Inleiding..................................................................................................................................................2
Vraag- en aanbodtheorie........................................................................................................................4
Consumententheorie..............................................................................................................................9
Grossman model..................................................................................................................................13
Producententheorie.............................................................................................................................16
Marktvormen.......................................................................................................................................20
Economische evaluaties.......................................................................................................................23
Curatieve markt....................................................................................................................................26
Langdurige zorgmarkt...........................................................................................................................31
Voeding................................................................................................................................................35
,Inleiding
Gezondheidseconomie definitie:
Vakgebied dat zich bezighoudt met economische determinanten gezondheid, en werking van de
gezondheidszorgmarkt (GZM) en o.a. het bestuderen van gedrag van de belangrijke actoren op de
GZM en de interactie daartussen.
Belangrijkste actoren op de gezondheidsmarkt:
- Zorgaanbieder
- Patiënten / zorgconsumenten
- Zorgverzekeraars
- Overheid
Binnen de gezondheidszorgmarkt is er interactie van deze actoren:
De interactie tussen de actoren zorgt ervoor dat de gezondheidszorg anders is dan een normale
markt. Op de zorginkoopmarkt vindt de betaling plaats, er is dus een indirecte betaling voor het
consumeren van zorg via de verzekeringspremie waardoor je als consument geen prijs meer ervaart
voor de zorg die je consumeert. Daarnaast is de zorg geen doel op zich, maar je wil gezond worden.
Vraag is dus een vraag naar gezondheid niet naar zorg.
Gezondheidseconomie is een apart vak vanwege de verschillende markten en een aantal specifieke
kenmerken:
1. Onzekerheid en asymmetrie
2. Uitschakeling van het prijsmechanisme
3. Aanbieders met verschillende petten
4. Aanbodgeïnduceerde vraag
5. Heterogeniteit van het product
6. Moral hazard
7. Kosten voor baten
8. Externe effecten
9. Solidariteit
10. Ethische vraagstukken
, Aandeel GZM in totale economie:
- Kosten in GZM hebben groot aandeel in BBP => beslissingen hebben steeds meer een
economisch karakter + verdringingseffect.
- Efficiënt produceren van GZ is net zo belangrijk als in andere sectoren.
- “Opportuniteitskosten” (De “kosten” van het beste alternatief) worden steeds belangrijker.
Door de toename van het aandeel van de GZM in de totale economie moet het aandeel van de
beroepsbevolking op de GZM toenemen. Ook heeft de toename consequenties voor inkomens
doordat er een groter deel van het inkomen naar zorg gaat en dus niet voor andere zaken gebruikt
kan worden.
Belangrijke verschillen tussen GZM en andere markten:
1) Informatie is beperkt en ongelijk verdeeld Zorgaanbieders hebben informatievoorsprong
2) Prijzenmechanisme grotendeels uitgeschakeld door:
a. Privé zorgverzekering en sociale verzekering
b. Overheidsingrepen
c. Geen keuzemogelijkheid (Stel dat je erg veel pijn hebt of hartinfarct krijgt: (Bijna)
niemand kijkt naar de prijs!)
3) Aanbieders met verschillende rollen en belangen
Belangenbehartiger van de patiënt, maar ook eigen economische belangen. Door
informatieasymmetrie is deze relatie ongunstig
4) Aanbod geïnduceerde vraag: in hoeverre wordt vraag beïnvloed door het aanbod?
5) Heterogene producten
6) Moral hazard: bedrag wordt beïnvloed door het ontbreken van een prijs (wat doe je als je ER
op is aan het einde van het jaar?)
7) Kosten gaan voor de baten uit (bv. bij preventie)
8) Externe effecten (bv. vaccinatie wel of niet vaccineren kan leiden tot wel of geen
groepsimmuniteit)
9) Solidariteit (bereid te betalen voor iets wat je mogelijk niet gebruikt om ook andere toegang
te bieden)
10) Ethische vraagstukken
-