NZA
NEUROLOGIE, ZINTUIGEN EN
ANESTHESIOLOGIE
PGO aanwezigheidsplicht
Tentamen 9 april, 90 minuten, veel MC’s maar ook anderen.
,INHOUD
Hoorcollege 1A – neuroanatomie en neurofysiologie ...............................................................................3
Hoorcollege 1A – neuroanatomie en neurofysiologie: vervolg .................................................................. 16
Hoorcollege 2 – reflexen ..................................................................................................................... 18
Hoorcollege 4 – Gehoor ...................................................................................................................... 29
Hoorcollege 5 – het oog en visuele waarneming .................................................................................... 40
Hoorcollege 6 – oogonderzoek ............................................................................................................ 51
Hoorcollege 7 – aandoeningen van de ogen .......................................................................................... 56
Hoorcollege 8 – het neurologisch onderzoek ......................................................................................... 63
Hoorcollege 9 – neurale regulatie van motoriek en locomotie ................................................................. 68
Hoorcollege 10 -het vestibulair systeem ............................................................................................... 77
Hoorcollege 11 – Ataxie ...................................................................................................................... 83
Hoorcollege 12 – verschillende aspecten van pijn.................................................................................. 89
Hoorcollege 13/E-module – anesthesiologie ......................................................................................... 96
Hoorcollege 14 & 15 – klinische anesthesiologie en farmacologie ......................................................... 102
Hoorcollege 16 – klinische pijnstilling en farmacologie......................................................................... 106
,HOORCOLLEGE 1A – NEUROANATOMIE EN NEUROFYSIOLOGIE
Perifeer → ruggenmerg en spinale reflexen → hersenstam/diencephalon en cerebrale reflexen → cerebrum
en houdingsreacties
Tetraparese = bij een tetraparese (tetra = vier) gaan de bewegingen bij zowel je armen als benen moeilijk.
Centrale zenuwstelsel
1. Cerebrum (grote hersenen)
2. Diencephalon (thalamus en hypothalamus)
3. Hersenstam met kopzenuwen
4. Cerebellum (kleine hersenen)
5. Vestibulair systeem
6. Ruggenmerg
Perifere zenuwen
Perifere motorzenuwen (motorneuronen) = lower motor neuronen (LMN), dan noem je dat perifere
motorneuronen. Dit is de laatste schakel van zenuwen naar skeletspieren.
Plexus brachialis is een knooppunt van alle zenuwen die van de poot af komen en naar de poot gaan:
sensorisch en motorisch. Ook lopen hier post-ganglionaire sympathische vezels (naar bijvoorbeeld de
bloedvaten). Er is dus een mix van zenuwvezels.
, Perifere motorneuronen (lower motor neurons)
Paars: hier zie je het lower motor neurons die van het ruggenmerg helemaal naar de skeletspieren toe loopt.
Deze gebruikt acetylcholine en sluit aan op de nicotine receptor.
Oranje: parasympatisch preganglionair en deze is vaak de nervus Vagus. Het ganglion zit vaak bij het
eindorgaan en wordt overgeschakeld naar groen (post ganglionaire). Post ganglionair parasympatisch
gebruikt ook acetylcholine, alleen de receptor in het doelorgaan is een muscarine receptor (G-eiwit
gekoppelde receptor.
Rood: sympathisch. Preganglionair sympathisch zal in het groene vlek bij de ruggenwervel zie je de
grensstreng en daarin schakelt hij over op postganglionair door middel van acetylcholine en een N2
receptor, en dan in het doelorgaan zal er adrenaline vrijkomen (fight of flight) en die binden aan adrenerge
receptoren.
Autonome zenuwstelsel (onbewuste processen): sympathisch en parasympatisch
Parasympatisch: N. vagus uit de hersenstam en die loopt naar beneden toe en verzorgt de parasympatische
innervatie van bijna alle organen. Het rectum en de blaas worden door de sacrale parasympatische vezels
geïnnerveerd.
Sympathisch: ontspringt uit je ruggenmerg en bij de grensstreng schakelt paraganglion over naar post-
ganglion, en die innerveert ook de organen.
NEUROLOGIE, ZINTUIGEN EN
ANESTHESIOLOGIE
PGO aanwezigheidsplicht
Tentamen 9 april, 90 minuten, veel MC’s maar ook anderen.
,INHOUD
Hoorcollege 1A – neuroanatomie en neurofysiologie ...............................................................................3
Hoorcollege 1A – neuroanatomie en neurofysiologie: vervolg .................................................................. 16
Hoorcollege 2 – reflexen ..................................................................................................................... 18
Hoorcollege 4 – Gehoor ...................................................................................................................... 29
Hoorcollege 5 – het oog en visuele waarneming .................................................................................... 40
Hoorcollege 6 – oogonderzoek ............................................................................................................ 51
Hoorcollege 7 – aandoeningen van de ogen .......................................................................................... 56
Hoorcollege 8 – het neurologisch onderzoek ......................................................................................... 63
Hoorcollege 9 – neurale regulatie van motoriek en locomotie ................................................................. 68
Hoorcollege 10 -het vestibulair systeem ............................................................................................... 77
Hoorcollege 11 – Ataxie ...................................................................................................................... 83
Hoorcollege 12 – verschillende aspecten van pijn.................................................................................. 89
Hoorcollege 13/E-module – anesthesiologie ......................................................................................... 96
Hoorcollege 14 & 15 – klinische anesthesiologie en farmacologie ......................................................... 102
Hoorcollege 16 – klinische pijnstilling en farmacologie......................................................................... 106
,HOORCOLLEGE 1A – NEUROANATOMIE EN NEUROFYSIOLOGIE
Perifeer → ruggenmerg en spinale reflexen → hersenstam/diencephalon en cerebrale reflexen → cerebrum
en houdingsreacties
Tetraparese = bij een tetraparese (tetra = vier) gaan de bewegingen bij zowel je armen als benen moeilijk.
Centrale zenuwstelsel
1. Cerebrum (grote hersenen)
2. Diencephalon (thalamus en hypothalamus)
3. Hersenstam met kopzenuwen
4. Cerebellum (kleine hersenen)
5. Vestibulair systeem
6. Ruggenmerg
Perifere zenuwen
Perifere motorzenuwen (motorneuronen) = lower motor neuronen (LMN), dan noem je dat perifere
motorneuronen. Dit is de laatste schakel van zenuwen naar skeletspieren.
Plexus brachialis is een knooppunt van alle zenuwen die van de poot af komen en naar de poot gaan:
sensorisch en motorisch. Ook lopen hier post-ganglionaire sympathische vezels (naar bijvoorbeeld de
bloedvaten). Er is dus een mix van zenuwvezels.
, Perifere motorneuronen (lower motor neurons)
Paars: hier zie je het lower motor neurons die van het ruggenmerg helemaal naar de skeletspieren toe loopt.
Deze gebruikt acetylcholine en sluit aan op de nicotine receptor.
Oranje: parasympatisch preganglionair en deze is vaak de nervus Vagus. Het ganglion zit vaak bij het
eindorgaan en wordt overgeschakeld naar groen (post ganglionaire). Post ganglionair parasympatisch
gebruikt ook acetylcholine, alleen de receptor in het doelorgaan is een muscarine receptor (G-eiwit
gekoppelde receptor.
Rood: sympathisch. Preganglionair sympathisch zal in het groene vlek bij de ruggenwervel zie je de
grensstreng en daarin schakelt hij over op postganglionair door middel van acetylcholine en een N2
receptor, en dan in het doelorgaan zal er adrenaline vrijkomen (fight of flight) en die binden aan adrenerge
receptoren.
Autonome zenuwstelsel (onbewuste processen): sympathisch en parasympatisch
Parasympatisch: N. vagus uit de hersenstam en die loopt naar beneden toe en verzorgt de parasympatische
innervatie van bijna alle organen. Het rectum en de blaas worden door de sacrale parasympatische vezels
geïnnerveerd.
Sympathisch: ontspringt uit je ruggenmerg en bij de grensstreng schakelt paraganglion over naar post-
ganglion, en die innerveert ook de organen.