MGZ – College 16: Pijn bij chronische aandoeningen
Pijn
Pijn is een sensorische en of emotionele ervaring veroorzaakt door feitelijke en of mogelijke
weefselschade
Nociceptieve pijn -> schade aan organen en weefsels in het lichaam
Neuropatische pijn -> schade aan zenuwweefsel (hersenen, ruggenmerg, ruggenmerg- en
hersenzenuwen en perifere zenuwen)
Nociceptieve pijn
Pijn in het lichaam wordt herkend door nociceptieve receptoren
Pijn wordt via deze receptoren geleid naar het centraal zenuwstelsel
o Ruggenmerg en hersenen
Pijn wordt geregistreerd en verwerkt in de hersenen
De hersenen laten het lichaam pijn voelen
Pijngewaarwording ter hoogte van het bewegingsapparaat en de huid noemt men ook
somatische pijn
Neuropatische pijn
Door beschadiging van het zenuwweefsel
o Hernia, aangezichtsverlamming, trigeminus pijn bij multiplesclerose
Acute en chronische pijn
Behandeld met:
o Antidepressiva of anti-epileptica
Carbamazepine
Amytriptyline
Pregabaline
Fantoompijn
Niet ten gevolge van weefselschade
Pijn aan een geamputeerd lichaamsdeel
Ten gevolge van blijvende pijnbeleving in de hersenen
Snelle pijn
A-vezels (bevatten myeline)
Vezels projecteren op neuronen v.h. ruggenmerg
Stijgende banen geleiden pijn door het ruggenmerg
Pijn vanuit het ruggenmerg naar de hersenen waar pijnprikkels verwerkt worden
Snelle pijn is goed te lokaliseren in het lichaam
Trage pijn
C-vezels (myeline)
Pijnprikkels van het lichaam worden naar de neuronen van het ruggenmerg geleid
Stijgende baan in het ruggenmerg projecteert pijnprikkels naar de hersenen
, Pijn wordt verwerkt in de hersenen
Trage pijn is moeilijk te lokaliseren in het lichaam
Snelle en trage pijn
Snelle pijn via de A-vezels
o Scherp, acuut, stekend
o Niet voelbaar in de diepere weefsels
Trage pijn via de C-vezels
o Brandend, jeukend, chronische pijn
o Diepe pijn vanuit de diepere weefsels
o Oppervlakkige pijn sensaties
Acute pijn
Nociceptieve pijn
Snelle pijn
Ontstaat direct na weefselschade
Trauma, chirurgische ingreep, brandwonden
Verdwijnt na herstel
Chronische pijn
Neuropathische en nociceptieve pijn
Langer dan 3 maanden
Pijn na (on)volledig herstel
Bij zenuwschade -> langdurige pijn
Chronische pijn -> zenuwschade
Behandeling van pijn volgens de WHO ladder
Stap 1a: paracetamol
Stap 1b: NSAID (non-steroidal anti-inflammatory drugs)
Stap 1c: paracetamol + NSAID
Stap 2: overstappen op of toevoegen van een zwakwerkend opioïde
Stap 3: overstappen op of toevoegen van een sterk werkend opioïde
Stap 4: parenterale toediening van een opioïde
Type medicatie
NSAID: ibuprofen, diclofenac, naproxen
Zwakwerkend opioïd: codeine, tramadol
Sterkwerkend opioïd: morfine, fentanyl,
methadon, oxycodon
Parenteraal: subcutaan, intraveneus,
epiduraal, spinaal
Behandeling van ernstige pijn
Eerst pijn behandelen met een sterk opioïde
daarna afbouwen naar paracetamol
Pijn
Pijn is een sensorische en of emotionele ervaring veroorzaakt door feitelijke en of mogelijke
weefselschade
Nociceptieve pijn -> schade aan organen en weefsels in het lichaam
Neuropatische pijn -> schade aan zenuwweefsel (hersenen, ruggenmerg, ruggenmerg- en
hersenzenuwen en perifere zenuwen)
Nociceptieve pijn
Pijn in het lichaam wordt herkend door nociceptieve receptoren
Pijn wordt via deze receptoren geleid naar het centraal zenuwstelsel
o Ruggenmerg en hersenen
Pijn wordt geregistreerd en verwerkt in de hersenen
De hersenen laten het lichaam pijn voelen
Pijngewaarwording ter hoogte van het bewegingsapparaat en de huid noemt men ook
somatische pijn
Neuropatische pijn
Door beschadiging van het zenuwweefsel
o Hernia, aangezichtsverlamming, trigeminus pijn bij multiplesclerose
Acute en chronische pijn
Behandeld met:
o Antidepressiva of anti-epileptica
Carbamazepine
Amytriptyline
Pregabaline
Fantoompijn
Niet ten gevolge van weefselschade
Pijn aan een geamputeerd lichaamsdeel
Ten gevolge van blijvende pijnbeleving in de hersenen
Snelle pijn
A-vezels (bevatten myeline)
Vezels projecteren op neuronen v.h. ruggenmerg
Stijgende banen geleiden pijn door het ruggenmerg
Pijn vanuit het ruggenmerg naar de hersenen waar pijnprikkels verwerkt worden
Snelle pijn is goed te lokaliseren in het lichaam
Trage pijn
C-vezels (myeline)
Pijnprikkels van het lichaam worden naar de neuronen van het ruggenmerg geleid
Stijgende baan in het ruggenmerg projecteert pijnprikkels naar de hersenen
, Pijn wordt verwerkt in de hersenen
Trage pijn is moeilijk te lokaliseren in het lichaam
Snelle en trage pijn
Snelle pijn via de A-vezels
o Scherp, acuut, stekend
o Niet voelbaar in de diepere weefsels
Trage pijn via de C-vezels
o Brandend, jeukend, chronische pijn
o Diepe pijn vanuit de diepere weefsels
o Oppervlakkige pijn sensaties
Acute pijn
Nociceptieve pijn
Snelle pijn
Ontstaat direct na weefselschade
Trauma, chirurgische ingreep, brandwonden
Verdwijnt na herstel
Chronische pijn
Neuropathische en nociceptieve pijn
Langer dan 3 maanden
Pijn na (on)volledig herstel
Bij zenuwschade -> langdurige pijn
Chronische pijn -> zenuwschade
Behandeling van pijn volgens de WHO ladder
Stap 1a: paracetamol
Stap 1b: NSAID (non-steroidal anti-inflammatory drugs)
Stap 1c: paracetamol + NSAID
Stap 2: overstappen op of toevoegen van een zwakwerkend opioïde
Stap 3: overstappen op of toevoegen van een sterk werkend opioïde
Stap 4: parenterale toediening van een opioïde
Type medicatie
NSAID: ibuprofen, diclofenac, naproxen
Zwakwerkend opioïd: codeine, tramadol
Sterkwerkend opioïd: morfine, fentanyl,
methadon, oxycodon
Parenteraal: subcutaan, intraveneus,
epiduraal, spinaal
Behandeling van ernstige pijn
Eerst pijn behandelen met een sterk opioïde
daarna afbouwen naar paracetamol