Evidence-Based Diëtetiek (EBD).
Hoofdstuk 1: Evidence-Based Diëtetiek (EBD) – Introductie
Dit hoofdstuk introduceert EBD als een transparante vorm van beroepsuitoefening die de
optimale behandeling en het welbevinden van de patiënt centraal stelt.
● Definitie: EBD is het zorgvuldig, expliciet en oordeelkundig gebruikmaken van het
actuele, beste bewijsmateriaal om beslissingen te nemen voor de individuele
patiënt.
● De drie pijlers van EBD: Besluitvorming binnen EBD rust op drie gelijkwaardige
fundamenten:
○ Het best beschikbare bewijs uit wetenschappelijke bronnen.
○ De kennis en ervaring (praktijkexpertise) van de diëtist.
○ De waarden en voorkeuren van de patiënt en diens omgeving.
● Wat is 'Evidence'? Wetenschappelijk bewijs (evidence) kan variëren van zeer zwak
tot overtuigend. Naast gepubliceerde data speelt practice-based evidence een rol:
bewijs dat systematisch is verkregen uit de eigen praktijkvoering.
● Belang van EBD:
○ Patiëntenzorg: Het biedt een dieetbehandeling op maat en ondersteunt
"samen beslissen", waarbij de mondige patiënt meedenkt over de
behandeling.
○ Professionalisering: Diëtisten kunnen zich hiermee onderscheiden van
niet-onderbouwde voedingsadviseurs en hun positie in het zorgstelsel
versterken.
○ Transparantie en Verantwoording: Keuzen in diagnostiek en behandeling
worden meetbaar en overdraagbaar naar collega's. Bovendien eisen
overheden en verzekeraars steeds vaker wetenschappelijke onderbouwing
voor kosteneffectiviteit.
● Barrières: Weerstand tegen EBD komt vaak voort uit het idee dat het veel tijd kost,
of door onzekerheid over vaardigheden zoals statistiek en het formuleren van
onderzoeksvragen.
Hoofdstuk 2: Evidence-Based Diëtetiek – Stap voor stap
EBD wordt beschreven als een gestructureerde aanpak die bestaat uit een cyclisch proces
van vijf opeenvolgende stappen.
Stap 1: Formuleren van een beantwoordbare vraag
Om efficiënt naar bewijs te kunnen zoeken, moet een klinisch probleem worden omgezet in
een specifieke vraag.
● PICO-methode: Dit hulpmiddel helpt de vier essentiële onderdelen van de vraag te
definiëren:
, ○ P (Problem/Patient): Beschrijving van de patiënt of groep (bijv. leeftijd,
kenmerken van de ziekte).
○ I (Intervention): De behandeling of interventie die wordt onderzocht.
○ C (Control/Comparison): Een alternatieve behandeling (optioneel).
○ O (Outcome): De gewenste uitkomst of het resultaat.
Stap 2: Zoeken en selecteren van bewijs
Met de trefwoorden uit de PICO-vraag wordt gezocht in databases zoals PubMed, Cochrane
Library of de TRIP-database.
● Hiërarchie: Men start bovenaan de piramide van bewijskracht bij richtlijnen, omdat
hierin wetenschap al is vertaald naar praktijkadviezen.
● Zoekstrategie: Termen worden gecombineerd met booleaanse operatoren (AND,
OR, NOT) om een zoekstring te vormen.
● Selectie: Uit de resultaten wordt 'ruis' verwijderd door op basis van titel en
samenvatting te screenen op relevantie voor de PICO-vraag.
Stap 3: Kritisch beoordelen van het bewijs
De gevonden bronnen moeten systematisch worden gecontroleerd op hun
methodologische kwaliteit en bruikbaarheid.
● Validiteit en Betrouwbaarheid: Is het onderzoek zuiver uitgevoerd en zijn de
resultaten een correcte weergave van de werkelijkheid?.
● Bias: Er wordt gelet op systematische vertekeningen zoals selectiebias of
publicatiebias.
● Checklists: Er zijn specifieke checklists beschikbaar per type bron (bijv. AGREE-II
voor richtlijnen) om deze beoordeling gestructureerd uit te voeren.
Stap 4: Implementeren van het bewijs
In deze fase worden de drie pijlers van EBD geïntegreerd om tot een besluit te komen.
● Individuele toepassing: De diëtist weegt de wetenschappelijke resultaten af tegen
de eigen expertise en de specifieke waarden en voorkeuren van de patiënt.
● Toepasbaarheid: Men stelt vragen of de onderzochte populatie en interventie
vergelijkbaar zijn met de eigen praktijksituatie.
● Samen beslissen: De uiteindelijke keuze voor de behandeling wordt gezamenlijk
met de patiënt gemaakt.
Stap 5: Evalueren
De laatste stap is het nagaan of de behandeling effectief is en of de behandeldoelen zijn
behaald.
● Meetbare indicatoren: Effectiviteit wordt gemeten aan de hand van indicatoren
zoals lichaamsgewicht, bloeddruk of labwaarden.
● Nulmeting: Er is een waarde nodig van vóór de start van de behandeling om
progressie te kunnen vaststellen.
, ● Procesevaluatie: Naast het resultaat bij de patiënt kan ook het EBD-proces zelf
(zoals de kwaliteit van de gestelde vraag of de zoekactie) worden geëvalueerd.
Hoofdstuk 3: Stap 1 – Formuleren van een beantwoordbare vraag
De eerste stap in het EBD-proces is het omzetten van een klinisch probleem naar een
specifieke vraag die met wetenschappelijk bewijs beantwoord kan worden.
Het belang van een goede vraagstelling
De eerste stap in het proces van Evidence-Based Diëtetiek (EBD) is het omzetten van een
klinisch probleem of een praktijkvraag naar een beantwoordbare vraag. In de dagelijkse
praktijk maakt een diëtist voortdurend keuzen, variërend van de noodzaak van
sondevoeding tot de veiligheid van specifieke voedingsmiddelen. Hoewel veel vragen direct
beantwoord kunnen worden op basis van vakkennis, vereisen complexere problemen een
gestructureerde zoektocht naar informatie. De formulering van de vraag is hierbij cruciaal,
omdat deze directe consequenties heeft voor het vinden van bewijs:
● Een te algemene vraag levert vaak te veel informatie op, waardoor het overzicht
verloren gaat.
● Een te specifieke vraag levert daarentegen vaak te weinig of geen resultaten op in
wetenschappelijke databases.
De PICO-methode: Stap-voor-stap opbouw
Om de kans op een waardevol antwoord te maximaliseren, wordt de PICO-methode
gebruikt. Dit is een acroniem voor de vier essentiële onderdelen van een klinische vraag:
1. P (Problem / Patient): Dit betreft een nauwkeurige omschrijving van de patiënt of
de specifieke groep waartoe de patiënt behoort. Hierbij worden relevante
kenmerken vastgelegd, zoals leeftijd, geslacht, karakteristieken van de ziekte en
risicofactoren.
2. I (Intervention): Dit onderdeel beschrijft de specifieke behandeling of interventie
die de diëtist wil onderzoeken. In een praktijkcasus kan dit bijvoorbeeld het gebruik
van een specifiek supplement (zoals kaneelcapsules) zijn.
3. C (Control / Comparison): Dit staat voor een alternatieve behandeling waarmee
de interventie vergeleken wordt. Omdat er in de diëtetiekpraktijk vaak geen
specifieke vergelijking is (bijvoorbeeld wanneer een patiënt nog geen supplementen
gebruikt), is dit onderdeel optioneel.
4. O (Outcome): Dit beschrijft de gewenste uitkomst of het resultaat van de
interventie. Het gaat hierbij om meetbare effecten, zoals het optimaliseren van
bloedglucosewaarden of het verlagen van het lichaamsgewicht.
Resultaat en vervolgstap
Door de vier elementen van PICO systematisch uit te werken in een PICO-tabel, wordt het
klinische probleem helder en beter hanteerbaar. Deze tabel dient als basis voor de volgende
stappen in het EBD-proces: