Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting - Anatomie Fysiologie Pathologie (AFP) LUK 2

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
78
Geüpload op
16-03-2026
Geschreven in
2025/2026

In deze samenvatting staan 60 leerdoelen uitgeschreven over de anatomie, fysiologie en pathologie over het ademhalingsstelsel, spijsverteringskanaal en urinewegstelsel. Er is gebruik gemaakt van afbeeldingen zodat het duidelijker is. Deze samenvatting gaat over de stof van luk 2 voor de opleiding verpleegkunde en het vak AFP. Er zijn 78 bladzijdes, waar elke leerdoel weer op een nieuwe bladzijde begint zodat er een duidelijk overzicht is.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

AFP toetsing luk 2

1,Je kunt de anatomie van het urinewegstelsel toelichten en in een afbeelding de
verschillende onderdelen herkennen.
BLZ 202
Het urinewegstelsel zorgt voor het verwijderen van
afvalstoffen uit het bloed en helpt de samenstelling
van het bloed constant te houden (homeostase).
Stoffen die ontstaan bij stofwisseling kunnen
schadelijk worden als ze zich ophopen, dus moeten
ze via het bloed naar de nieren worden gebracht en
uitgescheiden. Ook tijdelijke aanwezige stoffen uit het
spijsverteringskanaal kunnen het bloed beïnvloeden

De nieren of renes zijn 2 boonvormige organen die
hoog achterin de buikholte liggen, retroperitoneaal en
beschermd door ribben en spieren. De linker nier ligt
meestal iets hoger dan de rechter.
Aan de holle zijde zit het nierhilum (nierpoort), waar
bloedvaten, zenuwen en lymfevaten de nier
binnenkomen en verlaten, en waar de urineleider
begint. Boven op de nieren liggen de glandulae
suprarenales (bijnieren), die belangrijke hormonen
produceren.
Bijnieren en nieren zijn omgeven door steunvet →
perirenaal vet. Rondom
het perirenale vet ligt een stevige bindweefselmantel →
fascia renalis.
De Glandulae suprarenales en de fascia renalis beschermen tegen
stoten/schokken.




Nierkapsel: buitenste laag van de nieren, een dun stevig
bindweefselkapsel.
Het nierweefsel bestaat uit de cortex (schors, het gespikkelde
weefselgebied dat onder het nierkapsel ligt) en tussen en binnen de
schors ligt de medulla (merg). De merggebieden hebben de vorm
van stompe kegels en worden mergpiramiden genoemd. De strepen
doen denken aan een stralenkrans en worden daarom mergstralen
genoemd. De punt van elke mergpiramide wordt de nierpapil
genoemd. Bij zo’n nierpapil monden 3 tot 6 mergpiramiden uit in een
holte: calix (nierkelk). De nierkelken monden uit in de nier: het
pyelum (nierbekken), ook pelvis genoemd. Het pyelum (nierbekken)
gaat over in de ureter (urineleider).

,a.renalis is een nierslagader → is een korte/wijde aftakking van de aorta
abdominalis. De a.renalis vertakt ter hoogte van de nierhilum in kleine arteriën,
die langs het nierbekken en rond de nierkelken het nierweefsel binnengaan. Als
interlobaire arteriën lopen er vertakkingen langs de randen van de mergpiramiden naar de
oppervlakkige schorslaag. De aftakkingen lopen in een boog over de basis van de piramiden
en worden de arteriae arcuatae (boogbacteriën) genoemd. Vertakkingen hiervan dringen het
merg en het schors weefsel binnen. Deze kleine bloedvaatjes heten interlobaire arteriën.




Ze geven arteriolen (kleine slagaders) af die in de schors en het merg een arteriële portale
circulatie (een cappilairnetwerk tussen 2 arteriolen) vormen.

,2.Je kunt de processen die leiden tot de vorming van urine beschrijven en weet hoe
de urinelozing tot stand komt.

Nefronen zitten in de nieren. Van bloed wordt daar urine gemaakt. .De vorming van urine
gebeurt in drie stappen: ultrafiltratie, terugresorptie en excretie.

1. ultrafiltratie, vindt plaats in het kapsel van Bowman en de glomerulus, samen het
malpighilichaampje genoemd. Bloed komt via de aders de glomerulus binnen en staat
daaronder vrij hoge druk. Hierdoor kan het plasma en kleine stofjes erdoor heen =
ultrafiltratie. Grote moleculen zoals eiwitten en bloedcellen blijven in het bloed, terwijl water
en kleine opgeloste stoffen worden doorgelaten. Wat overblijft in het kapsel holte heet
voorurine. Het bloed wordt met een bepaalde druk door het endotheel gedrukt = filtratiedruk.

2. terugresorptie. Het doorloopt een tunnelsysteem en er kunnen dingen worden
teruggehaald naar het bloed (reabsoptie). Dit is een selectief en actief transport. Het eerste
stukje van het tunnelsysteem heet de proximale tubulus. Daarna de lis van Henle en daarna
de distale tubulus. En dan komt het tunnelsysteem uit op de verzamelbuis, waar meerdere
nefronen op aansluiten. In de proximale tubulus wordt het grootste deel van het water, alle
glucose, aminozuren en een grote hoeveelheid zouten weer opgenomen in het bloed.

3. excretie. worden in de distale tubulus en verzamelbuis extra ongewenste stoffen actief uit
het bloed verwijderd en aan de urine toegevoegd. Dit gaat bijvoorbeeld om kalium,
waterstofionen (voor de zuurgraad van het bloed), geneesmiddelen en andere afvalstoffen.
Zo bepalen de nieren heel precies de uiteindelijke samenstelling van de urine.

De gevormde urine stroomt vanuit de verzamelbuizen naar de nierpapillen, vervolgens naar
de nierkelken en het nierbekken, en daarna via de ureters naar de blaas. In de blaas wordt
urine opgeslagen totdat het lichaam klaar is om te plassen.

De urinelozing, ook wel mictie genoemd, komt tot stand door de mictiereflex →
ontstaat als de blaas ongeveer 300 ml urine bevat. Er gaan dan signalen naar de
hersenen, waardoor je de aandrang voelt om te gaan plassen. Met de uitwendige
sluitspier kan je je plas ophouden. Wanneer je besluit te plassen, ontspant de
uitwendige sluitspier bewust, terwijl de inwendige sluitspier reflexmatig opent.
Tegelijkertijd trekt de detrusorspier samen, waardoor urine via de urethra het
lichaam verlaat.

, 3.Je kunt de bouw en de verschillende functies van de nieren benoemen.
De functies van de nieren:
- Afvalstoffen uitscheiden
- Osmoseregulatie (hormonen)
- Regeling van de zuurgraad.
- Regeling van de zuurgraad.
pH is de maat voor de concentratie van waterstofionen (H+).
-Een lage pH heeft veel H+ ionen en een hoge zuurgraad.
-Een hoge pH is weinig ionen en een lage zuurgraad.
Het constant houden van de pH is
belangrijk voor een optimale werking van
enzymen.




Het bloed wordt zuurder wanneer de reactie naar rechts verloopt en meer basisch als de
reactie naar links verloopt. Dus als de reactie naar rechts loopt zal het inwendige milieu
verzuren. De nieren gaan ook deze verzuring tegen. Ze scheiden H+ uit, door H+ te binden
aan NH3+ tot NH4+. Deze samenstelling wordt samen met Cl- uitgescheiden. De nieren
kunnen ook minder of meer HC03- (en daarmee H=) uitscheiden, afhankelijk van een hoge
of lage zuurgraad van het bloed.

- Invloed op de aanmaak van erytrocyten (rode bloedcellen) en daarmee op het
zuurstofgehalte van het bloed.
Wanneer het bloed te weinig zuurstof bevat. Reageert het nierweefsel met een
verhoogde afgifte van het hormoon erytroëtine (epo). -> stimuleert de aanmaak van rode
erytrocyten in het rode beenmerg, waardoor er meer zuurstof aan kan worden gebonden
en het zuurstofgehalte stijgt. Ook bij lage zuurstofdruk (in de bergen) . Is het
genormaliseerd dan wordt de epo afgifte geremd. Van de totale hoeveelheid erytropiëne
nemen de nieren 85% en de lever 15% voor hun rekening.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
16 maart 2026
Aantal pagina's
78
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$8.99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
tessvogelaar

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
tessvogelaar Hogeschool Rotterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
2 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
2
Laatst verkocht
-

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen