1. Gegeven: Volgens de statuten van Hofland BV, een producent van brillen, kunnen er maximaal
250.000 aandelen worden uitgegeven tegen een nominale prijs van € 250. Van dit aandelenkapitaal
is 40% niet geplaatst. Van het geplaatst aandelenkapitaal is 75% vol gestort (betaald).
Vraag: Hoeveel bedraagt het geplaatst aandelenkapitaal?
a) € 28.125.000
b) € 37.500.000
c) € 46.875.000
d) € 62.500.000
2. Gegeven: Een onderneming moet een investeringsproject beoordelen. De volgende gegevens zijn
bekend over het investeringsproject. De investering in duurzame activa is € 1.500.000 met een
restwaarde van € 150.000. De looptijd van het project is 3 jaar. Na afloop van het project aan het
eind van jaar 3 wordt de duurzame activa verkocht. Er wordt lineair afgeschreven. De winst is naar
verwachting op het eind van het eerste, tweede en derde jaar respectievelijk € 800.000, € 950.000 en
€ 1.050.000. Er hoeft geen rekening gehouden te worden met belastingheffing.
Vraag: Wat is de cashflow aan het einde van jaar 3?
a) € 450.000
b) € 600.000
c) € 1.500.000
d) € 1.650.000
3. Gegeven: Woesthuis verkoopt diverse soorten marmeren stenen. Op jaarbasis worden 250.000
marmeren stenen verkocht. De opslagkosten bedragen € 0,75 per steen per jaar. De bestelkosten per
bestelling zijn € 800.
Vraag: Hoe groot is de optimale bestelgrootte voor de marmeren stenen (afgerond)?
a) 816
b) 16.330
c) 23.094
d) 24.871
, 4. Gegeven: De eenmanszaak van Onno Bijen heeft begin januari jaar Z net zijn eerste jaar achter de
rug. Onno wil graag van je weten wat het resultaat is geweest over het jaar Y. Hij verzamelde alvast de
volgende gegevens voor je:
Beginsaldo debiteuren: €43.000
Eindsaldo debiteuren: €38.000
Ontvangen: €225.000
Afschrijving inventaris: €35.000
Huur pand: €15.000
Inkoopwaarde van de omzet: €80.000
Daarnaast heeft Onno een banklening die op 1 januari jaar Y € 150.000 bedroeg. Over deze lening
moet jaarlijks 3% rente betaald worden. Eind december jaar Y werd er op deze lening € 10.000
afgelost.
Vraag: Wat is het resultaat dat Onno Bijen in jaar Y heeft behaald?
a) € 75.500
b) € 85.500
c) € 90.000
d) € 95.500
5. Vraag: Het totale bedrag waarvoor aandelen kunnen worden uitgegeven, ligt vast in de statuten van
de onderneming en de naam van dit kapitaal is:
a) Het gestort kapitaal
b) Het maatschappelijke kapitaal
c) Het geplaatst kapitaal
d) Het maximum kapitaal
6. Gegeven: Van een investering zijn de volgende gegevensbekend:
Gemiddelde boekhoudkundige rentabiliteit: 7,50%
Restwaarde: €2.500.000
Looptijd: 40 jaar
Jaarlijkse winst: €375.000
Vraag: Hoeveel bedraagt de investering?
a) € 5.000.000
b) € 7.500.000
c) € 10.000.000
d) € 12.500.000