Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting basiskennis geschiedenis 2026 - PABO toelatingstoets

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
64
Geüpload op
16-03-2026
Geschreven in
2025/2026

Hierbij een samenvatting van alle stof die je nodig hebt voor de toelatingstoets geschiedenis voor de PABO. Ik zorg ervoor dat dit document continu bijgewerkt wordt, zodat de informatie altijd up-to-date is en gebruikt kan worden voor de toets. Ik verkoop ook nog een document met 150 oefenvragen, ook in bundel beschikbaar. Verder verkoop ik ook samenvattingen en oefenvragen voor alle andere toelatingstoetsen (rekentoets (RWT), aardrijkskunde en natuur en techniek), ook goedkoop in bundel te verkrijgen!

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting basisboek geschiedenis
PABO toelatingstoets

,Inhoudsopgave
1 Tijd van jagers en boeren (> 3000 v. Chr.) ................................................................................4
1.1 Jager-verzamelaars.........................................................................................................4
1.2 De overgang van jagen en verzamelen naar landbouw ......................................................4
1.3 Religieuze uitingen: grottekeningen, beeldjes en grafgiften ...............................................5
1.4 De bronnen van dit tijdvak...............................................................................................5
2 Tijd van Grieken en Romeinen (3000 v. Chr.-500 na Chr.) .........................................................6
2.1 De eerste beschavingen: het ontstaan van stadstaten......................................................6
2.2 Het Romeinse Rijk ..........................................................................................................6
2.3 Religie bij Grieken, Romeinen en Germanen .................................................................. 10
2.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 10
3 Tijd van monniken en ridders (500-1000) .............................................................................. 12
3.1 Leven van het land........................................................................................................ 12
3.2 Het Frankische Rijk ....................................................................................................... 12
3.3 De verspreiding van twee religies .................................................................................. 13
3.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 14
4 Tijd van steden en staten (1000-1500) .................................................................................. 15
4.1 Nederzettingen groeien uit tot steden ............................................................................ 15
4.2 Middeleeuwse vorsten .................................................................................................. 16
4.3 De plaats van de kerk in de samenleving ........................................................................ 16
4.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 17
5 Tijd van ontdekkers en hervormers (1500-1600) .................................................................... 18
5.1 De ontdekkers .............................................................................................................. 18
5.2 In opstand tegen een groot rijk ...................................................................................... 19
5.3 De hervormers ............................................................................................................. 20
5.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 21
6 Tijd van regenten en vorsten (1600-1700) ............................................................................. 22
6.1 De Gouden Eeuw.......................................................................................................... 22
6.2 De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden ............................................................ 25
6.3 Een tolerante Republiek ................................................................................................ 28
6.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 29
7 Tijd van pruiken en revoluties (1700-1800) ............................................................................ 30
7.1 Het einde van de economische bloei ............................................................................. 30
7.2 Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden wordt Bataafse Republiek ......................... 30
7.3 De verlichting ............................................................................................................... 32



2

, 7.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 33
8 Tijd van burgers en stoommachines (1800-1900) .................................................................. 34
8.1 Late industrialisatie van Nederland ............................................................................... 34
8.2 Nederland een deel van Frankrijk en een deel van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden
......................................................................................................................................... 37
8.3 Nieuwe idealen ............................................................................................................ 40
8.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 42
9 Tijd van de wereldoorlogen en Holocaust (1900-1945) .......................................................... 44
9.1 De economische crisis tussen de wereldoorlogen ......................................................... 44
9.2 De wereldoorlogen ....................................................................................................... 45
9.3 Totalitaire regimes, het geloof in een ‘leider’ .................................................................. 52
9.4 De bronnen van dit tijdvak............................................................................................. 54
10 Tijd van televisie en computer (1945-heden) ................................................................... 55
10.1 Van wederopbouw tot welvaart ................................................................................... 55
10.2 Nederland een deel van de wereld .............................................................................. 59
10.3 Een veranderend religieus en ideologisch landschap ................................................... 61
10.4 De bronnen van dit tijdvak ........................................................................................... 62
11 Wat is geschiedenis?......................................................................................................... 63
11.1 Een beeld van een gebeurtenis in het verleden ............................................................. 63
11.2 Het gebeuren ............................................................................................................. 63
11.3 De bronnen ................................................................................................................ 63
11.4 De historicus .............................................................................................................. 64
11.5 Het beeld ................................................................................................................... 64




3

,1 Tijd van jagers en boeren (> 3000 v. Chr.)
De prehistorie is het tijdvak van vóór het bestaan van schriftelijke bronnen. In het Midden-
Oosten eindigde de prehistorie rond 3000 v. Chr., toen daar de eerste teksten werden
geschreven. Het einde van de prehistorie verschilt echter wereldwijd. In West-Europa (en dus in
Nederland) eindigde dit tijdperk pas rond 50 v. Chr., toen de Romeinen de techniek van het
schrijven met zich meebrachten.


1.1 Jager-verzamelaars
De menselijke geschiedenis begon in Afrika. Vanuit daar migreerde de homo sapiens (de
moderne mens) zo'n 150.000 jaar geleden in kleine groepjes richting het Midden-Oosten,
vermoedelijk op zoek naar nieuwe voedselgebieden. Ongeveer 35.000 tot 40.000 jaar geleden
bereikten zij het gebied dat we nu kennen als Europa.
Jagen en verzamelen is de alleroudste vorm van het menselijk bestaan. Deze mensen leefden
nomadisch: ze hadden geen vaste woonplaats, maar trokken voortdurend achter het
rondtrekkende wild aan. In Europa was dit overleven een stuk lastiger dan in Afrika. Er waren
sterke seizoenswisselingen en ijstijden (glacialen), waardoor de jagers moesten leren het
trekgedrag van dieren te analyseren en voedselvoorraden aan te leggen voor de winter. Tussen
12.000 en 8000 v. Chr. was een groot deel van Noord- en West-Europa bedekt met ijs of koude
toendra's. Hier jaagden de zogenoemde rendierjagers. Vuur was hun belangrijkste hulpmiddel
om warm te blijven, roofdieren op afstand te houden en voedsel te bereiden. Gereedschappen
en wapens maakten zij van hout, botten en vooral vuursteen, omdat dit makkelijk scherp te
maken was door er scherven vanaf te slaan.
Vanaf 8000 v. Chr. werd het warmer in Europa. De rendieren trokken naar het koudere noorden.
Vanaf 7000 v. Chr. was er lokaal voldoende voedsel aanwezig, waardoor de jagers in West-
Europa minder ver hoefden rond te trekken. Naast de jacht werd er in de lente gevist (met
boomstamkano's en visfuiken) en verzamelde men in de herfst noten en vruchten. Dit waren de
eerste tekenen van een transitie naar een agrarische cultuur.


1.2 De overgang van jagen en verzamelen naar landbouw
De eerste echte boeren leefden al rond 10.000 v. Chr. in het Midden-Oosten, in een gebied dat
bekendstaat als de Vruchtbare Halvemaan. Omdat hier natuurlijke graanvelden groeiden,
begonnen mensen gewassen in te zaaien en dieren te temmen. Met de komst van deze boeren
spreken we van de agrarische revolutie. Het bestaan veranderde drastisch: mensen hoefden niet
meer rond te trekken en vestigden zich permanent.
Omdat de landbouw voldoende voedsel opleverde, hoefde niet iedereen meer op het land te
werken. Dit leidde tot specialisatie: sommige mensen werden bijvoorbeeld pottenbakker, wever
of metaalbewerker. De revolutie had echter ook nadelen, zoals gronderosie en het ontstaan van
nieuwe ziektes die afkomstig waren van het vee. Vanuit het Midden-Oosten verspreidde de
landbouw zich naar Europa, waarschijnlijk door een gebrek aan vruchtbare grond voor de
groeiende bevolking.
In West-Europa ontwikkelden zich specifieke landbouwculturen. Rond 5300 v. Chr. vestigde de
bandkeramiekcultuur zich in Zuid-Limburg. Zij kozen voor de vruchtbare, makkelijk bewerkbare
lössgrond en stonden bekend om de opmerkelijke bandversieringen op hun aardewerk. Tussen
3400 en 2850 v. Chr. vestigde de trechterbekercultuur zich boven de grote rivieren in Nederland.

4

,Naast de stenen werktuigen ontdekte men later het gebruik van metaal. Eerst gebruikte men
koper, maar dat bleek te buigzaam. Door koper te mengen met tin ontstond rond 2100 v. Chr. het
veel hardere brons. Vanaf 700 v. Chr. werd de overstap gemaakt naar ijzer, een grondstof die in
Europa ruimschoots aanwezig was en veel sterker bleek, ondanks de uitdaging dat voor het
smelten ervan extreem hoge temperaturen nodig waren.


1.3 Religieuze uitingen: grottekeningen, beeldjes en grafgiften
Dat de mensen in de prehistorie religieus besef hadden, blijkt uit verschillende archeologische
vondsten. De trechterbekercultuur plaatste haar overledenen bijvoorbeeld in grote stenen
grafkelders: de hunebedden. De doden kregen grafgiften mee, zoals trechtervormige potten,
sieraden en wapens, wat wijst op een geloof in een leven na de dood. Daarnaast zijn in Spanje en
Frankrijk prachtige grottekeningen gevonden, en werden er kleine beeldjes opgegraven die
vermoedelijk een religieuze of rituele functie hadden.


1.4 De bronnen van dit tijdvak
Omdat er geen schrift bestond, komt al onze kennis over dit tijdvak uit ongeschreven bronnen
(bodemsporen). Archeologen bestuderen overblijfselen zoals botten, potscherven en
vuurstenen werktuigen. Verkleuringen in de grond (zoals paalsporen) verraden waar hutten
hebben gestaan. Ook haalt men kennis uit de culturele antropologie, waarbij natuurvolkeren in
de moderne tijd (zoals Papoea's of Eskimo's) worden bestudeerd om de leefwijze van
prehistorische jager-verzamelaars beter te begrijpen.




5

,2 Tijd van Grieken en Romeinen (3000 v. Chr.-500 na
Chr.)
Dit tijdvak staat in het teken van de Oudheid, waarin de landbouwsamenlevingen uitgroeiden tot
de eerste grote beschavingen en stadstaten, gedomineerd door de Grieken en de Romeinen.


2.1 De eerste beschavingen: het ontstaan van stadstaten
Tussen 3000 en 600 v. Chr. ontstonden de eerste stadstaten in het Midden-Oosten, langs grote
rivieren zoals de Eufraat, Tigris en de Nijl. De landbouw leverde hier zo veel voedsel op dat
mensen zich massaal konden specialiseren. Er ontstond een gelaagde samenleving met
ambachtslieden voor massaproductie van wapens, een leger om het land te beschermen
(waarbij vaak een kwart van een overwonnen bevolking tot slaaf werd gemaakt) en een koning
met ambtenaren voor het bestuur. Om een goede oogst af te dwingen werden er tempels
gebouwd waar priesters in contact stonden met de goden.
Om de samenleving te organiseren, werden er belastingen geïnd. Ambtenaren hielden hun
voorraadadministratie bij met pictogrammen op kleitabletten. Dit groeide uit tot de allereerste
geschreven teksten en wetten ter wereld. In het huidige Griekenland ontstonden tussen 800 en
300 v. Chr. invloedrijke stadstaten zoals Athene, Sparta en Thebe, die zich door kolonisatie
steeds meer op de handel gingen richten. Athene is historisch enorm belangrijk: hier liggen de
wortels van de democratie, de filosofie, de natuurwetenschappen en de kritische
geschiedschrijving.


2.2 Het Romeinse Rijk
De stadstaat Rome groeide door vele veroveringen uit tot een groot rijk dat bestond van ongeveer
270 v.Chr. tot 476 n.Chr. In dit rijk werden veel elementen van de Griekse cultuur overgenomen,
zoals religie, wetenschap en bouwkunst. Daarom spreken historici vaak van de Grieks
Romeinse cultuur.
Het huidige Nederland lag aan de noordelijke grens van het Romeinse Rijk. De rivier de Rijn
vormde lange tijd de natuurlijke grens van het rijk.

Kaart van het Romeinse Rijk op het hoogtepunt




6

,Rome: het centrum van een wereldrijk
Het centrum van het Romeinse Rijk was de stad Rome. Deze stad ontstond rond 750 v.Chr. uit
een aantal kleine nederzettingen. De inwoners van Rome begonnen al snel het omliggende
gebied te veroveren. Rond 270 v.Chr. hadden zij heel Italië onder hun controle. Daarna breidden
de Romeinen hun macht verder uit en veroverden zij het gebied rond de Middellandse Zee.
Later trokken de Romeinen ook naar Noordwest-Europa. Rond 50 v.Chr. bereikten zij de Lage
Landen. Het leger stond toen onder leiding van Julius Caesar. Zijn opvolger werd Caesar
Augustus, die van 27 v.Chr. tot 14 n.Chr. regeerde en de eerste keizer van het Romeinse Rijk
werd.
Onder Augustus begon een periode van stabiliteit en welvaart. Deze periode duurde tot ongeveer
250 n.Chr. en staat bekend als de Pax Romana (de Romeinse Vrede).
Het rijk werd voor een groot deel begrensd door natuurlijke grenzen:
• in het zuiden lag de Sahara
• in het noorden de rivieren Rijn en Donau
• in het westen de Atlantische Oceaan
• in het oosten bergketens zoals de Kaukasus
Waar geen natuurlijke grenzen aanwezig waren, bouwden de Romeinen verdedigingswerken,
zoals muren. Bekende voorbeelden zijn de muur in Noord-Engeland en verdedigingslinies tussen
de Rijn en de Donau.

De organisatie van het Romeinse Rijk
De Romeinen waren niet alleen succesvolle veroveraars, maar ook sterke organisatoren. Het
bestuur van het rijk was efficiënt ingericht.
De veroverde gebieden werden provincies genoemd. In deze provincies golden overal dezelfde
wetten. Rechtbanken hielden toezicht op de naleving daarvan. Het leger zorgde voor rust en
veiligheid, waardoor handel mogelijk werd.
Om het leger snel te kunnen verplaatsen, legden de Romeinen een uitgebreid netwerk van
wegen aan. Langs deze wegen stonden mijlpalen die als wegwijzers dienden.
Ondanks de vele verschillende volkeren in het rijk waren er belangrijke overeenkomsten:
• Latijn werd de gemeenschappelijke taal
• het Romeinse schrift werd overal gebruikt
• hetzelfde muntstelsel gold in het hele rijk
Door deze ontwikkelingen namen veel inwoners Romeinse gewoonten over. Dit proces wordt
romanisering genoemd. Veel mensen gingen zich zelfs Romeinse burgers voelen.

Slaven en handel
In het Romeinse Rijk werd veel gebruikgemaakt van slavenarbeid. Ongeveer een kwart van de
bevolking bestond uit slaven. Vaak waren dit mensen uit veroverde gebieden die gevangen waren
genomen.
Slaven verrichtten zwaar werk in bijvoorbeeld steengroeven en zoutmijnen, maar konden ook als
huisslaaf werken, bijvoorbeeld in het huishouden of bij de opvoeding van kinderen.
Daarnaast werd er op grote schaal handel gedreven binnen het rijk. Hierdoor ontstonden veel
nieuwe steden. Romeinse steden werden volgens een vast plan gebouwd.
Kenmerken van Romeinse steden waren onder andere:
• een schaakbordpatroon van rechte straten
• een centraal plein (forum) met tempels en een basilica
• stadsmuren met torens, poorten en grachten
• gebouwen met mozaïekvloeren

7

, • triomfbogen ter ere van overwinningen van keizers
Ook werd er aandacht besteed aan ontspanning. Zo bouwden de Romeinen badhuizen
(thermen), theaters en amfitheaters waar bijvoorbeeld gladiatorengevechten plaatsvonden.
Bij grote bouwwerken maakten de Romeinen vaak gebruik van boogconstructies. Deze techniek
zorgde voor stevige gebouwen en bespaarde materiaal.
Rond het jaar 100 n.Chr. had de stad Rome ongeveer één miljoen inwoners.

De ondergang van het West-Romeinse Rijk
Het West-Romeinse Rijk ging uiteindelijk ten onder door verschillende oorzaken.
Een belangrijk probleem was de opvolging van keizers. Veel keizers stierven door geweld, en
regelmatig ontstonden er machtsstrijd en burgeroorlogen.
Daarnaast kwamen de grenzen van het rijk vanaf ongeveer 250 n.Chr. steeds meer onder druk te
staan door grote volksverhuizingen. Mogelijk speelden klimaatveranderingen hierbij een rol.
Nomadische volken zoals de Hunnen trokken vanuit Midden-Azië naar het westen en bereikten
uiteindelijk de grenzen van het Romeinse Rijk.

Ook de economie verslechterde. De belastingen moesten worden verhoogd om het leger te
kunnen versterken, wat voor economische problemen zorgde.
In 395 n.Chr. werd het rijk daarom opgesplitst in twee delen:
1. het West-Romeinse Rijk met Rome als
hoofdstad
2. het Oost-Romeinse Rijk met
Constantinopel als hoofdstad
Beide delen kregen een eigen keizer.




In 402 n.Chr. trok het West-Romeinse leger zich
terug van de grenzen om de stad Rome te
beschermen. Hierdoor konden Germaanse volken het rijk gemakkelijker binnendringen.
In 476 n.Chr. werd de laatste West-Romeinse keizer afgezet. Daarmee kwam er een einde aan
het West-Romeinse Rijk.
Het Oost-Romeinse Rijk bleef nog bijna duizend jaar bestaan. In 1453 werd de hoofdstad
Constantinopel veroverd door het Ottomaanse Rijk. De stad kreeg daarna de naam Istanbul.

De Lage Landen aan de rand van het Romeinse Rijk
De Romeinse invloed in de Lage Landen werd vooral bepaald door het leger dat de grens moest
verdedigen.
Rond 50 v.Chr. verschenen de eerste Romeinse soldaten uit het leger van Julius Caesar in dit
gebied. Rond 12 v.Chr. hadden de Romeinen het gebied langs de grote rivieren in handen.
De Germaanse bewoners maakten hierdoor kennis met de Grieks-Romeinse cultuur. De
Romeinse samenleving, met steden en georganiseerde landbouw, verschilde sterk van de
Germaanse samenleving die vooral uit dorpen bestond en geen steden kende.
De Romeinen bleven ongeveer vierhonderd jaar in het gebied. Omdat het echter een
grensgebied was, was hun invloed kleiner dan bijvoorbeeld in Frankrijk of Spanje.
Toen het Romeinse bestuur uiteindelijk verdween, raakten wegen en bruggen in verval doordat ze
niet meer werden onderhouden. Ook verdwenen grote boerderijen en stedelijke nederzettingen.


8

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
16 maart 2026
Aantal pagina's
64
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$8.35
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
bryancuperus Hanzehogeschool Groningen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
4390
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
3516
Documenten
61
Laatst verkocht
20 uur geleden
Samenvattingen Bryan Cuperus

Ik ben een 25 jarige man die het leuk vindt om dingen te schrijven. Ik heb Bedrijfseconomie gestudeerd aan de Hanzehogeschool in Groningen (met een cum laude propedeuse). Voor elk vak heb ik samenvattingen gemaakt en geüpload op Stuvia. Ook samenvattingen van alle andere examens/tentamens die ik zal gaan maken komen op Stuvia, zoals auto theorie, vaarbewijs en WFT-Basis. Ik hoop dat jullie er wat aan hebben!

3.8

1162 beoordelingen

5
311
4
479
3
267
2
52
1
53

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen