Methoden en technieken van onderzoek | Beoordelingsformulier groepsopdracht
Studiegroep: Groep
Nagekeken door:
Datum:
Beoordelingscriteria Oordeel Opmerkingen
SLUISCRITERIUM - Vormeisen
De docent beoordeelt de kwaliteit van de V Voldaan aan APA-normen.
presentatie en het voldoen aan de vormeisen (o.a. Presentatie gestructureerd met een
APA-normen toegepast, min. 5 wetenschappelijke rechttoe-rechtaan opening en geen
artikelen, zie taak 1.17). echte afsluiting (of er nog vragen zijn).
1 - Onderzoeksprobleem en -vraag
De docent beoordeelt de duidelijkheid van het V De theoretische relevantie is beperkt
onderzoeksprobleem, de relevantie (theoretisch duidelijk gemaakt aan de hand van de
en praktisch) van het onderzoeksprobleem, en literatuur, de praktische relevantie is
controleert in hoeverre het onderzoeksprobleem volstrekt duidelijk. Er wordt goed
is uitgedrukt in een onderzoeksvraag die voldoet toegewerkt naar de gap. De
aan de tijdens de cursus besproken eisen. onderzoeksvraag is concreet, de
functie van het onderzoek is duidelijk.
2 - Theorie en hypothesen
De docent beoordeelt of het voorstel een ‘V’ Het conceptueel model is in lijn met de
theoretisch raamwerk bevat waarin alle onderzoeksvraag. Bij elk verband is
kernconcepten worden gedefinieerd, het een hypothese geformuleerd. De
theoretische mechanisme wordt beschreven (+ definitie van de drie modaliteiten van
conceptueel model), en of er de variabele ‘aansturing van
hypothesen/proposities zijn gevormd voor het onderwijsteams’ had concreter
onderzoek die worden onderbouwd met een gemoeten, hoewel ze wel hun basis
vereenvoudigde state-of-the-art van de relevant hebben gevonden in de literatuur.
wetenschappelijke literatuur.
3 - Onderzoeksontwerp
De docent beoordeelt of er bij voorgestelde V De onderzoeksmethode is
onderzoek een passend onderzoeksontwerp is onderbouwd vanuit de theorie van de
gemaakt, met logische keuzes voor opeenvolgend: cursus. De kwantitatieve insteek past
onderzoeksstrategie, sampling en bij de verklarende functie van het
dataverzameling, operationalisatie van de onderzoek.
variabelen, een globale data-analyse keuze, en een Voldoende aandacht geschonken aan
reflectie op de validiteit en betrouwbaarheid. de validiteit en betrouwbaarheid, maar
een absoluut oordeel ontbreekt.
4 – Consistentie en verdediging
De docent beoordeelt in hoeverre er een logische ‘V’ Bij alle uitwerkingen ontbrak een
samenhang is tussen de verschillende onderdelen strakke lijn. Er is uiteindelijk wel sprake
van het voorstel. Die samenhang is van belang van samenhang, maar sommige
voor de validiteit. De docent beoordeelt tevens de gegevens zijn minder relevant of
verdediging van keuzes door de studiegroep n.a.v. kunnen beter gestructureerd worden.
vragen na de presentatie.
EINDOORDEEL* Voldoende
Toelichting bij eindoordeel:
Jullie geven terug van de eerste stappen in de
wetenschapsbeoefening veel te hebben geleerd en
dat was te zien.
*: Voor een “Voldoende” eindoordeel is altijd een “Voldoende” score op het sluiscriterium vereist.
Daarnaast moet de score op ten minste 3 van de 4 inhoudelijke criteria een “V (Voldoende)” zijn voor een
“Voldoende” eindoordeel. De groepsopdracht wordt met een “Onvoldoende” eindoordeel beoordeeld
wanneer de score op 2 of meer van de inhoudelijke criteria “O (Onvoldoende)” is en/of wanneer niet aan
het sluiscriterium is voldaan.
Studiegroep: Groep
Nagekeken door:
Datum:
Beoordelingscriteria Oordeel Opmerkingen
SLUISCRITERIUM - Vormeisen
De docent beoordeelt de kwaliteit van de V Voldaan aan APA-normen.
presentatie en het voldoen aan de vormeisen (o.a. Presentatie gestructureerd met een
APA-normen toegepast, min. 5 wetenschappelijke rechttoe-rechtaan opening en geen
artikelen, zie taak 1.17). echte afsluiting (of er nog vragen zijn).
1 - Onderzoeksprobleem en -vraag
De docent beoordeelt de duidelijkheid van het V De theoretische relevantie is beperkt
onderzoeksprobleem, de relevantie (theoretisch duidelijk gemaakt aan de hand van de
en praktisch) van het onderzoeksprobleem, en literatuur, de praktische relevantie is
controleert in hoeverre het onderzoeksprobleem volstrekt duidelijk. Er wordt goed
is uitgedrukt in een onderzoeksvraag die voldoet toegewerkt naar de gap. De
aan de tijdens de cursus besproken eisen. onderzoeksvraag is concreet, de
functie van het onderzoek is duidelijk.
2 - Theorie en hypothesen
De docent beoordeelt of het voorstel een ‘V’ Het conceptueel model is in lijn met de
theoretisch raamwerk bevat waarin alle onderzoeksvraag. Bij elk verband is
kernconcepten worden gedefinieerd, het een hypothese geformuleerd. De
theoretische mechanisme wordt beschreven (+ definitie van de drie modaliteiten van
conceptueel model), en of er de variabele ‘aansturing van
hypothesen/proposities zijn gevormd voor het onderwijsteams’ had concreter
onderzoek die worden onderbouwd met een gemoeten, hoewel ze wel hun basis
vereenvoudigde state-of-the-art van de relevant hebben gevonden in de literatuur.
wetenschappelijke literatuur.
3 - Onderzoeksontwerp
De docent beoordeelt of er bij voorgestelde V De onderzoeksmethode is
onderzoek een passend onderzoeksontwerp is onderbouwd vanuit de theorie van de
gemaakt, met logische keuzes voor opeenvolgend: cursus. De kwantitatieve insteek past
onderzoeksstrategie, sampling en bij de verklarende functie van het
dataverzameling, operationalisatie van de onderzoek.
variabelen, een globale data-analyse keuze, en een Voldoende aandacht geschonken aan
reflectie op de validiteit en betrouwbaarheid. de validiteit en betrouwbaarheid, maar
een absoluut oordeel ontbreekt.
4 – Consistentie en verdediging
De docent beoordeelt in hoeverre er een logische ‘V’ Bij alle uitwerkingen ontbrak een
samenhang is tussen de verschillende onderdelen strakke lijn. Er is uiteindelijk wel sprake
van het voorstel. Die samenhang is van belang van samenhang, maar sommige
voor de validiteit. De docent beoordeelt tevens de gegevens zijn minder relevant of
verdediging van keuzes door de studiegroep n.a.v. kunnen beter gestructureerd worden.
vragen na de presentatie.
EINDOORDEEL* Voldoende
Toelichting bij eindoordeel:
Jullie geven terug van de eerste stappen in de
wetenschapsbeoefening veel te hebben geleerd en
dat was te zien.
*: Voor een “Voldoende” eindoordeel is altijd een “Voldoende” score op het sluiscriterium vereist.
Daarnaast moet de score op ten minste 3 van de 4 inhoudelijke criteria een “V (Voldoende)” zijn voor een
“Voldoende” eindoordeel. De groepsopdracht wordt met een “Onvoldoende” eindoordeel beoordeeld
wanneer de score op 2 of meer van de inhoudelijke criteria “O (Onvoldoende)” is en/of wanneer niet aan
het sluiscriterium is voldaan.