oriëntatie en bepaling van behandelbaarheid en geschikte
interventies.
De gespecialiseerde GGZ
Daarentegen bieden gespecialiseerde psychiatrische en psychologische instellingen de mogelijkheid voor
uitgebreide en diepgaande psychodiagnostische trajecten. In sommige van deze instellingen zijn er zelfs
hele afdelingen die zich uitsluitend richten op psychodiagnostiek, waar multidisciplinaire teams
samenwerken om complexe vraagstukken uit te werken. Sinds 2014 heeft Nederland een formele
scheiding aangebracht tussen basis-GGZ en gespecialiseerde GGZ, elk met hun eigen zorgmodel en
doelgroep. Dit onderscheid is voortgekomen uit erkenning van de verschillende behoeften van patiënten
met uiteenlopende gradaties van complexiteit in hun problematiek.
De twee groepen cliënten in basis-GGZ
In praktijken voor basale geestelijke gezondheidszorg worden doorgaans twee verschillende groepen
cliënten ondersteund. De eerste groep bestaat uit personen met relatief ongecompliceerdere psychische
problematiek, zoals milde depressieve klachten of begrensdere angststoornissen, waarbij behandeling
gericht is op symptoomreductie en herstel. De tweede groep betreft cliënten met ernstiger chronische
aandoeningen, waar de focus van hulpverlening zich minder richt op genezing maar meer op
aanpassingsprocessen en het vinden van een nieuw evenwicht in het dagelijks leven met de aandoening.
De hulpverlening in basis-GGZ is veelal kortdurend van aard en wordt rigoureus geprotocolleerd. Cliënten
bij wie ernstigere symptomatologie aanwezig is worden doorgaans doorverwezen naar meer
gespecialiseerde voorzieningen. Behandeling kan bestaan uit individuele gesprekken met een klinisch
psycholoog of psychotherapeut, maar ook uit geprotocolleerde e-health interventies (digitale
behandelingen). Voor alle zaken die binnen basis-GGZ worden behandeld is het nodig dat er een
diagnostische classificatie aanwezig is volgens DSM-5 om rechtmatige indicatie voor behandeling te
kunnen stellen.
Gespecialiseerde zorg en complexe problematiek
Wanneer cliënten zich aanmelden bij een instelling voor gespecialiseerde psychiatrische en
psychologische hulp (sGGZ) betreft het doorgaans individuen met veel ernstiger psychische
symptomatologie. In deze context richt de behandeling zich primair op complexe psychopathologie, maar
ook op daaraan gerelateerde psychosociale problematiek zoals werkloosheid, isolatie, of
levensfaseprobleem. De multipliciteit en ernst van deze problemen vereist dat er een zeer grondige en
uitgebreide diagnose plaatsvindt waarin alle relevante factoren, zowel persoonlijke als
omgevingsgebonden, nauwkeurig in kaart worden gebracht. Deze informatie vormt de basis voor een
gefundeerd en passend behandeladvies. In beide zorgcircuits vervult de initiële intakeprocedure dezelfde
fundamentele functie: het verzamelen van relevante informatie en het bepalen of de aanmelding bij de
juiste voorziening past.
2 Verschillende typen professionals in klinische settings
4