Staats- en bestuursrechtelijke aspecten
Hoorcollege week 1
Staatsrecht
Houdt zich bezig met de organisatie van de overheid.
- Welke organen zijn er
- Welke taken en bevoegdheden hebben deze organen
- Welke bevoegdheden hebben ze
- Veelal dwingend recht
Staat zijn door drie zaken gekenmerkt:
- Bewoners
- Grondgebied
- Staatsgezag
Rechtsstaat
- Alleen de staat (en lagere overheden) mag regels opleggen en
afdwingen met dwangmiddelen
- Om deze macht goed te regelen en dat deze zuiver wordt uitgevoerd
belangrijke uitgangspunten
- Legaliteitsbeginsel
- Trias Politica
- Grondrechten
Wie mag er besturen en hoe komen zij aan deze bevoegdheid?
- Legaliteitsbeginsel
Bestuursbevoegdheid
We hebben het gehad over het legaliteitsbeginsel
Bestuursbevoegdheid moet zijn
- Gecreëerd attributie
- Overgedragen delegatie
- Opgedragen mandaat
Titel 10.1 Awb
Attributie
Een wet of lagere regeling geeft aan een bestuursorgaan een
bevoegdheid, hier wordt dus een nieuwe bevoegdheid gecreëerd.
Voorbeeld: Art. 3.1 Lid 1 WRO. Afdeling 10.1.3 AWB
Een bestuursorgaan kan een bevoegdheid om een besluit te nemen
verkrijgen doordat de wet hem die bevoegdheid geeft.
Voorbeeld: Art. 147 lid 1 Gemeentewet bepaalt dat de
gemeenteraad verordeningen mag vaststellen. De gemeenteraad heeft
daarmee een geattribueerde bevoegdheid gekregen. Dat wil in dit geval
zeggen dat de wetgever een nieuwe wetgevende bevoegdheid aan de
gemeenteraad heeft toegekend.
Delegatie
,Bestuursorgaan (delegans) draagt bevoegdheid over aan een lager
bestuursorgaan (delegataris), die deze bevoegdheid onder eigen
verantwoordelijkheid uitoefent. Voorbeeld Art. 10:13 AWB. Afdeling 10.1.2
Awb
Een bestuursorgaan kan een bevoegdheid om bepaalde besluiten te
nemen ook weer doorgeven aan een andere overheidsinstantie of
ambtenaar. Het bestuursorgaan dat de bevoegdheid tot het nemen van
een besluit heeft gekregen, mag die bevoegdheid helemaal zelf en onder
eigen verantwoordelijk uitvoeren.
Mandaat
De bevoegdheid om namens een bestuursorgaan een besluit te nemen.
Bijvoorbeeld. Art. 10:1 AWB. Afdeling 10.1.1 AWB
Het bestuursorgaan mag dan nog steeds aanwijzingen geven over de
manier waarop de bevoegdheid wordt uitgevoerd en als het
bestuursorgaan de bevoegdheid heeft weggegeven, vindt dat de
bevoegdheid niet goed wordt uitgevoerd, mag het de bevoegdheid weer
terugnemen.
Openbare lichamen en bestuursorganen
Macht beperken: Trias Politica
- Wetgevende
- Uitvoerende
- Rechtsprekende
Macht beperken: grondrechten
- Klassieke grondrechten (vrijheidsrechten)
- Vrijheid van meningsuiting
- Vrijheid van godsdienst
- Vrijheid van vergadering
- Sociale grondrechten (actieve opdrachten aan de overheid)
- Recht op onderwijs
- Recht op arbeid
- Recht op sociale zekerheid
, Staatshoofd: Koning
- Koningschap is erfelijk. Art. 21 GW.
- Te jong, te ziek of anderszins ongeschikt? Dan geldt Art. 37 jo. 38
GW regent.
Rol en de taken van de Koning
Hoe zet de Koning zich in voor de bevolking van het Koninkrijk?
- Voornamelijk ceremoniële functie
- Deel van de regering Art. 42 GW
- Wetten en besluiten regering onderteken Art. 47 GW
- Troonrede op Prinsjesdag Art. 65 GW
- Oftewel: vooral een symbolische functie.
Onscheidbaarheid Koning
- Art. 42 GW De Koning is onschendbaar, de ministers zijn
verantwoordelijk. (Ministeriele verantwoordelijkheid)
- Politiek verantwoordelijk voor uitspraken en gedragingen van de
Koning
- Ook voor overige leden van het Koninklijk huis.
Organen
- Koning en ministers vormen de regering. Art. 42 GW
- Staten-Generaal 1e en 2e Kamer, wetgeving vaststellen met
regering en controleren van de regering.
- Raad van State adviesorgaan rijksoverheid en hoogste
bestuursrechter. Vicepresident. Thom de Graaf.
- Nationale ombudsman klachtenprocedure (eerst intern
afhandelen). Het zijn niet-bindende adviezen.
Lagere overheden (decentralisatie)
Oorsprong en doel van decentralisatie:
- Provincies, gemeenten en waterschappen
- Decentralisatie en de eenheid van de staat.
Decentralisatie: verticale spreiding regelgeving en bestuur over openbare
lichamen.
Art. 123, 133 en 134 GW biedt mogelijkheid verticale spreiding
(functioneel-territoriaal)
2 doelen:
- Voorkomen concentratie macht
- Decentrale lichamen weten beter wat er speelt.
Provincies
- 12 provincies 123 GW.
- Provinciewet A39.
Hoorcollege week 1
Staatsrecht
Houdt zich bezig met de organisatie van de overheid.
- Welke organen zijn er
- Welke taken en bevoegdheden hebben deze organen
- Welke bevoegdheden hebben ze
- Veelal dwingend recht
Staat zijn door drie zaken gekenmerkt:
- Bewoners
- Grondgebied
- Staatsgezag
Rechtsstaat
- Alleen de staat (en lagere overheden) mag regels opleggen en
afdwingen met dwangmiddelen
- Om deze macht goed te regelen en dat deze zuiver wordt uitgevoerd
belangrijke uitgangspunten
- Legaliteitsbeginsel
- Trias Politica
- Grondrechten
Wie mag er besturen en hoe komen zij aan deze bevoegdheid?
- Legaliteitsbeginsel
Bestuursbevoegdheid
We hebben het gehad over het legaliteitsbeginsel
Bestuursbevoegdheid moet zijn
- Gecreëerd attributie
- Overgedragen delegatie
- Opgedragen mandaat
Titel 10.1 Awb
Attributie
Een wet of lagere regeling geeft aan een bestuursorgaan een
bevoegdheid, hier wordt dus een nieuwe bevoegdheid gecreëerd.
Voorbeeld: Art. 3.1 Lid 1 WRO. Afdeling 10.1.3 AWB
Een bestuursorgaan kan een bevoegdheid om een besluit te nemen
verkrijgen doordat de wet hem die bevoegdheid geeft.
Voorbeeld: Art. 147 lid 1 Gemeentewet bepaalt dat de
gemeenteraad verordeningen mag vaststellen. De gemeenteraad heeft
daarmee een geattribueerde bevoegdheid gekregen. Dat wil in dit geval
zeggen dat de wetgever een nieuwe wetgevende bevoegdheid aan de
gemeenteraad heeft toegekend.
Delegatie
,Bestuursorgaan (delegans) draagt bevoegdheid over aan een lager
bestuursorgaan (delegataris), die deze bevoegdheid onder eigen
verantwoordelijkheid uitoefent. Voorbeeld Art. 10:13 AWB. Afdeling 10.1.2
Awb
Een bestuursorgaan kan een bevoegdheid om bepaalde besluiten te
nemen ook weer doorgeven aan een andere overheidsinstantie of
ambtenaar. Het bestuursorgaan dat de bevoegdheid tot het nemen van
een besluit heeft gekregen, mag die bevoegdheid helemaal zelf en onder
eigen verantwoordelijk uitvoeren.
Mandaat
De bevoegdheid om namens een bestuursorgaan een besluit te nemen.
Bijvoorbeeld. Art. 10:1 AWB. Afdeling 10.1.1 AWB
Het bestuursorgaan mag dan nog steeds aanwijzingen geven over de
manier waarop de bevoegdheid wordt uitgevoerd en als het
bestuursorgaan de bevoegdheid heeft weggegeven, vindt dat de
bevoegdheid niet goed wordt uitgevoerd, mag het de bevoegdheid weer
terugnemen.
Openbare lichamen en bestuursorganen
Macht beperken: Trias Politica
- Wetgevende
- Uitvoerende
- Rechtsprekende
Macht beperken: grondrechten
- Klassieke grondrechten (vrijheidsrechten)
- Vrijheid van meningsuiting
- Vrijheid van godsdienst
- Vrijheid van vergadering
- Sociale grondrechten (actieve opdrachten aan de overheid)
- Recht op onderwijs
- Recht op arbeid
- Recht op sociale zekerheid
, Staatshoofd: Koning
- Koningschap is erfelijk. Art. 21 GW.
- Te jong, te ziek of anderszins ongeschikt? Dan geldt Art. 37 jo. 38
GW regent.
Rol en de taken van de Koning
Hoe zet de Koning zich in voor de bevolking van het Koninkrijk?
- Voornamelijk ceremoniële functie
- Deel van de regering Art. 42 GW
- Wetten en besluiten regering onderteken Art. 47 GW
- Troonrede op Prinsjesdag Art. 65 GW
- Oftewel: vooral een symbolische functie.
Onscheidbaarheid Koning
- Art. 42 GW De Koning is onschendbaar, de ministers zijn
verantwoordelijk. (Ministeriele verantwoordelijkheid)
- Politiek verantwoordelijk voor uitspraken en gedragingen van de
Koning
- Ook voor overige leden van het Koninklijk huis.
Organen
- Koning en ministers vormen de regering. Art. 42 GW
- Staten-Generaal 1e en 2e Kamer, wetgeving vaststellen met
regering en controleren van de regering.
- Raad van State adviesorgaan rijksoverheid en hoogste
bestuursrechter. Vicepresident. Thom de Graaf.
- Nationale ombudsman klachtenprocedure (eerst intern
afhandelen). Het zijn niet-bindende adviezen.
Lagere overheden (decentralisatie)
Oorsprong en doel van decentralisatie:
- Provincies, gemeenten en waterschappen
- Decentralisatie en de eenheid van de staat.
Decentralisatie: verticale spreiding regelgeving en bestuur over openbare
lichamen.
Art. 123, 133 en 134 GW biedt mogelijkheid verticale spreiding
(functioneel-territoriaal)
2 doelen:
- Voorkomen concentratie macht
- Decentrale lichamen weten beter wat er speelt.
Provincies
- 12 provincies 123 GW.
- Provinciewet A39.