Tijdvak 2
De klassieke oudheid
Vanaf 850 voor Christus kwamen de Griekse stadstaten op. Elke polis had
een eigen bestuur. Elke stad had omringend platteland. Alle stadstaten
waren autonoom en deden zo min mogelijk aan handel. Elke stadstaat had
een eigen bestuur met regels en wetten. De meest voorkomende
staatsvorm waren: de monarchie, tirannie, aristocratie en oligarchie. Het
grootste deel van de mensen had hier geen invloed. Bij de democratie wel.
Athene was de eerste stad met de democratie als staatsvorm. Alleen
Atheense burgers mochten stemmen. Je was een burger als je een man
was die in Athene was geboren.
Grieken en dan vooral de filosofen ging rationeel nadenken over welke
bestuursvorm het beste was. De filosofen wilden de wereld op een
nationale manier verklaren zonder dat god als oorzaak van alles werd
aangewezen. Filosofen maakte hiermee het begin van de wetenschap. Ze
hielden zich bezig met natuurwetenschappen, wiskunde, geneeskunde en
politiek. De verspreiding van het van de Griekse cultuur wordt ook wel het
hellenisme genoemd.
De Grieks Romeinse cultuur wordt ook wel een klassieke cultuur genoemd.
Het is een gewaardeerde cultuur die als voorbeeld gezien kon worden.
Vooral op gebied van de beeldhouwkunst en architectuur. De Griekse
beeldhouwkunst was anatomisch correct vaak naakt maar wel een
ideaalbeeld. Architectuur kende 3 bekende zuilen stijlen: dorische,
ionische, en korinthische. De Romeinen keken op naar de Grieken en
namen veel kenmerken over. De Griekse en Romeinse beeldhouwkunst
vermengde. Romeinse beelden waren wel veel realistischer en wel
aangekleed.
De Romeinen maakten veel gebruik van hun uitvinding: beton. Het
Romeinse rijk had eerst een republieke opbouw, maar omdat de consuls
(opperbevelhebbers van het leger) de macht steeds meer naar zichzelf toe
gingen trekken en hun soldaten niet meer voor het belang van de
Republiek maar voor hun consul vochten, brak er een burgeroorlog uit. De
consuls betaalde de soldaten zodat ze deden wat ze wilden.
Een iemand weet te machtig grijpen. Hiermee wordt het Romeinse rijk een
Keizerrijk. het Romeinse rijk kon zich zo snel verspreiden, omdat ze een
heel sterk en gedisciplineerd leger hadden. De instandhouding van het rijk
De klassieke oudheid
Vanaf 850 voor Christus kwamen de Griekse stadstaten op. Elke polis had
een eigen bestuur. Elke stad had omringend platteland. Alle stadstaten
waren autonoom en deden zo min mogelijk aan handel. Elke stadstaat had
een eigen bestuur met regels en wetten. De meest voorkomende
staatsvorm waren: de monarchie, tirannie, aristocratie en oligarchie. Het
grootste deel van de mensen had hier geen invloed. Bij de democratie wel.
Athene was de eerste stad met de democratie als staatsvorm. Alleen
Atheense burgers mochten stemmen. Je was een burger als je een man
was die in Athene was geboren.
Grieken en dan vooral de filosofen ging rationeel nadenken over welke
bestuursvorm het beste was. De filosofen wilden de wereld op een
nationale manier verklaren zonder dat god als oorzaak van alles werd
aangewezen. Filosofen maakte hiermee het begin van de wetenschap. Ze
hielden zich bezig met natuurwetenschappen, wiskunde, geneeskunde en
politiek. De verspreiding van het van de Griekse cultuur wordt ook wel het
hellenisme genoemd.
De Grieks Romeinse cultuur wordt ook wel een klassieke cultuur genoemd.
Het is een gewaardeerde cultuur die als voorbeeld gezien kon worden.
Vooral op gebied van de beeldhouwkunst en architectuur. De Griekse
beeldhouwkunst was anatomisch correct vaak naakt maar wel een
ideaalbeeld. Architectuur kende 3 bekende zuilen stijlen: dorische,
ionische, en korinthische. De Romeinen keken op naar de Grieken en
namen veel kenmerken over. De Griekse en Romeinse beeldhouwkunst
vermengde. Romeinse beelden waren wel veel realistischer en wel
aangekleed.
De Romeinen maakten veel gebruik van hun uitvinding: beton. Het
Romeinse rijk had eerst een republieke opbouw, maar omdat de consuls
(opperbevelhebbers van het leger) de macht steeds meer naar zichzelf toe
gingen trekken en hun soldaten niet meer voor het belang van de
Republiek maar voor hun consul vochten, brak er een burgeroorlog uit. De
consuls betaalde de soldaten zodat ze deden wat ze wilden.
Een iemand weet te machtig grijpen. Hiermee wordt het Romeinse rijk een
Keizerrijk. het Romeinse rijk kon zich zo snel verspreiden, omdat ze een
heel sterk en gedisciplineerd leger hadden. De instandhouding van het rijk