toewijzen van zorg
Klinisch redeneren
Lisa van der Meer (22008853)
Praktijkbegeleiders: Yesim Firtina en Denise
Pakkert
Toets kans: 2
Toets code: VP-DT-KRO-20
Inhoudsopgave
,Introductie..................................................................................................... 3
Gegevensverzameling en analyse...................................................................4
Aanleiding....................................................................................................................... 4
Patiënt- en case complexity............................................................................................ 4
Anamnese....................................................................................................................... 5
Diagnose....................................................................................................... 7
Disfunctionele gezondheidspatronen en onderbouwing..................................................7
PESS............................................................................................................................... 8
Meetinstrumenten........................................................................................................ 10
Wet- en regelgeving en de financiële stromingen.........................................................11
Vaststellen doelen en interventies................................................................14
Doel 1: Management diabetes......................................................................................14
Doel 2: Persoonlijke zorg ADL.......................................................................................17
Shared Desicion Making................................................................................................ 18
Passende zorg op de initiële diagnose..........................................................................19
Deskundigheidsniveaus, samenwerken en coördineren................................................20
Uitvoeren, monitoren en rapporteren............................................................22
Evalueren.................................................................................................... 23
Bibliografie.................................................................................................. 25
Bijlagen....................................................................................................... 31
Bijlage 1. Theorie.......................................................................................................... 31
Bijlage 2. Zelfredzaamheidsradar.................................................................................38
Bijlage 3. Anamnese en medicatielijst..........................................................................39
Bijlage 4. Meetinstrumenten.........................................................................................42
Bijlage 5. Format MDO.................................................................................................. 50
Bijlage 6. Verklaring naar waarheid..............................................................................52
2
Lisa van der Meer
22008853
,Introductie
De (wijk)verpleegkundige is verantwoordelijk voor het vaststellen van de
benodigde zorg, ook wel indiceren genoemd. Dit proces houdt in dat de
(wijk)verpleegkundige de mogelijkheden en beperkingen van de patiënt
beoordeelt en de zorg zo efficiënt mogelijk organiseert (Rosendal & van
Dorst, 2019).
Dit verslag beschrijft de zorg van het indicatieproces voor een patiënt op
de longafdeling van het Reinier de Graaf Gasthuis (RdGG) (Reinier De
Graaf Gasthuis, sd), met focus op adequate zorg na ontslag, zodat de
patiënt goed ondersteund wordt met thuiszorg.
Het indicatieproces maakt deel uit van het verpleegkundig zorgproces
(Bijlage 1 1) en is in lijn met norm 4 van het V&VN-normenkader, dat stelt
dat ‘de besluitvorming rond indiceren en organiseren van zorg plaatsvindt
op basis van het verpleegkundig proces’ (V&VN, 2014).
Het indiceren van (wijk)verpleegkundige zorg is voorbehouden aan
verpleegkundigen met minimaal een bacheloropleiding. Het V&VN-
normenkader benadrukt dat dit proces niet alleen gebaseerd moet zijn op
het verpleegkundig zorgproces, maar ook gericht moet zijn op het
versterken van de eigen regie en zelfredzaamheid van de patiënt. De basis
van het handelen van (wijk)verpleegkundigen is vastgelegd in de
CanMEDS-rollen, waarin wordt beschreven welke competenties, kennis en
vaardigheden nodig zijn (V&VN, 2020).
3
Lisa van der Meer
22008853
, Gegevensverzameling en analyse
Aanleiding
De casus betreft een 81-jarige vrouw, hierna aangeduid als mevrouw, die
is opgenomen op de longafdeling. Mevrouw heeft een medische
voorgeschiedenis van COPD Gold 3, hypertensie, diabetes mellitus type 2
en longembolieën. Eerder dit jaar werd zij eveneens opgenomen vanwege
een exacerbatie van COPD. Na stabilisatie is zij destijds, in overleg met
mevrouw, naar huis ontslagen. Helaas ging dit niet zoals verwacht en
mevrouw meldt zich nu opnieuw op de longafdeling met de volgende
diagnoses:
1. Ongoing exacerbatie COPD (Bijlage 1 2).
2. Milde hyperglykemie bij bekende diabetes i.c.m. prednisongebruik.
Tijdens de opname wordt mevrouw behandeld met zuurstof om de
benauwdheid te verlichten en gestart met een prednisonkuur. Als gevolg
van deze kuur zijn haar bloedglucosewaarden ontregeld geraakt. Om dit
goed te monitoren, moet binnen de eerste 48 uur na opname altijd
begonnen worden met het meten van de glucosewaarden via een 2-
puntscurve, tweemaal per week. Aangezien mevrouw diabetes mellitus
type 2 heeft, moet er worden gestart met een 4-puntscurve
(Richtlijnendatabase, 2017).
In overleg met mevrouw is besloten dat zij na stabilisatie niet
zelfstandig naar huis zal gaan, maar met ondersteuning van de thuiszorg.
Dit besluit is genomen, omdat zij bij geringe inspanning erg dyspnoeisch is
en hulp nodig heeft bij ADL-zorg. Daarnaast moeten tijdens de
prednisonkuur thuis de bloedglucosewaarden worden gecontroleerd.
Patiënt- en case complexity
De casus van mevrouw toont duidelijk zowel patiënt- als casecomplexiteit,
waarbij meerdere factoren elkaar beïnvloeden en de zorg uitdagend
maken. Op het niveau van patiëntcomplexiteit is er sprake van
multimorbiditeit. Mevrouw heeft een voorgeschiedenis van COPD Gold 3,
diabetes mellitus type 2, hypertensie en longembolieën. Deze
aandoeningen versterken elkaar, zoals blijkt uit de invloed van
prednisongebruik bij COPD op haar bloedglucosewaarden. Haar kwetsbare
gezondheid, gekenmerkt door ernstige dyspneu bij geringe inspanning en
de afhankelijkheid van ADL-zorg benadrukken een kwetsbaar evenwicht.
Bovendien wordt dit verder bemoeilijkt door polyfarmacie, wat het risico
op medicatie-interacties en bijwerkingen vergroot.
De complexiteit van deze casus komt tot uiting in de behoefte aan
intensieve monitoring en zorgcoördinatie. Het bijhouden van een 4-
puntscurve vereist een gestructureerde werkwijze, terwijl een
gestroomlijnde overdracht naar de thuiszorg na ontslag essentieel is. Het
zorgsysteem speelt hierin een cruciale rol, vanwege de noodzakelijke
4
Lisa van der Meer
22008853