,procesmanagement rienk stuive 3e druk 2022 oefentoets 9789001078386
, procesmanagement rienk stuive 3e druk 2022 oefentoets 9789001078386
Oefentoets 75 vragen en antwoorden
Niveau: gemiddeld – Alle antwoorden apart einde
20 open vragen
Hoofdstuk 1 – Procesdenken en procesontwerp
1. Leg uit wat het fundamentele verschil is tussen een functionele organisatiestructuur en een
procesgerichte organisatiestructuur. Analyseer welke gevolgen dit verschil heeft voor sturing,
verantwoordelijkheid en klantgerichtheid.
2. Beschrijf het begrip ‘end-to-end-proces’ en licht toe waarom het identificeren van
proceseigenaren cruciaal is voor effectieve processturing.
3. Analyseer hoe waardetoevoeging binnen processen kan worden vastgesteld. Welke methoden
kunnen worden gebruikt om verspillingen systematisch te identificeren?
4. Vergelijk primaire, ondersteunende en besturende processen. Geef aan hoe de onderlinge
samenhang de prestaties van de organisatie beïnvloedt.
5. Bespreek de relatie tussen strategische doelstellingen en procesinrichting. Hoe zorg je ervoor
dat processen aantoonbaar bijdragen aan organisatieresultaten?
Hoofdstuk 2 – Procesmodellering en analyse
6. Leg uit wat het doel is van procesmodellering en bespreek de meerwaarde en beperkingen van
het gebruik van BPMN ten opzichte van eenvoudige stroomschema’s.
7. Analyseer hoe doorlooptijd, wachttijd en bewerkingstijd zich tot elkaar verhouden. Hoe
beïnvloeden deze factoren de totale procesprestatie?
8. Beschrijf hoe een knelpunt (bottleneck) kan worden opgespoord in een proces. Betrek in je
antwoord capaciteitsanalyse en variabiliteit.
9. Leg uit hoe KPI’s voor processen worden geformuleerd. Welke criteria bepalen of een
procesindicator effectief en betekenisvol is?
10. Bespreek de rol van data-analyse binnen procesverbetering. Welke risico’s ontstaan wanneer
besluitvorming uitsluitend op kwantitatieve procesdata wordt gebaseerd?
Hoofdstuk 3 – Procesverbetering en verandermanagement
11. Vergelijk incrementele procesverbetering met radicale procesherinrichting (Business Process
Redesign). In welke situaties is elk van beide benaderingen passend?
12. Analyseer de toepassing van de PDCA-cyclus binnen procesmanagement. Hoe draagt deze
cyclus bij aan continue verbetering?
13. Leg uit hoe weerstand tegen procesverandering ontstaat op individueel en organisatieniveau.
Welke interventies kunnen effectief zijn om draagvlak te creëren?
14. Bespreek de rol van leiderschap bij procesgericht werken. Hoe beïnvloedt leiderschapsstijl de
duurzaamheid van procesverbeteringen?
15. Analyseer hoe cultuur en informele structuren het succes van procesmanagement kunnen
versterken of belemmeren.