Martini ziekenhuis
12 DECEMBER 2025
CODE MODULE: HVVB18MRVZ
HBO-V
,Inhoud
Hoofdstuk 8 Wet- en regelgeving.........................................................................20
Literatuurlijst........................................................................................................ 23
Inleiding
De module ‘Regisseren van Zorg’ is uitgewerkt aan de hand van de casus van meneer P.,
, een 88-jarige patiënt opgenomen op de afdeling 2C Interne Geneeskunde/Oncologie van het
Martini Ziekenhuis te Groningen. Binnen deze module staat centraal dat de zorg
gecoördineerd en gestructureerd wordt gegeven, waarbij de verpleegkundige een
regisserende rol op zich neemt en klinisch redeneren continu wordt toegepast. De module
maakt deel uit van praktijkleerperiode drie (PLP3) van de opleiding HBO-Verpleegkunde aan
de Hanzehogeschool te Groningen. In dit verslag wordt gebruikgemaakt van informatie
afkomstig uit interne bronnen van het Martini Ziekenhuis, aangeduid als ‘Persoonlijke
communicatie Martini Ziekenhuis’. Hieronder vallen onder andere interne protocollen
(Zenya), geldende richtlijnen en mondeling verstrekte toelichtingen door zorgprofessionals.
Bij het opstellen van dit verslag is zorgvuldig rekening gehouden met privacy en zijn er geen
persoonsgegevens van patiënten opgenomen.
Het zorgproces van meneer P. wordt aangepast aan zijn complexe medische en persoonlijke
situatie. Meneer is waaronder bekend met nierproblemen, palliatieve
prostaatkankerbehandeling, infecties en het verlies van zijn echtgenote. Om de continuïteit
en veiligheid van zorg te waarborgen, worden gestructureerde methodes ingezet. Zo
ondersteunt de SBAR-methodiek een volledige en overzichtelijke overdracht van relevante
informatie tussen verpleegkundigen en andere disciplines (Soenens, 2016). De ABCDE-
methodiek helpt bij het systematisch controleren van vitale functies en het stellen van
prioriteiten in acute situaties (Gafni & Heesterbeek, 2024). Daarnaast biedt de Early Warning
Score (EWS) ondersteuning bij het vroegtijdig signaleren van verslechtering van de
gezondheidstoestand, waardoor ingrijpen kan plaatsvinden voordat complicaties ontstaan
(Bredie & Van Goor, 2020).
In hoofdstuk 1 wordt de casuïstiek uitgebreid beschreven om een geheel beeld van de
situatie te krijgen. Hierbij komen zowel de medische problematiek als de psychosociale en
palliatieve context van de patiënt aan bod. Hoofdstuk 2 richt zich op het klinisch zorgpad
binnen het Martini Ziekenhuis, met specifieke aandacht voor het tumorspecifieke zorgpad
prostaatcarcinoom en de toepassing hiervan. In hoofdstuk 3 wordt de multidisciplinaire
samenwerking uitgewerkt, waarbij de rollen en verantwoordelijkheden van de betrokken
disciplines worden beschreven. In hoofdstuk 4 wordt er een concreet beeld geschept van de
communicatie binnen het zorgproces. In hoofdstuk 5 staat shared decision making centraal,
waarbij wordt beschreven hoe de patiënt en zijn naasten actief worden betrokken bij
behandelkeuzes. Hoofdstuk 6 gaat in op verpleegkundig leiderschap en de coördinatie van
zorg in de praktijk, waarbij wordt gereflecteerd op het eigen handelen. In hoofdstuk 7 wordt
het functioneren van het multidisciplinaire team geëvalueerd en worden knelpunten en
verbetervoorstellen besproken. Hoofdstuk 8 beschrijft de relevante wet- en regelgeving die