Bedrijfskunde
= voorbeeld
= opdracht
= belangrijk
Wat is nou bedrijf en wat is bedrijfskunde?
Organisatie: een groep mensen die samen werkt
om een doel te behalen. Met als doel om dit Organisatie Bedrijf Onderneming
voort te blijven zetten. Als er een afzetmarkt is
wordt de organisatie een bedrijf! Menselijke In de kern Bedrijven met
samenwerkin een winstoogmerk*
Bedrijf: in de kern ook een organisatie, maar dit is g organisatie
net anders als een bedrijf goederen of diensten Doelgericht Verkopen * Zonder
verkoopt en hier een afzetmarkt voor is. goederen/ winstoogmerk = non-
diensten profit instelling
Onderneming: een bedrijf die draait om winst
productie. Hier horen dus geen non profit (zonder Blijvend Afzetmarkt
winstoogmerk) bedrijven bij! karakter/
continuïteit
Wat is een bedrijf?
1. De menselijke factor
2. Synargie (het resultaat door samen te werken, wat alleen niet behaald had kunnen woren)
3. Doelgerichtheid
4. Continuiteit going concern gedachten, het management die de continuiteit in
overwegging neemt voordat er beslissingen gemaakt worden
The black box: Input transformarie output / alles wat gebeurd tussen de input en de
output.
, Een proces bestaat uit fases / Deel processen
Elke activiteit die een input en output heeft kan weer leiden tot een nieuwe input. Elk groot
proces kan dus onderverdeeld worden in kleine deelprocessen. Hierin herhaald die black box
zich meerdere malen om de grote output te behalen. Deze processen leiden tot halffabricaten.
Als deze samengevoegd worden komen we tot het eindproduct/output
Continu proces: een proces dat dag en nacht doorgaat. Het is soms lastig om de volgende stap in
zo’n proces te zien.
Discontinu proces: verschillende onderdelen die geassembleerd moeten worden. Assembleren
is samenvoegen tot het eindproduct.
Bedrijfsprocessen
Een geordend geheel dat begint met een input die omgezet wordt in een output. Er worden
waarden gecreëerd voor een interne of externe klant met een specifiek doel
Primair: wat gebeurd en in een bedrijf? Wat maakt of doet een bedrijf.
1. De ingaande logistiek ( het inkomende idee)
2. Productie ( het maken)
3. De interne logistiek (de reis die de productie maakt)
4. Extrerne logistiek (de reis na de productie naar winkels ect)
5. De marketing en verkoop ( de 4 p’s)
6. De service en diensverleng
Primair proces: De overkoepelende producte voor
product/dienst.
ondersteunende: de achterliggende gedachten
waar het hoofd van een organisatie over nadenkt.
Om het primaire proces te laten slagen. Heeft niks
te maken met het primaire proces, maar speelt
een groot doel bij het verkopen ervan.
Voorb. De boekhouding, de hr
Bestuurlijk proces: Hoger op beslissingen.
Voorb. De prijs, welk ontwerp, de distributie ect
Belangrijk binnen he proces
Effectiviteit: het behalen van je doel
Efficiëntie: hoeveel heb ik nodig om mijn doel te behalen. Maximale resultaat behalen voor de
minimale moeite.
= voorbeeld
= opdracht
= belangrijk
Wat is nou bedrijf en wat is bedrijfskunde?
Organisatie: een groep mensen die samen werkt
om een doel te behalen. Met als doel om dit Organisatie Bedrijf Onderneming
voort te blijven zetten. Als er een afzetmarkt is
wordt de organisatie een bedrijf! Menselijke In de kern Bedrijven met
samenwerkin een winstoogmerk*
Bedrijf: in de kern ook een organisatie, maar dit is g organisatie
net anders als een bedrijf goederen of diensten Doelgericht Verkopen * Zonder
verkoopt en hier een afzetmarkt voor is. goederen/ winstoogmerk = non-
diensten profit instelling
Onderneming: een bedrijf die draait om winst
productie. Hier horen dus geen non profit (zonder Blijvend Afzetmarkt
winstoogmerk) bedrijven bij! karakter/
continuïteit
Wat is een bedrijf?
1. De menselijke factor
2. Synargie (het resultaat door samen te werken, wat alleen niet behaald had kunnen woren)
3. Doelgerichtheid
4. Continuiteit going concern gedachten, het management die de continuiteit in
overwegging neemt voordat er beslissingen gemaakt worden
The black box: Input transformarie output / alles wat gebeurd tussen de input en de
output.
, Een proces bestaat uit fases / Deel processen
Elke activiteit die een input en output heeft kan weer leiden tot een nieuwe input. Elk groot
proces kan dus onderverdeeld worden in kleine deelprocessen. Hierin herhaald die black box
zich meerdere malen om de grote output te behalen. Deze processen leiden tot halffabricaten.
Als deze samengevoegd worden komen we tot het eindproduct/output
Continu proces: een proces dat dag en nacht doorgaat. Het is soms lastig om de volgende stap in
zo’n proces te zien.
Discontinu proces: verschillende onderdelen die geassembleerd moeten worden. Assembleren
is samenvoegen tot het eindproduct.
Bedrijfsprocessen
Een geordend geheel dat begint met een input die omgezet wordt in een output. Er worden
waarden gecreëerd voor een interne of externe klant met een specifiek doel
Primair: wat gebeurd en in een bedrijf? Wat maakt of doet een bedrijf.
1. De ingaande logistiek ( het inkomende idee)
2. Productie ( het maken)
3. De interne logistiek (de reis die de productie maakt)
4. Extrerne logistiek (de reis na de productie naar winkels ect)
5. De marketing en verkoop ( de 4 p’s)
6. De service en diensverleng
Primair proces: De overkoepelende producte voor
product/dienst.
ondersteunende: de achterliggende gedachten
waar het hoofd van een organisatie over nadenkt.
Om het primaire proces te laten slagen. Heeft niks
te maken met het primaire proces, maar speelt
een groot doel bij het verkopen ervan.
Voorb. De boekhouding, de hr
Bestuurlijk proces: Hoger op beslissingen.
Voorb. De prijs, welk ontwerp, de distributie ect
Belangrijk binnen he proces
Effectiviteit: het behalen van je doel
Efficiëntie: hoeveel heb ik nodig om mijn doel te behalen. Maximale resultaat behalen voor de
minimale moeite.