Enlightenment (1660-1790)
Kenmerken
Rede, logica en wetenschap centraal
Geloof in vooruitgang en rationaliteit
Satire en maatschappijkritiek
Schrijvers
Alexander Pope
Daniel Defoe
Jonathan Swift
Relatie met volgende periode
Sterke focus op rede en wetenschap leidt tot een tegenreactie: romanticism,
emotie en verbeelding centraal
Overgang naar romanticism
William Blake
Kritiek op de rationele wereld (charter’d streets of London) van de Verlichting
Meer nadruk op verbeelding, spiritualiteit en emoties
→ brug tussen enlightenment → romanticism
Romanticism (1790-1850)
Kenmerken
Emotie en verbeelding belangrijker dan rede
Natuur als inspiratiebron
Focus op het individu
Schrijvers
Jane Austen
Mary Shelley
William Wordsworth
Relatie met de enlightenment
Reactie tegen te veel rationaliteit en wetenschap
Relatie met volgende periode
, De industrialisatie leidt later tot realistischere literatuur in de Victorian Age
Victorian Age (1837-1901)
Kenmerken
Realisme en aandacht voor sociale problemen
Invloed van industrialisatie
Moraal en maatschappelijke verantwoordelijkheid
Schrijvers
Charles Dickens
Thomas Hardy
Charlotte Bronte
Emily Bronte
Relatie met romanticism
Minder fantasie en natuur → uitzondering Bronte: fantasie
Meer realistische beschrijving van maatschappij en problemen
American romanticism
Schrijvers
Nathaniel Hawthorn
Emily Dickinson
Kenmerken
Sterke focus op emotie, moraal en individuele ervaring
Onderdeel van de bredere Romantic movement
Verschil
Romaniticism is stroming; kunststroming
Victorian age is tijdperk; industrialisatie, sociale normen veranderen, nog strenger
, Enlightenment
1660-1790
Rede en wetenschap
Romanticism
1790-1850
Reactie tegen rationaliteit
Victorian Age
1837-1901
Reactie op romantische fantasie → meer realisme