Burgerlijk procesrecht – hoorcollege week 1
Functies van het procesrecht
- Geschilbeslechting: rechters moeten een beslissing nemen, omdat partijen
er onderling niet uitkomen
- Titelverschaffing: de executoriale titel heb je nodig
- Eerlijk proces: art. 6 EVRM
Recht op eerlijk proces
Institutionele beginselen:
- Onafhankelijkheid
- Onpartijdigheid
- Ingesteld bij de wet
Processuele beginselen
- Fair trial beginselen
Toegang tot de rechter en het verbod op excessief formalisme
Het recht van hoor en wederhoor
Equality of arms
Openbaarheid van behandeling en uitspraak
Motivering van beslissingen
Behandeling binnen een redelijke termijn
Recht op consistente rechtspraak
Recht op tenuitvoerlegging (hangt samen met titelverschaffing)
Fair trial in het wetboek van burgerlijke rechtsvordering art. 19 t/m 30 Rv
(algemene beginselen voor procedures)
Procedure v. alternatieven
Alternative Dispute Resolution
- Regeling tussen partijen (vaststellingsovereenkomst)
- Mediation
- Arbitrage
- Bindend advies
De procedure bij de civiele rechter
Partijen
Wie zijn de partijen? In veel zaken is dat logisch, maar niet altijd.
Je moet je afvragen wat je grondslag is en op welk artikel je je baseert. Hierbij
komen de partijen kijken: bijv. tussen welke partijen is de overeenkomst en wie is
aansprakelijk?
Procesbevoegd: rechtspersonen
- Publieke rechtspersonen (art. 2:1 BW)
- Kerkgenootschappen (art. 2:2 BW)
- Privaatrechtelijke rechtspersonen (art. 2:3 BW)
Procesbevoegd: niet-rechtspersonen
Uitzonderingen:
- Vennootschap onder firma (art. 17,18 K jo. art. 51 Rv + jurisprudentie)
- Ondernemingsraad (WOR)
- Medezeggenschapsraad (jurisprudentie)
- Vereniging zonder rechtsbevoegdheid (jurisprudentie)
Procesbevoegd: natuurlijke personen
, - Natuurlijke personen kunnen niet of beperkt procesbevoegd zijn
- Kunnen dan wel partij zijn, maar dan vertegenwoordigd
Formele procespartij
Materiele procespartij
Optreden in hoedanigheid
Dagvaarding of verzoekschrift
Dagvaardingsprocedure (art. 78 Rv): de dagvaarding is in principe de
restcategorie Verzoekschriftprocedure (art. 261 Rv)
Voorlopige voorzieningen: kort geding (art. 254 Rv e.v.) (dagvaarding) in een
kort geding wordt gedoeld op een doen of nalaten afdwingen. Iets vaststellen kan
eigenlijk niet.
Om te weten welke procedure je moet doorlopen moet je jezelf de volgende
vragen stellen:
- Wat is je eis?
- Wat is de grondslag?
Als in een tentamenvraag het woord ‘vordering’ in de zin staat, volg je de
dagvaardingprocedure!
Wisselbepaling (als je de verkeerde procedure doorloopt)
In beginsel: niet ontvankelijk
Maar art. 69 Rv: bij een verkeerde keuze moet de rechter de zaak op het goede
spoor zetten
Bevoegde rechter
In het tentamen wordt altijd een vraag gesteld over bevoegdheid en bewijs!
- Rechtsmacht (internationaal privaatrecht) hier wordt enkel naar gekeken
als het buitenland wordt benoemd in de casus. Als er geen ander land wordt
benoemd, noteer je enkel dat aan de rechtsmacht is voldaan.
Extraneiteitselement!
Dan art. 1 Rv (eerst internationale verdragen)
Geen internationaal verdrag, wel extraneiteit: art. 2 t/m 14 Rv
Brussel I-bis
- Betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de
tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken
- Art. 4: lidstaat woonplaats gedaagde
- Bijzondere regels (medebevoegdheid en exclusieve bevoegdheid – geldt voor
een specifiek gerecht)
- Absolute competentie
Rechtbank (art. 42 wet RO)
Gerechtshof (art. 60 lid 1 wet RO)
Hoge Raad (art. 78 lid 1 wet RO)
Bijzonderheden: bijv. Ondernemingskamer
- Relatieve competentie
Geografisch gezien bevoegde rechter
Dagvaarding: art. 99-110 Rv
, Art. 99 Rv: woonplaats gedaagde tenzij…
Mede bevoegd: eiser kiest!
Art. 107 Rv: pluraliteit van gedaagden bij samenhang
Art. 108 Rv: forumkeuze
Denk aan bijzondere bepalingen! Bijv. art. 438 lid 1 Rv
Verzoekschrift: art. 262-269 Rv
Art. 262 Rv: woonplaats betrokkenen tenzij…
Mede bevoegd: verzoeker kiest!
Denk aan specifieke uitzonderingen!
Hoger beroep
Art. 60 lid 1 Wet Ro
Interne competentie zaaksverdelingsreglementen (www.rechtspraak.nl)
- Kamer competentie
Sector Kanton
Verzoekschriftprocedures als expliciet voorgeschreven, dus alleen als het in de
wet staat genoteerd
Dagvaardingsprocedures (art. 93-98 Rv)
Pachtkamer (art. 1019j Rv)
Dagvaarding:
Art. 93 Rv
Waardezaken (art. 93 sub a en b Rv):
- Vorderingen tot en met €25.000
- Onbepaalde waarde als duidelijke aanwijzingen niet meer dan €25.000
Aardzaken (art. 93 sub c en d Rv):
- Belangrijkste: arbeidsovereenkomst, huurovereenkomst, consumentenkoop
Inhoudelijke en formele eisen
Dagvaarding (art. 111 Rv e.v.)
Verzoekschrift (art. 278 Rv e.v.)
+ specifieke vereisten
Verloop en mogelijkheden procedure (dagvaarding)
1. Uitbrengen (deurwaarder betekent bij de wederpartij) en aanbrengen
(toezending aan de rechtbank met het verzoek deze op de rol te plaatsen) van
de dagvaarding
2. Griffierecht
3. Verschijnen gedaagde
- Anders verstek
4. Conclusie van Antwoord of
- Conclusie van antwoord met eis in reconventie
- Conclusie van eis in incident
- Niets: akte niet-dienen
5. Evt. mondelinge behandeling
6. Evt. andere aktes, vonnis in incident, tussenvonnis, conclusie van
repliek/dupliek
7. Eindvonnis
- Tenzij regeling (schikking)
Verloop en mogelijkheden procedure (verzoekschrift)
Functies van het procesrecht
- Geschilbeslechting: rechters moeten een beslissing nemen, omdat partijen
er onderling niet uitkomen
- Titelverschaffing: de executoriale titel heb je nodig
- Eerlijk proces: art. 6 EVRM
Recht op eerlijk proces
Institutionele beginselen:
- Onafhankelijkheid
- Onpartijdigheid
- Ingesteld bij de wet
Processuele beginselen
- Fair trial beginselen
Toegang tot de rechter en het verbod op excessief formalisme
Het recht van hoor en wederhoor
Equality of arms
Openbaarheid van behandeling en uitspraak
Motivering van beslissingen
Behandeling binnen een redelijke termijn
Recht op consistente rechtspraak
Recht op tenuitvoerlegging (hangt samen met titelverschaffing)
Fair trial in het wetboek van burgerlijke rechtsvordering art. 19 t/m 30 Rv
(algemene beginselen voor procedures)
Procedure v. alternatieven
Alternative Dispute Resolution
- Regeling tussen partijen (vaststellingsovereenkomst)
- Mediation
- Arbitrage
- Bindend advies
De procedure bij de civiele rechter
Partijen
Wie zijn de partijen? In veel zaken is dat logisch, maar niet altijd.
Je moet je afvragen wat je grondslag is en op welk artikel je je baseert. Hierbij
komen de partijen kijken: bijv. tussen welke partijen is de overeenkomst en wie is
aansprakelijk?
Procesbevoegd: rechtspersonen
- Publieke rechtspersonen (art. 2:1 BW)
- Kerkgenootschappen (art. 2:2 BW)
- Privaatrechtelijke rechtspersonen (art. 2:3 BW)
Procesbevoegd: niet-rechtspersonen
Uitzonderingen:
- Vennootschap onder firma (art. 17,18 K jo. art. 51 Rv + jurisprudentie)
- Ondernemingsraad (WOR)
- Medezeggenschapsraad (jurisprudentie)
- Vereniging zonder rechtsbevoegdheid (jurisprudentie)
Procesbevoegd: natuurlijke personen
, - Natuurlijke personen kunnen niet of beperkt procesbevoegd zijn
- Kunnen dan wel partij zijn, maar dan vertegenwoordigd
Formele procespartij
Materiele procespartij
Optreden in hoedanigheid
Dagvaarding of verzoekschrift
Dagvaardingsprocedure (art. 78 Rv): de dagvaarding is in principe de
restcategorie Verzoekschriftprocedure (art. 261 Rv)
Voorlopige voorzieningen: kort geding (art. 254 Rv e.v.) (dagvaarding) in een
kort geding wordt gedoeld op een doen of nalaten afdwingen. Iets vaststellen kan
eigenlijk niet.
Om te weten welke procedure je moet doorlopen moet je jezelf de volgende
vragen stellen:
- Wat is je eis?
- Wat is de grondslag?
Als in een tentamenvraag het woord ‘vordering’ in de zin staat, volg je de
dagvaardingprocedure!
Wisselbepaling (als je de verkeerde procedure doorloopt)
In beginsel: niet ontvankelijk
Maar art. 69 Rv: bij een verkeerde keuze moet de rechter de zaak op het goede
spoor zetten
Bevoegde rechter
In het tentamen wordt altijd een vraag gesteld over bevoegdheid en bewijs!
- Rechtsmacht (internationaal privaatrecht) hier wordt enkel naar gekeken
als het buitenland wordt benoemd in de casus. Als er geen ander land wordt
benoemd, noteer je enkel dat aan de rechtsmacht is voldaan.
Extraneiteitselement!
Dan art. 1 Rv (eerst internationale verdragen)
Geen internationaal verdrag, wel extraneiteit: art. 2 t/m 14 Rv
Brussel I-bis
- Betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de
tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken
- Art. 4: lidstaat woonplaats gedaagde
- Bijzondere regels (medebevoegdheid en exclusieve bevoegdheid – geldt voor
een specifiek gerecht)
- Absolute competentie
Rechtbank (art. 42 wet RO)
Gerechtshof (art. 60 lid 1 wet RO)
Hoge Raad (art. 78 lid 1 wet RO)
Bijzonderheden: bijv. Ondernemingskamer
- Relatieve competentie
Geografisch gezien bevoegde rechter
Dagvaarding: art. 99-110 Rv
, Art. 99 Rv: woonplaats gedaagde tenzij…
Mede bevoegd: eiser kiest!
Art. 107 Rv: pluraliteit van gedaagden bij samenhang
Art. 108 Rv: forumkeuze
Denk aan bijzondere bepalingen! Bijv. art. 438 lid 1 Rv
Verzoekschrift: art. 262-269 Rv
Art. 262 Rv: woonplaats betrokkenen tenzij…
Mede bevoegd: verzoeker kiest!
Denk aan specifieke uitzonderingen!
Hoger beroep
Art. 60 lid 1 Wet Ro
Interne competentie zaaksverdelingsreglementen (www.rechtspraak.nl)
- Kamer competentie
Sector Kanton
Verzoekschriftprocedures als expliciet voorgeschreven, dus alleen als het in de
wet staat genoteerd
Dagvaardingsprocedures (art. 93-98 Rv)
Pachtkamer (art. 1019j Rv)
Dagvaarding:
Art. 93 Rv
Waardezaken (art. 93 sub a en b Rv):
- Vorderingen tot en met €25.000
- Onbepaalde waarde als duidelijke aanwijzingen niet meer dan €25.000
Aardzaken (art. 93 sub c en d Rv):
- Belangrijkste: arbeidsovereenkomst, huurovereenkomst, consumentenkoop
Inhoudelijke en formele eisen
Dagvaarding (art. 111 Rv e.v.)
Verzoekschrift (art. 278 Rv e.v.)
+ specifieke vereisten
Verloop en mogelijkheden procedure (dagvaarding)
1. Uitbrengen (deurwaarder betekent bij de wederpartij) en aanbrengen
(toezending aan de rechtbank met het verzoek deze op de rol te plaatsen) van
de dagvaarding
2. Griffierecht
3. Verschijnen gedaagde
- Anders verstek
4. Conclusie van Antwoord of
- Conclusie van antwoord met eis in reconventie
- Conclusie van eis in incident
- Niets: akte niet-dienen
5. Evt. mondelinge behandeling
6. Evt. andere aktes, vonnis in incident, tussenvonnis, conclusie van
repliek/dupliek
7. Eindvonnis
- Tenzij regeling (schikking)
Verloop en mogelijkheden procedure (verzoekschrift)