Wereldoriëntatie 2
Natuur & Techniek
Student: M.P.J. Derksen
Studentnummer: 1213357
Datum: 13-02-2025
Versie: 1
Module: EN-PD-WO2.D.20_2526
Hogeschool Windesheim, Zwolle, Nederland
Inhoudsopgave
,Inleiding................................................................................... 2
Literatuuronderzoek.................................................................3
Pre- en misconcepten......................................................................3
Betekenisvol onderwijs....................................................................3
Onderzoekend en ontwerpend leren.................................................4
BIM-Model.......................................................................................4
Belangrijke punten voor het lesontwerp...........................................4
Koppeling met kerndoelen van SLO..................................................5
Van Blink tot eigen lesontwerp..................................................6
Lesontwerp..............................................................................7
Uitwerking Lessenserie.............................................................9
Lesvoorbereiding van introductieles........................................18
Evaluatie................................................................................ 24
Literatuurlijst.........................................................................26
Bijlagen.................................................................................. 28
Bijlage 1: Bewijs van uitvoering......................................................28
Bijlage 2: tijdsplanning..................................................................30
Bijlage 3: Werkboek.......................................................................32
Bijlage 4: Voorbeeldteksten...........................................................33
Bijlage 5: Reflectieblad..................................................................34
1
,Inleiding
Natuur en techniek helpt leerlingen de wereld om hen heen beter te
begrijpen. Elke dag komen ze in contact met natuurverschijnselen en
techniek, zoals drijven en zinken, elektriciteit, materialen, of groei en
verandering. Leerlingen vormen hierover al vroeg ideeën door hun eigen
ervaringen. Goed natuur- en techniekonderwijs sluit hierop aan en helpt
hen hun denken te verdiepen en aan te passen.
Dit verslag beschrijft een lessenserie natuur en techniek voor groep 7,
waarbij ze zowel ontwerpend als onderzoekend aan de slag gaan. In
groepen gaan zij als redactie aan de slag om een tijdschrift te maken. Ze
nemen niet alleen waar, maar formuleren, toetsen en bespreken ook
verklaringen. Hierdoor is er ruimte voor zowel onderzoek als creativiteit,
waardoor iedereen uit de klas iets heeft waar ze zich op kunnen focussen,
terwijl ze bezig zijn met nieuwe informatie verwerven.
Het lesontwerp van Blink is uitgebreid met literatuur over pre- en
misconcepten, onderzoekend en ontwerpend leren en het BIM-model als
didactisch kader. Ook wordt uitgelegd hoe deze theorieën worden
toegepast in de praktijk. De lessenserie is uitgewerkt volgens de cyclus
van ontwerpend leren, waarin alle onderdelen aan bod komen.
2
, Literatuuronderzoek
Effectief natuuronderwijs richt zich niet alleen op het uitvoeren van
proefjes of het aanbieden van losse feiten, maar ook op het ontwikkelen
van samenhangende begrippen. Hiermee kunnen leerlingen vervolgens
natuurverschijnselen begrijpen en verklaren (Smits, 2020). Onderzoek laat
zien dat leerlingen al vóór formeel onderwijs uitgebreide ideeën hebben
over de natuur. Deze ideeën worden vaak weergegeven als pre- en
misconcepten. Ze zijn logisch vanuit de belevingswereld van het kind,
maar wijken af van wetenschappelijk geaccepteerde verklaringen
(Boersma et al., 2009). Goed natuuronderwijs sluit daarom aan bij deze
bestaande denkbeelden en gebruikt dit als start voor verdere
ontwikkeling.
Pre- en misconcepten
Preconcepten ontstaan uit ervaringen uit de beleving van het kind. Zij
redeneren bijvoorbeeld dat zware voorwerpen altijd zinken, elektriciteit
‘op raakt’ wanneer een lamp langer brandt of dat planten niet leven
omdat ze niet bewegen. Sommige van deze ideeën zijn lastig te corrigeren
met instructie alleen (Boersma et al., 2009). Onderzoek laat zien dat
misconcepten vaak stabiel zijn; ook na onderwijs blijven leerlingen ze
gebruiken naast formele verklaringen.
Dit vormt een goede basis om een les te starten. Omdat pré- en
misconcepten vaak stabiel zijn, is het belangrijk onderwijs te geven
waarin leerlingen actief worden geconfronteerd met hun eigen ideeën en
ruimte krijgen om deze te onderzoeken. Door de lessenserie te beginnen
met het ophalen van voorkennis krijgt de leerkracht inzicht in het denken
en redeneren van de leerlingen, waardoor instructie en begeleiding beter
kunnen passen bij de leerlingen. Voor leerlingen is het dan weer voordelig
voor de bewustwording van hun eigen ideeën en ontstaat spanning
wanneer ideeën worden bevraagd of niet blijken te kloppen. Dit zorgt voor
nieuwsgierigheid en vormt een belangrijke drijfveer voor leren, doordat
leerlingen gemotiveerd raken om hun denken bij te stellen.
Betekenisvol onderwijs
Betekenisvol (natuur)onderwijs is onderwijs dat aansluit bij de
belevingswereld van leerlingen, door herkenbare situaties. Alledaagse
dingen als drijven of zinken, schaduwen of het groeien van planten zijn
een goede context om nieuwe informatie op te doen. Juist omdat
leerlingen hier al iets over weten, ontstaat er een natuurlijke spanning
tussen wat zij denken te weten en wat ze waarnemen tijdens onderzoek
(Van Galen & Oosterwaal, z.d.).
Betekenisvol leren vraagt om een lesopbouw waar leerlingen niet alleen
observeren, maar ook verklaringen formuleren en deze toetsen met die
van anderen. Dit proces draagt bij aan diepere begripsvorming en helpt
verbanden te leggen.
3
Natuur & Techniek
Student: M.P.J. Derksen
Studentnummer: 1213357
Datum: 13-02-2025
Versie: 1
Module: EN-PD-WO2.D.20_2526
Hogeschool Windesheim, Zwolle, Nederland
Inhoudsopgave
,Inleiding................................................................................... 2
Literatuuronderzoek.................................................................3
Pre- en misconcepten......................................................................3
Betekenisvol onderwijs....................................................................3
Onderzoekend en ontwerpend leren.................................................4
BIM-Model.......................................................................................4
Belangrijke punten voor het lesontwerp...........................................4
Koppeling met kerndoelen van SLO..................................................5
Van Blink tot eigen lesontwerp..................................................6
Lesontwerp..............................................................................7
Uitwerking Lessenserie.............................................................9
Lesvoorbereiding van introductieles........................................18
Evaluatie................................................................................ 24
Literatuurlijst.........................................................................26
Bijlagen.................................................................................. 28
Bijlage 1: Bewijs van uitvoering......................................................28
Bijlage 2: tijdsplanning..................................................................30
Bijlage 3: Werkboek.......................................................................32
Bijlage 4: Voorbeeldteksten...........................................................33
Bijlage 5: Reflectieblad..................................................................34
1
,Inleiding
Natuur en techniek helpt leerlingen de wereld om hen heen beter te
begrijpen. Elke dag komen ze in contact met natuurverschijnselen en
techniek, zoals drijven en zinken, elektriciteit, materialen, of groei en
verandering. Leerlingen vormen hierover al vroeg ideeën door hun eigen
ervaringen. Goed natuur- en techniekonderwijs sluit hierop aan en helpt
hen hun denken te verdiepen en aan te passen.
Dit verslag beschrijft een lessenserie natuur en techniek voor groep 7,
waarbij ze zowel ontwerpend als onderzoekend aan de slag gaan. In
groepen gaan zij als redactie aan de slag om een tijdschrift te maken. Ze
nemen niet alleen waar, maar formuleren, toetsen en bespreken ook
verklaringen. Hierdoor is er ruimte voor zowel onderzoek als creativiteit,
waardoor iedereen uit de klas iets heeft waar ze zich op kunnen focussen,
terwijl ze bezig zijn met nieuwe informatie verwerven.
Het lesontwerp van Blink is uitgebreid met literatuur over pre- en
misconcepten, onderzoekend en ontwerpend leren en het BIM-model als
didactisch kader. Ook wordt uitgelegd hoe deze theorieën worden
toegepast in de praktijk. De lessenserie is uitgewerkt volgens de cyclus
van ontwerpend leren, waarin alle onderdelen aan bod komen.
2
, Literatuuronderzoek
Effectief natuuronderwijs richt zich niet alleen op het uitvoeren van
proefjes of het aanbieden van losse feiten, maar ook op het ontwikkelen
van samenhangende begrippen. Hiermee kunnen leerlingen vervolgens
natuurverschijnselen begrijpen en verklaren (Smits, 2020). Onderzoek laat
zien dat leerlingen al vóór formeel onderwijs uitgebreide ideeën hebben
over de natuur. Deze ideeën worden vaak weergegeven als pre- en
misconcepten. Ze zijn logisch vanuit de belevingswereld van het kind,
maar wijken af van wetenschappelijk geaccepteerde verklaringen
(Boersma et al., 2009). Goed natuuronderwijs sluit daarom aan bij deze
bestaande denkbeelden en gebruikt dit als start voor verdere
ontwikkeling.
Pre- en misconcepten
Preconcepten ontstaan uit ervaringen uit de beleving van het kind. Zij
redeneren bijvoorbeeld dat zware voorwerpen altijd zinken, elektriciteit
‘op raakt’ wanneer een lamp langer brandt of dat planten niet leven
omdat ze niet bewegen. Sommige van deze ideeën zijn lastig te corrigeren
met instructie alleen (Boersma et al., 2009). Onderzoek laat zien dat
misconcepten vaak stabiel zijn; ook na onderwijs blijven leerlingen ze
gebruiken naast formele verklaringen.
Dit vormt een goede basis om een les te starten. Omdat pré- en
misconcepten vaak stabiel zijn, is het belangrijk onderwijs te geven
waarin leerlingen actief worden geconfronteerd met hun eigen ideeën en
ruimte krijgen om deze te onderzoeken. Door de lessenserie te beginnen
met het ophalen van voorkennis krijgt de leerkracht inzicht in het denken
en redeneren van de leerlingen, waardoor instructie en begeleiding beter
kunnen passen bij de leerlingen. Voor leerlingen is het dan weer voordelig
voor de bewustwording van hun eigen ideeën en ontstaat spanning
wanneer ideeën worden bevraagd of niet blijken te kloppen. Dit zorgt voor
nieuwsgierigheid en vormt een belangrijke drijfveer voor leren, doordat
leerlingen gemotiveerd raken om hun denken bij te stellen.
Betekenisvol onderwijs
Betekenisvol (natuur)onderwijs is onderwijs dat aansluit bij de
belevingswereld van leerlingen, door herkenbare situaties. Alledaagse
dingen als drijven of zinken, schaduwen of het groeien van planten zijn
een goede context om nieuwe informatie op te doen. Juist omdat
leerlingen hier al iets over weten, ontstaat er een natuurlijke spanning
tussen wat zij denken te weten en wat ze waarnemen tijdens onderzoek
(Van Galen & Oosterwaal, z.d.).
Betekenisvol leren vraagt om een lesopbouw waar leerlingen niet alleen
observeren, maar ook verklaringen formuleren en deze toetsen met die
van anderen. Dit proces draagt bij aan diepere begripsvorming en helpt
verbanden te leggen.
3