verpleegkundigen
Hoofstuk 1 Inleiding op psychiatrie en
psychiatrische verpleegkunde
1.1 Historische context van de psychiatrie voor
verpleegkundigen
De geschiedenis van psychiatrische verpleegkundige is kort. In 1892 werd eerste
examen van de opleiding tot krankzinnigenverpleging afgelegd.
Krankzinnigengestichten waren in opkomst. Steeds meer werden er andere
manieren van behandelen geïntroduceerd: bedrust, gezonde voeding en
somatische therapieën.
Na de Tweede Wereldoorlog kwam er aandacht voor de geest. Het inzicht dat de
mens uit meer dan alleen het lichaam bestaat, werd steeds groter. In 1950
verandert de kijk op behandeling van psychische aandoeningen. Inrichtingen
worden opengesteld en er is meer aandacht voor in de maatschappij.
1.2 Van een biopsychosociaal model naar positieve
gezondheid
In 2008 is de GGZ in het leven geroepen om personen met lichte psychische
klachten in huisartsenpraktijk te kunnen ondersteunen met korte, laagfrequente
contacten.
Sinds 2014 bestaat de GGZ uit 3 echelons: huisartsenzorg POH-GGZ,
generalistische basis GGZ en gespecialiseerde GGZ. In 2016 kwam de vierde
echelon: top-GGZ.
Mensen met psychische problemen kunnen ook ondersteuning krijgen vanuit de
GGZ. Hiervoor werken wijkteams vanuit de WMO en Flexibele-ACT-teams vanuit
GGZ samen. De werkwijze verschilt per regio.
Het uitgangspunt van hervorming van geestelijke gezondheidszorg is het bieden
van betaalbare en doeltreffende zorg dicht bij huis. De meeste GGZ-instellingen
beschikken nu over flexibele, herstel ondersteunende, ambulante teams.
1.2.1Bevorderen van zelfmanagement en eigen regie
Kern van verpleegkunde is nu bevorderen van zelfmanagement. Zelfmanagement
wordt gezien als het individuele vermogen van de persoon om waar mogelijk
gezondheidsproblemen te voorkomen en wanneer deze toch optreden, om te
kunnen gaan met symptomen, behandeling en lichamelijke, psychische en
sociaal consequenties van gezondheidsproblemen en aanpassingen in leefstijl.